Advertentie

Hebban vandaag

Interview /

Dubbelinterview Tomas Ross en Michael Robotham

De één debuteerde bijna 25 jaar geleden en leverde zojuist zijn zesendertigste thriller af. De ander debuteerde in 2003 en van zijn hand verscheen onlangs de tweede. Voordat hij zijn eerste thriller schreef, kroop hij in het hoofd van bekende sporters en artiesten als ex-Spice Girl Geri Haliwell en zette hij hun levensverhaal op papier. De ander deed jaren onderzoek naar het monster van Loch Ness en haalde – met het boek dat hij hierover schreef – de talkshow van Sonja Barend. Beiden startten hun carrière als journalist. Een ontmoeting tussen de twee populairste misdaadauteurs van uitgeverij De Bezige Bij: Tomas Ross en Michael Robotham.

‘En dat is geen onzin’, vertelt Ross zijn Australische collega. ‘Ik heb zestien jaar van mijn leven verspild aan het monster van Loch Ness! Ik ging mee met Amerikaanse expedities, Japanse expedities. Er moest toch iets zijn...’

Het begin
Het was niet voor niets. Hij schreef een boek over het fenomeen Loch Ness waarmee Ross, toen nog schrijvend onder zijn eigen naam Willem Hogendoorn, in één klap op de nationale televisie verscheen. Ross: ‘Dat was in een tijd dat we nog maar twee zenders hadden. Sonja zat op 2 en het boek werd uit het niets een succes.’
Zijn uitgever, Robert Amerlaan, vroeg hem meteen daarna of hij niet nog meer had liggen. Ross: ‘Ik had ooit een hoofdstuk geschreven over mijn vader die in de jaren veertig aan de basis stond van de Binnenlandse Veiligheidsdienst. Ik liet het hem lezen en hij was enthousiast.’
Honden van het verraad verscheen in 1980, maar wel onder een pseudoniem. Ross: ‘Mijn uitgever vertelde me dat je geen serieuze boeken kon verkopen als je eerst een boek over een monster hebt geschreven. Het werd Tomas Ross.’

Het verhaal van Michael Robotham is van recentere datum, maar niet veel minder indrukwekkend. De Australische journalist werkte in Londen en besloot dat het tijd werd om zijn eigen verhaal op papier te zetten. Daarvoor schreef hij als ghostwriter de levensverhalen van bekende landgenoten. Zo schreef hij ondermeer de autobiografie Ricky Tomlinson en van ex-Spice Girl Geri Halliwell.

De verdenking (The Suspect) was de titel van zijn debuutthriller en werd al wereldwijd verkocht op de eerste 117 pagina’s. Robotham vertelt: ‘Ik snap er nog steeds niets van. Op de London Book Fair (een van de belangrijkste boekenbeurzen in Europa, red.) werd het verhaal al verkocht aan tien uitgevers. Wie koopt er nu een boek waarvan je nog niet weet hoe het afloopt? Sterker nog, niemand wilde weten hoe het verhaal zou eindigen. Zelfs mijn vrouw niet... Dat was best frustrerend.’

Fictie en feiten
Het verlies speelt zich net als zijn voorganger af in de Engelse hoofdstad Londen. Robotham heeft jaren in Londen gewoond en vertelt ons dat hij het eenvoudiger vindt om de Londense sfeer te beschrijven als hij op een afstand zit. Robotham: ‘Ik heb sterk het vermoeden dat ik hier en nu mijn woonplaats in Australië beter kan beschrijven dan dat ik daar zit en uit het raam kijk. Die afstand heb ik wel nodig, al ben ik wel een aantal keren teruggegaan naar Londen voor research. Ik wilde bijvoorbeeld dat in Het verlies de rivier de Theems een belangrijke rol zou spelen, net zoals Dickens dat heeft gedaan. Dit moet je toch weer met eigen ogen bekijken. Ik ben zelfs onder de grond geweest met een groep jongens die illegaal in het rioleringsnetwerk van Londen verblijven. Ook dit komt terug in mijn boek.’

Tomas Ross begrijpt als geen ander het belang van goede research. Hij heeft niet zozeer een hemelsbrede afstand nodig zoals Robotham, maar juist een afstand in tijd. Het is het verleden dat hem boeit. Ross: ‘Ik schrijf factie. Een mix van feiten en fictie. Het is reuze belangrijk dat hetgeen je als feit brengt ook echt waar is. Ik besteed dan ook heel veel tijd aan het doen van onderzoek. Ik bezoek plaatsen, archieven en musea om een goed beeld te kunnen krijgen van de tijd waarover ik schrijf. Ik vind het ook eigenlijk het leukste gedeelte van mijn werk. Spitten in het verleden...’

De boeken van Ross zijn stuk voor stuk behoorlijk succesvol, maar zijn grootste succes kwam vrij recent met De zesde mei, het boek over de moord op Pim Fortuyn. Met dit verhaal, dat hij eigenlijk schreef als filmscenario voor Theo van Gogh, nam de auteur zijn derde Gouden Strop in ontvangst. De prijs voor de beste Nederlandstalige misdaadroman van het jaar 2003. De film verscheen ruim een jaar later en zou tevens één van de laatste producties van Van Gogh zijn, voordat hijzelf op klaarlichte dag van het leven werd beroofd.

De zesde mei was voor mij een lastig boek’ vertelt Ross. ‘De moord op Fortuyn was nog zo kort geleden wat het veel moeilijker maakte om bij de juist bronnen te komen. En iedereen wist inmiddels wel zo’n beetje wat er gebeurd is, dus het complot achter zijn dood moest wel aannemelijk te maken zijn.’

Hoewel de grens tussen feiten en fictie steeds meer lijkt te vervagen met boeken als De Da Vinci Code, houdt Ross zijn ‘gouden regel’ in ere.
‘Mijn verzonnen karakters zullen nooit werkelijk bestaande personen ontmoeten. Dat kan ook niet. Mijn karakters kúnnen prins Bernhard ook helemaal niet ontmoet hebben, want ik heb ze zelf bedacht. De verzonnen en de waargebeurde verhaallijnen zullen altijd naast elkaar en nooit doorelkaar geraken.’

Michael Robotham was niet alleen voor de promotie van Het verlies in Nederland. Zijn volgende boek zal zich ook voor een deel in ons land afspelen, dus ‘research’ stond ook op zijn agenda. Robotham: ‘Ik wil niet dat de Nederlandse lezer mij straks gaat betrappen op onwaarheden, als ik Amsterdam en Rotterdam beschrijf. Ik moet dit dus wel serieus aanpakken. Het zijn vaak de kleine details. Bijvoorbeeld, hoeveel kost een tramrit? En is er überhaupt een tram?’

Overeenkomsten
Naast het hebben van dezelfde uitgever in Nederland en het belang dat ze hechten aan degelijk research, ontdekten Ross en Robotham tijdens het gesprek nog een overeenkomst. Beiden auteurs lezen geen thrillers!
‘Dat is niet helemaal waar’, zegt de Australiër. ‘Ik heb één Patricia Cornwell gelezen, één Grisham, euhm... één Harlan Coben. Ik weet niet waarom, maar het komt er gewoon niet van. Als het te goed is wat ik lees, dan word ik daar alleen maar neerslachtig van. Ik word nooit zó goed, denk ik dan.’

Ook Ross is zelf geen echte thrillerlezer. ‘Ik lees biografieën en historische boeken en stripverhalen als ik zelf aan het schrijven ben.’

Eerder dit jaar verscheen dus Het verlies, de tweede thriller van Michael Robotham. Hoewel we een aantal bekende karakters tegenkomen, is het niet zomaar een tweede deel in een serie. De hoofdpersoon uit zijn succesvolle debuutthriller heeft in het tweede deel slechts een bijrol. Maar de hoofdpersoon is wel een oude bekend uit De verdenking. Moeilijk?
Robotham: ‘Op die manier kan ik steeds in iemand anders hoofd kruipen en de gebeurtenissen anders beleven. In mijn derde boek gaat er weer iemand anders met de hoofdrol van door. Dat houdt het leuk en verrassend.’

Ross begrijpt de keuze van zijn collega zeer goed. ‘In de tijd dat ik begon met schrijven was het heel gebruikelijk om een vaste hoofdpersoon te nemen. Ik koos voor geheimagent Martin Finch. Maar na verloop van tijd heb je het echt gehad met je hoofdpersoon. Dan wil je ’m echt kwijt.’

Het serieconcept is Ross niet helemaal kwijtgeraakt met de trilogie “Voor koning en vaderland” waarvan zojuist het tweede deel, De Anjer Code, verscheen. Ross: ‘Het was eigenlijk helemaal niet de bedoeling om er een serie van te maken. Mijn uitgever wilde graag dat ik een boek schreef over de Slag om Arnhem, precies zestig jaar geleden. Nadat ik me in de materie had verdiept, wist ik het al: dit is teveel voor één boek.’ De dubbelganger verscheen eind vorig jaar en werd het eerste deel in een trilogie.

Meest dierbare boek
Robotham en Ross hebben allebei een speciaal gevoel overgehouden aan hun tweede boek. De Australiër ging bijna ten onder aan de druk.
Robotham: ‘De verdenking was zo’n ongelofelijk succes dat ik bijna niet durfde te beginnen aan een tweede boek. Ik had echt last van een “Tweede Boek Syndroom”. Uiteindelijk blijkt alles dan toch weer goed te komen.’

Tomas Ross had een heel ander gevoel. ‘Na het succes van mijn eerste thriller, was ik ervan overtuigd dat schrijven simpel was. Mijn tweede boek was dan ook zo geschreven, maar werd naast een enorme flop mijn meest dierbare boek...’

Dit interview werd eerder gepubliceerd in het magazine BOEK, juli/augustus 2005.



Over de auteur

Sander Verheijen

937 volgers
446 boeken
23 favoriet
Hebban Crew


Reacties op: Dubbelinterview Tomas Ross en Michael Robotham

 

Over

Tomas Ross

Tomas Ross

Tomas Ross (Den Bommel, 1944) is het pseudoniem van Willem Hogendoorn....

Michael Robotham

Michael Robotham

Michael Robotham (Casino, Nieuw-Zuid-Wales, 1960) is een Australische thrillera...