Advertentie

Het Franse bergdorpje Saint Sylvestre dreigt onder water gezet te gaan worden, omdat er een stuwdam is gebouwd waardoor een groot gedeelte van Frankrijk elektriciteit zal kunnen krijgen. De ouderen willen niet weg, maar de kinderen en jongere volwassenen in het dorp zien het nut wel van elektriciteit en stromend water uit de kraan. Toch zullen ook zij hun vertrouwde omgeving verliezen... Drie kleinkinderen gaan uiteindelijk samen met hun grootvader naar Parijs om te proberen de president te overtuigen.

De oude man, Pépé, waarmee je in de eerste alinea kennismaakt, is de grootvader in een gezin met vier kleinkinderen en hun vader. Hij heeft, sinds de dood van hun moeder, de hele opvoeding overgenomen. Hun vader heeft zich helemaal in zichzelf teruggetrokken. Als hij dan te horen krijgt wat de "hoge heren" met het dorp van plan zijn, is het natuurlijk goed voor te stellen dat hij hier heel boos om wordt. De boerderij waar ze wonen en die hij van zijn vader heeft overgenomen, inclusief dieren en landbouwgrond, komt dan ook onder water te staan.

Vanaf moment één voel je de spanning die er heerst in het Franse bergdorpje. De kinderen zijn enthousiast over stromend water en elektriciteit, wat heel goed te begrijpen is, omdat zij o.a. met emmers water lopen te slepen. Hun grootvader heeft echter zoveel herinneringen aan het dorp en zijn boerderij, dus dan is het veel erger dat alles wat hij kent, onder water gezet gaat worden. Zijn wanhoop drijft hem vaak tot boosheid, maar ook tot verdriet. Hij onderneemt echter ook actie: hij gaat namelijk, samen met drie van zijn kleinkinderen, naar Parijs om daar met de president te spreken. Dit is echt een geval "nee heb je, ja kun je krijgen". Want iemand die president is voor heel Frankrijk, moet toch ook goed voor de inwoners van een bergdorpje zorgen?
Het nieuws van Saint Sylvestre is uitgebreid in de Franse kranten en op de radio besproken, dus iedereen die Jérome en zijn kleinkinderen tegenkomen, weet wel wat er aan de hand is met hun dorp.

Het verhaal volgt voornamelijk de kinderen, met wisselende perspectieven. Meestal is hun grootvader wel in de buurt, maar soms zijn de kinderen namelijk zelf iets aan het doen, zonder hun grootvader. Door deze manier van vertellen, krijg je alle belangrijke gebeurtenissen wel mee. De dingen die andere personages uitspoken, krijgen de kinderen soms vaag te horen.
Er wordt af en toe wel wat Frans gebruikt, maar met brugklas-Frans zijn deze paar woorden en korte zinnen goed te begrijpen. Het is al duidelijk dat dit verhaal zich in Frankrijk afspeelt, maar die paar Franse woordjes passen wel goed in de sfeer van het verhaal.

Sommige verhaallijnen worden niet afgemaakt - bijvoorbeeld die van het geweer dat de kinderen aan het begin van het verhaal gaan verstoppen. Gezien alle gebeurtenissen die volgen, is het logisch dat zoiets vergeten wordt - net als in het echte leven zou kunnen gebeuren.
Het einde is ook heel realistisch, maar daardoor geen gelukkig einde voor iedereen. Je weet dat het goed komt voor de kinderen, maar het doet je wel realiseren hoe snel de wereld kan veranderen. Ze krijgen nieuwe dingen in de plaats, maar ze raken ook dingen kwijt. Of die nieuwe dingen altijd positief uitpakken, weten ze niet zeker. Ze weten alleen zeker wat ze kwijtraken... Dit wordt extra duidelijk op het moment dat ze horen dat veel van de oude boeren samen in een tehuis gezet gaan worden en ze hun boerderijdieren, maar ook de gezelschapsdieren zoals een hondje, niet bij zich kunnen houden. Het wordt ook duidelijk waarom de ouderen zo lang nog op de boerderij konden werken, zonder echt "oud" te worden: ze bleven actief en bezig. Vooral bij Jérome is dit te merken. Op het moment dat die mogelijkheid hem afgenomen wordt, ziet zijn omgeving hem zichtbaar oud worden.

Op de voor- en achterkant van de editie die ik gelezen heb (8e druk, 1985) staat dezelfde tekening van Carl Hollander, met op de voorgrond Jérome en drie van zijn kleinkinderen, waarmee hij samen naar Parijs is gegaan. Op de achtergrond zie je het dorp liggen tussen de bergen, met in de verte de stuwdam.
De tekeningen binnenin zijn door dezelfde illustrator gemaakt, met enkel zwarte lijnen. Een aantal vlakken zijn ingekleurd met zwart, zoals haren, hoeden en bomen, maar grotendeels zijn het alleen lijnen. De tekeningen zijn een beetje realistisch getekend, maar de personages hebben wel iets grotere ogen (ongeveer zoals in de oudere Disneyfilms) en duidelijke neuzen. De personages kijken eigenlijk altijd neutraal/serieus of ze lachen.
De afgebeelde scènes zijn niet vaak de echt belangrijke gebeurtenissen in het verhaal, maar ze geven de niet-zo-vrolijke sfeer wel goed weer.

Het is geen vrolijk boek, omdat je eigenlijk vanaf het begin al weet hoe het waarschijnlijk zal eindigen - de stuwdam is immers al gebouwd...
Toch is het een mooi boek om gelezen te hebben, omdat de generatieverschillen hierin goed worden beschreven.

Reacties op: Moet een heel dorp van de kaart geveegd worden zodat andere mensen makkelijker kunnen leven...?

5
Ze verdrinken ons dorp - An Rutgers van der Loeff - Basenau
Jouw boekenplank Jouw waardering
Jouw recensie   Schrijf een recensie
? Onze partners