Lars Rambe heeft me buitengewoon verrast met zijn debuutthriller ‘Sporen op het ijs’. Fraaie schrijfstijl, subtiele spanning, goede karakter- en sfeertekening, afgeronde verhaallijnen, wat wil je als lezer nog meer?
Rambe legt een schrijversvakmanschap aan de dag waar ik ‘u’ tegen zeg: kundig en nergens gekunsteld, afwijkend van meer gangbare thrillerpatronen met prominente hoofdpersonages en overtrokken actie. Hij doet dat op geheel wijze, in een verteltrant die aan voorlezen doet denken. Even wennen, maar dan is het ook raak: ik zat als het ware gevangen in het verhaal, ‘luisterde’ in volle concentratie, wou er niets van missen.

Journalist Fredrik Gransjö schrijft in 2005 een artikel over een schandaal in 1965, waarbij twee jonge mensen om het leven zijn gekomen. De zaak is onopgelost gebleven, al denkt menig inwoner van de kleine gemeenschap Strängnas precies te weten wat er destijds gebeurd is. Na Frederiks publicatie wordt weer een dode gevonden, waarop de vraag rijst of de gebeurtenissen in 1965 en 2005 wellicht verband met elkaar houden. De verhaallijnen 1965 en 2005 wisselen elkaar voortdurend af en vloeien uiteindelijk naadloos in elkaar over. Het is geenszins storend dat je dat tijdens het lezen aan ziet komen, want Rambe zorgt ervoor dat je niet preciés weet hoe het zit. Hij houdt de lezer scherp, onder andere door hem te dwingen na te denken over het persperctief van waaruit verteld wordt.

Geen boek om doorheen te razen en zo snel mogelijk de plot te bereiken, maar een - wat ik noem - hoelangzamerhoelekkerder-boek. Koppie erbij en genieten!

Reacties op: