Advertentie
    Anne Terwisscha Hebban Recensent

Dat het schrijven van een flaptekst een hele kunst is, wordt bewezen door de achterkant van De zwarte monnik. Het verhaal speelt zich af in Rusland aan het begin van de twintigste eeuw. Nabij een afgelegen kloostergemeenschap ligt een eiland dat plaats biedt aan drie monniken om hun laatste dagen door te brengen (dus niet in omringend woud). Zodra één van de monniken overlijdt, wordt zijn plaats ingenomen door een monnik uit de kloostergemeenschap. Elke dag komt een veerman bij het eiland langs om goederen te bezorgen. De monnik die het langst op het eiland verblijft, wisselt daarbij dagelijks vijf woorden met hem uit (dus geen absolute stilte). De laatste tijd is er nabij de kloostergemeenschap een aantal nachten een spookverschijning gesignaleerd: een zwarte monnik die over het water lijkt te lopen, lichtgevend is en angstaanjagende uitspraken doet. Reden voor de monniken om de hulp in te roepen van de bisschop Mitrofani, die dadelijk iemand stuurt om zich in deze zaak te verdiepen (en dus niet om moorden in het klooster te onderzoeken, want die komen in het boek niet voor).
De zwarte monnik is het tweede boek over de non Pelagia, de beschermelinge van bisschop Mitrofani. Het liefst zou ze zelf het raadsel van de zwarte monnik hebben onderzocht, maar omdat het een mannengemeenschap betreft, stuurt de bisschop eerst andere mensen. Als het met deze mannen slecht afloopt, grijpt zuster Pelagia de gelegenheid om zelf het mysterie van de zwarte monnik op te lossen.
Akoenin heeft met Pelagia een schrandere en doortastende heldin geschapen die niet gauw loslaat. Ze komt in een plaats terecht waar behalve het klooster ook een open inrichting voor psychiatrische patiënten is die gerund wordt door een rijke weldoener. Daardoor komt Pelagia in aanraking met diverse vreemde vogels die allemaal bijdragen aan het bonte karakter van het boek.
De zwarte monnik leest als een puzzeldetective, waarbij op het eind een hele rij van verdachten moet worden afgewerkt voordat uiteindelijk het raadsel is opgelost.
Akoenin is de alwetende verteller in dit verhaal. Hij grijpt in als het nodig is, legt uit waarom hij bepaalde stukken overslaat en neemt de tijd om het een en ander betreffende zijn personages toe te lichten. Akoenin gebruikt afwisselend Russische achternamen en dubbele voornamen en dat maakt het uit elkaar houden van zijn personages enigszins lastig.
Fandorin, de vorige historische reeks van Akoenin, bestaat uit zeven delen. Het is jammer dat hij het aantal boeken met de non Pelagia beperkt heeft tot drie. Zo’n interessante speurder heeft wel meer boeken verdiend.

Reacties op: Schrandere non in puzzeldetective