Anne Terwisscha Hebban Recensent

Declan Hughes heeft er maar haast mee: in dertien maanden tijd verschijnen er drie thrillers van zijn hand met in de hoofdrol Ed Loy. Bij uitgeverij Mynx is nu de eerste in vertaling verschenen.
Toen zijn vader zijn gezin in de steek liet en zijn moeder een minnaar kreeg, verliet Ed Loy Ierland om in Amerika het geluk te zoeken. Na twintig jaar is hij terug in Castlehill, een voorstad van Dublin, om zijn moeder te begraven. Hij wordt meteen overspoeld door het verleden. Een vroegere vriendin weet dat hij in Amerika opsporingen deed naar vermiste mensen en vraagt hem nu onderzoek te doen naar haar bijna 20 jaar jongere man die sinds enkele dagen vermist is. Het onderzoek lijkt hem al snel te betrekken bij een smerig zaakje in de bouwwereld waarbij de onderwereld en de gemeentepolitiek betrokken zijn. Dan worden de eerste lijken gevonden, zelfs één van 20 jaar oud. Ed Loy vermoedt dat dat het lichaam van zijn vader is en komt erachter dat zijn onderzoek zich moet uitbreiden naar wat zich een generatie eerder heeft afgespeeld.
In het debuut van Declan Hughes is nauwelijks voor iets anders ruimte dan voor het onderzoek. Helaas, want alhoewel het plot klopt, is het niet interessant genoeg om het boek boeiend te vinden. Om het boek wel aantrekkelijk te maken, had er meer aandacht moeten zijn voor nevensituaties. De diepgang die de personages nu meekrijgen is net voldoende voor het verhaal. Hughes probeert een beeld weer te geven van Dublin, maar het enige middel dat hij daarvoor gebruikt is een stortvloed aan bijvoeglijke naamwoorden. Het onderzoek op zich zit goed in elkaar, maar in het begin worden er te veel namen genoemd, bijvoorbeeld van alle personen die in de gemeenteraad zitten. Vergeet driekwart van deze namen maar; die komen verder niet meer voor in het boek. Hughes speelt het detectivespel niet eerlijk met de lezer. De ik-figuur komt pas na halverwege het boek met een onthulling die al veel eerder ter sprake had kunnen komen. Het is voor de lezer ook niet te achterhalen wie de dader is. Aan het eind van het boek komen nog allerlei onthullingen die uiteindelijk tot de oplossing leiden. Als dan eindelijk alles achter de rug is komt er op de laatste bladzijden nóg een onthulling die niets met het plot te maken heeft en die zo laat komt, dat het niet het gewenste effect op de lezer heeft. Timing is niet de sterkste kant van Hughes.
Slecht bloed bestaat uit drie delen; elk deel wordt ingeleid met een gecursiveerde tekst waarin iets het thema bloed aan de orde komt. Kennelijk interesseert dit thema Hughes, want zijn twee volgende boeken hebben ook bloed in de titel. De inleidende teksten ademen een duistere geest die helaas niet in het verhaal van de ik-figuur terug te vinden is en daarom ook geen eenheid vormen met dat verhaal. Dat is spijtig. De verwachting wordt wel gewekt maar niet waargemaakt. De drie sterren zijn voor de potentie die het boek heeft. Als Hughes rekening houdt met bovenstaande punten kan hij nog mooie boeken gaan schrijven.

Reacties op: Niet waargemaakte verwachting