Advertentie

In zijn debuutroman, Koud spoor, laat Matthew Hall de lezer kennismaken met Jenny Cooper, rechter van instructie in het Zuid-Engelse Vale district; zeg maar Bristol en omgeving. Zij is tweeënveertig jaar oud en uitermate labiel. Een pot kalmeringstabletten is haar belangrijkste bondgenoot in de strijd met (vooral) het Britse rechtsstelsel; waarvan ook zij deel uitmaakt. Jenny is dus niet bepaald iemand van het type ‘wiens brood met eet, diens woord men spreekt’. Eigenwijs en koppig; zo mag je haar gerust noemen. Als zo’n personage dan bedacht is door iemand die ook nog eens verdraaid goed kan schrijven, weet je dat lezen een kwestie van puur genieten wordt. En dan kijk je meteen na afloop ook al uit naar het volgende boek.
Dat boek is inmiddels verschenen en laat ik maar meteen duidelijk zijn: Matthew Hall heeft me niet teleurgesteld. Sterker nog: De oproep is een ijzersterke thriller. Jenny Cooper zet deze keer haar tanden in een cold case. Of eigenlijk is het dat niet, want voor de politie staat wel vast dat Nazim Jamal en Rafi Hassan, twee jonge moslims die acht jaar geleden spoorloos zijn verdwenen, inmiddels in Afghanistan aan de zijde van Al Qaida vechten. Nazims moeder Amira is echter een andere mening toegedaan. Volgens haar leven de jongens nog of zijn er destijds dingen gebeurd die de autoriteiten per sé verborgen willen houden. Ze werden immers van terroristische activiteiten verdacht. Nadat al haar inspanningen om opheldering te krijgen op niets zijn uitgelopen, is de rechter van instructie haar laatste hoop; die kan een onderzoek instellen om duidelijk te maken of Nazim acht jaar geleden eventueel door geweld om het leven is gekomen. Met dat verzoek klopt zij bij Jenny aan. Die voelt er in eerste instantie weinig voor om op Amira’s smeekbede in te gaan. Het is immers niet bewezen dat Nazim inderdaad om het leven is gekomen en het ontbreekt haar niet bepaald aan werk. Toch besluit zij uiteindelijk een officieel onderzoek te beginnen. Maar dat blijkt niet bepaald een wijs besluit. Jenny’s inspanningen leveren weliswaar genoeg aanwijzingen op die de complot-theorie van Amira Jamal bevestigen – de verdwijning van de beide jongens is inderdaad door de officiële instanties in de doofpot gestopt – tegelijkertijd merkt zij echter dat diezelfde instanties, en dan vooral de geheime dienst, alles in het werk stellen om te voorkomen dat zij na al die jaren het deksel van de doofpot haalt. En dan zijn er nog haar psychosen, die altijd op de loer liggen en haar op de meest ongelegen momenten confronteren met verlammende gevoelens van onzekerheid en angst.

In een goed verhaal hangt alles met alles samen; blijken gebeurtenissen in latere hoofdstukken ongemerkt al eerder te zijn voorbereid en vallen dus geleidelijk alle stukjes van de puzzel op hun plaats. Dat is een blijk van vakmanschap, kun je zeggen, niet minder maar ook niet meer en dat is natuurlijk waar. Maar ik krijg genoeg boeken van gerenommeerde schrijvers onder ogen om te weten dat vakmanschap in die zin nog wel eens wat losjes wordt benaderd; alsof het er niet altijd evenzeer toe doet. Matthew Hall is erin geslaagd die ‘professionele’ nonchalance te beteugelen en dat heeft ertoe geleid dat De oproep een thriller geworden is die de lezer al snel in de wurggreep neemt en hem uiteindelijk, als het boek uit is, niet zomaar loslaat.

De oproep is allereerst een verhaal over verdwijningen: van twee jonge moslims, van een lichaam dat uit het mortuarium wordt ontvreemd, van een jonge vrouw die op de vlucht is
voor een geheimzinnige Amerikaan én de Britse geheime dienst en van een aan lager wal geraakte advocaat. Daarnaast is het natuurlijk een verhaal over Jenny Cooper en haar gevecht met spoken uit het verleden, die voortdurend op de loer liggen om haar beentje te lichten en voorgoed een eind te maken aan haar carrière. Haar strijd ook, opnieuw, met het Britse rechtssysteem, dat soms meer met zichzelf bezig lijkt te zijn dan met het publieke belang.
Het gevaar dreigt wel dat die twee thema’s geleidelijk tot een kunstje verworden, een soort running gag met een te hoge mate van voorspelbaarheid. De enige manier om dat te voorkomen, is te zorgen voor voldoende ontwikkeling. Gelukkig worden Halls fans daarin op hun wenken bediend. Een van de motieven die regelmatig terugkeren, is een angstdroom die Jenny terugvoert naar haar vroegste jeugd. In die droom is onder meer sprake van een zekere Katy. Jenny heeft lange tijd geen flauw idee wie dat geweest kan zijn, tot haar dementerende vader vertelt dat Katy haar nichtje was. Maar wat is er dan met Katy gebeurd, vraagt Jenny.’Dat weet je toch nog wel,’ antwoordt haar vader. ‘Je hebt haar vermoord.’ Perfect.
U begrijpt dat ik weer al uitkijk naar het moment dat Halls derde roman verschijnt.

Reacties op: Matthew Hall levert topprestatie