wat als een soort uitsteltactiek werkt die de spanning zo ver opvoert dat je er als lezer soms gek van wordt.,Goede wijn behoeft geen krans en daarom reageer ik meestal averechts op wervende omslagteksten. Vaak heb ik gelijk en beantwoordt een boek inderdaad zelfs niet bij benadering aan wat de geciteerde ‘deskundigen’ me willen doen geloven. Ik was dus bepaald niet onder de indruk toen de voorkant van Kate Atkinsons roman Een goede daad mij wilde doen geloven dat ik ‘de beste thriller van de afgelopen tien jaar’ in handen had. Dat niemand minder dan Stephen King de loftrompet stak, veranderde daar in eerste instantie weinig aan. En ook deze keer leek ik gelijk hebben. Want de eerste honderd bladzijden is het verhaal ronduit traag. Maar dan begint het op gang te komen en uiteindelijk blijkt Een goede daad een pageturner zonder weerga.
Het verhaal speelt tijdens het wereldberoemde Edinburgh Festival, dat ieder jaar in de maand augustus in de Schotse hoofdstad wordt gehouden. Op een regenachtige dag is een handjevol mensen getuige van een verkeersruzie die uitmondt in een gewelddadige vechtpartij, die voor een van de betrokken automobilisten zeker fataal was afgelopen als niet een van de omstanders bliksemsnel had gereageerd. Nu komt het slachtoffer er nog goed van af. In het ziekenhuis wordt een lichte hersenschudding geconstateerd, een paar builen op zijn hoofd en hij is een vervelende ervaring rijker. Maar aan het eind van de dag mag hij gewoon weer naar huis. Lange tijd – te lang? – lijkt de lezer die op zoek is naar spanning en sensatie, het daarmee te moeten doen. Maar gaandeweg blijkt het incident de katalysator van een reeks spannende gebeurtenissen, waarin voor alle toeschouwers een actieve rol is weggelegd. Van toevallige passanten worden ze hoofdrolspelers in een verhaal waarin alles met alles samenhangt. En – de lezer zij gewaarschuwd – waarin de schijn regelmatig bedriegt.
Atkinson is een betrekkelijke nieuwkomer in de wereld van crimewriting. Zij debuteerde in 1995 met de literaire roman Behind the Scenes at the Museum, waarvoor zij o.a. de Whitbread Award ontving, en veroorloofde zich negen jaar later voor het eerst een – verdienstelijk – uitstapje naar de misdaadliteratuur. Met Een goede daad, haar tweede thriller, maakt zij opnieuw duidelijk ook dit genre voortreffelijk te beheersen. Vooral het gebruik van de ‘literaire’ techniek van de perspectiefwisseling pakt bijzonder goed uit. Atkinson weeft meerdere verhaallijnen door elkaar, wat als een soort uitsteltactiek werkt die de spanning zo ver opvoert dat je er als lezer soms gek van wordt. Want je wilt dat het misdaadverhaal dóórgaat, terwijl dat verhaal, heel eigenwijs, zijn eigen tempo kiest en per hoofdstuk de tijd neemt om een aantal indringende psychologische portretten op te bouwen. En passant komen ook nog maatschappelijke thema’s aan bod, zoals de corruptie van vastgoedontwikkelaars, mensensmokkel en het opvoeden van pubers.
In de Engelse pers werd Atkinsons tweede misdaadroman ‘een verbazingwekkend complexe literaire detective’ genoemd en daarmee is geen woord teveel gezegd. Jammer van die trage opmaat. De auteur heeft die keus in interviews ook meer dan eens moeten toelichten en dat kon ze niet. ‘Het voelde gewoon dat het zo moest,’ was haar enige verklaring. Dat is dan jammer, want het kost haar uiteindelijk één ster.

Reacties op: Atkinson weeft meerdere verhaallijnen door elkaar