Ik heb dit boek tweedehands aangeschaft, het zag er uit als nieuw, en kostte slechts 2 euro. Elke cent daarvan is achteraf echter te veel betaald. Ook al ben ik er geen kenner van, ik zou dit boek wilen typeren als een dieptepunt in de (homo-)erotische literatuur. En dan geschreven door iemand die tot de 'Grote Drie Schrijvers van de Naoorlogse Literatuur' wordt gerekend. Uiteraard dient het boek ironisch te worden opgevat en met een glimlach te worden gelezen, dan kun je in bepaalde karakters een Jezus-figuur of een Maria ontdekken, zoals Bert van Weenen op Chroom-net.
Nou deze Bert denkt daar heel anders over, als ik deze hele roman,die zich gelukkig nog beperkt tot amper 180 bladzijden, en een abrupt einde kent (waarschijnlijk had de auteur er zelf ook geen zin meer in), op een ironische manier moet opvatten, is het al helemaal geen leuk boek meer. Ironie mag van mij af en toe de kop op steken, maar moet niet van elke bladzijde afdruipen. En volgens mij bedoelt Reve het ook niet allemaal ironisch.

Kwetsen kan Reve natuurlijk als geen ander, maar gezien de tijd waarin dit boek is geschreven (1998), vraag ik mij af of dat in die tijd nog wel nodig was, voor mij is dat volkomen overbodig, maar oordeelt U zelf, hier volgen een paar citaten:

‘Armen,die waren slecht, dacht Wessel, anders waren ze toch niet arm?’
‘[…]armoede bracht alleen maar armoede voort.’
‘Ja, ja, kunstenaars waren behalve dom en asociaal soms nog pervers ook […]’
‘Zijn vader had hem nooit met meer gezag bejegend dan nodig was.’
‘Je hebt een mooi karakter, maar daar heb je in bed niks aan.’
‘Voor niks ging de zon op, nog niet eens onder.’
‘Zodra er stoelzitters in een straat waren was alle deftigheid verdwenen, en daalden de prijzen van de huizen aanzienlijk.’
‘Het zoude een onaangekondigd bezoek zijn, maar boeren waren in dezen minder moeilijk dan stadsmensen.’
‘Hij belde aan[...]. Daarna gebeurde er een tijd niets. Misschien zat de bewoner in een afgelegen vertrek zich af te rukken bij een boek met plaatjes.’

Als iemand nu dit boek na het lezen van deze zinnen nog wil hebben, kan hij of zij mij wat postzegels sturen en een adres waar het naartoe moet, dan stuur ik het op, maar liever nog zou ik het vanavond willen verbranden. Nou vooruit, er stond nog wel één mooie zin in, en die luidde:
‘Een man denkt dat hij veel weet, maar een vrouw begrijpt alles, meende Wessel.’

Die zin knip ik er dan wel uit voordat ik het boek in het vuur gooi...

Reacties op: Dieptepunt in de homo-erotische literatuur