Advertentie

Ergens in de jaren zeventig van de vorige eeuw is de Vlaamse auteur Stan Lauryssens als stadsredacteur begonnen bij De Nieuwe Gazet, de (Antwerpse) regionale editie van Het Laatste Nieuws. Inmiddels heeft hij een indrukwekkende serie boeken op zijn naam staan waarbij Zwarte sneeuw, zijn eerste thriller, in 2002 de Hercule Poirotprijs in de wacht sleepte als beste spannendste roman van dat jaar. Met Lotte, blond, 17 jaar, blauwe ogen startte hij in 2012 de serie met Eddy Thielemans, hoofd van de Brusselse Cel Vermiste Personen, in de hoofdrol. In de slipstream van deze politieroman verscheen in 2013 het tweede verhaal, Cleo, 15 jaar, rood haar, vader onbekend

Niet alleen vertonen de titels van beide boeken veel gelijkenis, ook de kaders waarbinnen beide verhalen zich afspelen komen in grote lijnen met elkaar overeen. Maar de inhoud van het 'Cleo-boek' onderscheidt zich wel van het eerder verschenen 'Lotte-boek'.

Marie-Thérèse en de gepensioneerde hoofdcommissaris Sam genieten van elkaar en van hun vrije uren. Als Marie-Thérèse in de veronderstelling verkeert deel te nemen aan een telefonische enquête waarin allerlei vragen worden gesteld over mensen met rood haar, vinden zij dat allebei op zijn minst een merkwaardig gesprek. Dan verdwijnt ene Cleo Pastoors uit Brasschaat. De Brusselse commissaris Eddy Thielemans betrekt Sam bij het onderzoek. Kort daarna is ook de 13-jarige Adam Decoster spoorloos. Opmerkelijk is dat beide kinderen rood haar hebben. Als onderzoek aantoont dat de twee kinderen afkomstig zijn van een spermadonor, is dat voor de speurders het sein om in de wereld van de anonieme donoren en de IVF (in-vitrofertilisatie of reageerbuisbevruchting) naar de oplossing te gaan zoeken.

Cleo, 15 jaar, rood haar, vader onbekend is door Stan Lauryssens als maatschappelijk actueel onderwerp opgepakt en tot een aantrekkelijk leesbaar verhaal verwerkt. Met enkele feiten uit de wereld van de menselijke voortplanting schetst Lauryssens tot welke bizarre situaties de keuze voor deze bijzondere voortplantingsmethode kan leiden. De met Vlaamse humor doorspekte dialogen, die in de verschillende dialecten worden gevoerd, hebben hier zeker een toegevoegde waarde. Het onderwerp mag dan actueel zijn, erg diep gaat de auteur niet in op de leefwijze van de ouderparen die hebben gekozen voor deze wijze van bevruchting en nu geconfronteerd worden met de onverklaarbare verdwijningen. Op het emotionele vlak was daar zeker meer uit te halen.

Het is Lauryssens' vertelwijze die een onderwerp, dat best serieus genoemd kan worden, op een dermate luchtige wijze voorstelt dat de gedachte aan een klucht zich tijdens het lezen langzaamaan ontwikkelt. Die keuze zal waarschijnlijk bewust zijn gemaakt, maar declasseert het onderwerp wel enigszins.
Het einde, waarin meestal een aantal zaken opgelost en uitgesproken moeten zijn, is door de auteur ook iets anders aangevlogen dan doorgaans het geval is. De laatste regels impliceren een restprobleem dat goed als de start voor een nieuw avontuur kan dienen. Het lot van een aantal personages in Cleo, 15 jaar, rood haar, vader onbekend blijft helaas ook onuitgesproken. Dus, verhaal uit, probleem niet opgelost en een aantal vragen blijft onbeantwoord! Daarmee stijgt dit tweede verhaal niet echt uit boven zijn voorganger.

 

Reacties op: Net een klucht