Nora Sinclair is een bijzonder knappe, intelligente en meedogenloze vrouw. Ze heeft een bloeiende carrière als binnenhuisarchitecte voor diverse puissant rijke cliënten, ze is getrouwd met een succesvol auteur en verloofd met een rijke bankmanager. Daarnaast is ze de weduwe van een succesvolle cardioloog. Ze heeft een prachtig appartement, veel zakenrelaties en twee goede vriendinnen. Ze zorgt goed voor haar oude moeder die helaas ziekelijk is… Wat klopt hier niet? FBI agent John O’Hara vindt dat er niets klopt aan Nora. In de loop van een onderzoek naar het witwassen van drugsgeld komt hij toevallig een door de bank gemelde vreemde transactie tegen. Een enorme som geld wordt overgemaakt naar een recent geopende rekening op de Kaaimaneilanden. De FBI besluit beide onderzoeken te combineren. Hiervoor is het wel nodig dat John zich voordoet als een onschuldige verzekeringsagent. Nora trapt er in… maar helaas trapt John er ook in. Hij kan geen weerstand bieden aan de charmes van Nora.
Terwijl John zijn best doet beide opdrachten zo goed mogelijk uit te voeren, krijgt de lezer een kijkje in de gedachtewereld van Nora. Eigenlijk zit daar helaas niet zo veel. Nora blijkt een meedogenloze seriemoordenaar en we kunnen niets anders dan medelijden krijgen met de mannen die zij in haar netten verstrikt. En hoewel Nora elke maand haar moeder gaat opzoeken, die volslagen vervreemd is van de wereld en in een psychiatrisch ziekenhuis verblijft, ligt hier waarschijnlijk ook een heel ander motief aan ten grondslag.

Het boek wordt nu al alom geroemd als ‘James Pattersons beste boek’, maar wat mij betreft mag natuurlijk ook Howard Roughan geroemd worden. Het is inderdaad een heel goed boek, maar: nét geen vijf sterren waard. Ten eerste vind ik het gewoon een beetje kort. Het is wel 390 pagina’s dik, maar ‘grote letters gauw thuis’. Verder vind ik bepaalde gedeelten van het verhaal toch wat ‘gemaakt’ verlopen, en er blijft bij mij ook nog één heel grote vraag achter. Welke dat is kan ik niet zeggen om het plezier niet te bederven. Misschien is het zo dat de samenwerking tussen Patterson en Roughan toch hier en daar een stukje heeft opgeleverd dat net niet helemaal vloeiend verloopt. Ook het einde had van mij wat minder abrupt hoeven komen. Aan de andere kant komen de hoofdpersonen toch redelijk uit de verf en hebben de auteurs natuurlijk nog een paar verrassingen tot het laatst bewaard.

(Door: Jannelies Smit)

Reacties op: Nét geen vijf sterren waard