Ruth Rendell kan als geen ander volkomen verknipte personages neerzetten, die op het eerste oog toch zo ‘normaal’ lijken. Neem nou Mix Cellini. Hij is niet onaardig om te zien, vrijgezel, woont in een aardig appartementje in een groot oud huis en heeft een goede baan als servicemonteur van fitness-apparatuur. Niks mis mee toch? Of neem Gwendolyn Chawcer, de eigenaresse van het huis waar Cellini woont. Al bijna tachtig en nog steeds redelijk gezond. Financieel onafhankelijk, belezen, intelligent. Helaas nooit gehuwd maar ze heeft een goed leven gehad. Je zou er jaloers op worden.
Maar Mix wordt geobsedeerd door John Christie, een seriemoordenaar die enkele straten verderop heeft gewoond. Hij is ervan overtuigd dat Gwendolyn ooit een illegale abortus heeft ondergaan, want zij heeft Christie, die bekend stond als aborteur, ooit bezocht. En Gwendolyn op haar beurt wordt geobsedeerd door Dr. Stephen Reeves, de huisarts die ze al vijftig jaar niet meer heeft gezien, niet nadat haar moeder gestorven is. Vijftig jaar geleden waren ze beiden jong, en Gwendolyn is ervan overtuigd dat Reeves van haar hield, maar het nooit heeft durven zeggen.
Mix wordt ook geobsedeerd door Nerissa Nash, een beeldschoon fotomodel dat hij ooit vluchtig ontmoette bij een van zijn klanten thuis. Nu denkt Mix dat het nog maar een kwestie van dagen is voor hij haar beter kan leren kennen, zo goed zelfs dat hij haar echtgenoot kan worden. Nerissa weet nog van niks; zij is stiekem verliefd op Darel, de buurjongen van haar ouders. Ook al zo’n volstrekt normale, keurige bankier met een goede baan, die nog lekker koken kan ook.
In zijn pogingen om Nerissa van dichtbij te ontmoeten begint Mix uit te gaan met de receptioniste van de sportschool die Nerissa bezoekt. Of eigenlijk… bezoekt ze de eigenaresse van de sportschool. Hoe dan ook, Mix peutert een onderhoudscontract los voor de fitnessmachines, maar eigenlijk wil hij via Dani, de receptioniste, een lidmaatschap. En als dat niet lukt… is hij helaas gedwongen haar te vermoorden. In navolging van zijn grote voorbeeld Christie bedenkt Mix allerlei manieren om van het lichaam af te komen, en helaas kiest hij niet voor de beste manier.
Net als in ‘A Sight for Sore Eyes’, mijn tot nu toe favoriete boek van Rendell, zie je de hoofdpersoon langzaam lichamelijk en psychisch instorten. De neergang is onontkoombaar maar soms gloort er tussendoor nog even een sprankje hoop… Het huis waar Mix woont speelt op zijn eigen manier ook een grote rol, inclusief de geest van de seriemoordenaar, die Mix regelmatig op de trappen tegenkomt. En hoe zit het met Otto, de chocoladebruine kat? Die had ik zo willen hebben! Veertig jaar schrijft Ruth Rendell al, en dit boek bewijst dat ze met de jaren haar pen nog steeds deels in inkt, deels in vergif kan dopen. Sluipend vergif, dat wel.
Als ik zes sterren had kunnen geven had ik het gedaan… Nu moet het boek het met het maximum van vijf sterren doen.

(Door: Jannelies Smit)

Reacties op: Sluipend vergif