De IJslandse auteur Arnaldur Indridason viel met de boeken uit zijn reeks met inspecteur Erlendur Sveinsson in de hoofdrol, al meermaals in de prijzen. Zo prijken er ondertussen er al twee Glazen Sleutels, de prijs voor de beste Schandinavische misdaadroman en een Gouden Dagger, de hoogste onderscheiding voor een spannend boek in Groot-Brittannië, op zijn schoorsteenmantel.
Maar het begon voor hem allemaal in 1997 met zijn debuut Maandagskinderen dat tevens eerste boek is met Erlendur en Sigurdur in de hoofdrollen en dat pas in 2006 in het Nederlands vertaald werd.
In de IJslandse hoofdstad vallen bijna tegelijkertijd twee doden: Daniël, een psychiatrisch patiënt, stapt uit het leven en een gepensioneerd leraar overleeft een woningbrand niet. Als blijkt dat beide doden elkaar kenden, en recent nog meermaals spraken, kan het bijna niet anders of er moet een verband zijn tussen de op het eerste zicht op zichzelf staande drama’s. Zowel de politie, in de personen van Erlendur en Sigurdur als Palmi, de broer van Daniël, verdiepen zich in de zaak. Beetje bij beetje komen gruwelijke, bijna onmenselijke, feiten aan het licht.
De typische trage vertelstijl die de Noord-Europese schrijvers van spannende boeken zich eigen hebben gemaakt heeft als grote voordeel dat de lezer uitgebreid de tijd krijgt om zich in te leven in het verhaal. En die inleving is een eerste vereiste om meegezogen te worden in de beschreven gebeurtenissen. Arnaldur Indridason bewijst dat hij deze methode ook onder de knie heeft, hoewel hij bijna de aandacht van de lezer dreigt te verliezen door in de eerste helft van het boek het gebeurde tot vervelens toe te herkauwen: bijna elk personage wordt de kans geboden om zijn of haar visie van de feiten en de vermoedens te verwoorden. Na de –tigste keer het woord levertraanpillen te hebben gelezen, ontstaat er bij de lezer stilaan een aversie voor dat woord, en zouden zelfs apen en ezels wel beseffen dat er iets mis was met die medicatie.
Gelukkig herpakt de auteur zich verder in het verhaal, want daarin evolueert het intrigerende verhaal zich in een totaal onverwachte richting, waardoor het geheel nog tot een aanvaardbaar niveau wordt opgekrikt.
De plot die de auteur heeft uitgetekend is zeer origineel en hij slaagt erin het, voor Noord-Europeanen, atypische einde tot diep in het verhaal te maskeren waardoor de lezer ten volle kan genieten van het verrassingseffect van deze wending. Toch moet ook opgemerkt worden dat het verhaal misschien wat te vergezocht is en een te hoge onwaarschijnlijkheidsfactor heeft
Maandagskinderen is een boek geworden met twee gezichten: na het doorworstelen van een te langdradig uitgesponnen eerste deel, volgt gelukkig een ander deel waarin het talent van, de ondertussen meest geronimeerde Ijslandse misdaadauteur, Arnaldur Indridason al herkend kan worden. Het is dan ook geen meesterwerk, maar al met al toch een aardig boek geworden.

Reacties op: Intrigerend maar vergezocht