John Lescroart is vooral bekend van zijn serie boeken over het advocatenkantoor van Dismas Hardy en Abe Glitzky. Maar in De Hunt club zijn de hoofdrollen weggelegd voor Devin Juhle, rechercheur bij moordzaken, en vooral Wyatt Hunt, een privé-detective. Dit boek is dan ook een pure detective geworden. In de eerste vier hoofdstukken maken we kennis met Wyatt Hunt en wordt beschreven hoe hij, verplicht door de omstandigheden, zichzelf transformeert van een gemotiveerde medewerker van de kinderbescherming tot het hoofd van een klein detectivebureau, dat vooral werkt voor de advocatenkantoren van San Francisco. Als Wyatts nieuwe vriendin Andrea Parisi na een eerste afspraakje niets meer van zich laat horen en spoorloos verdwenen lijkt te zijn, steekt hij al zijn energie in de zoektocht naar haar. Als hij bij zijn vriend en politie-inspecteur Devin Juhle informeert naar Andrea Parisi, blijkt dat de politie ook naar haar op zoek is, want zij is de belangrijkste verdachte in een onderzoek naar moord op een hooggeplaatst rechter en zijn vriendinnetje. Wyatt en Devin besluiten hun krachten te bundelen om Parisi terug te vinden en een dubbele moord op te lossen.
Deze vriendschappelijke band tussen een lid van de politie en een buitenstaander, die resulteert in een samenwerking is niet het enige wat gelijkenissen oproept met Jonathan Kellermans reeks rond kinderpsycholoog Alex Delaware en zijn vriend commissaris Milo Sturgis. Ook de thematiek en de schrijfstijl zijn nauw aan elkaar verwant. Wel had ik moeite om in het boek te komen, want om ondefinieerbare redenen dwaalden mijn gedachten tijdens het lezen af, zodat ik regelmatig een passage opnieuw moest lezen. Maar toen het verhaal goed op dreef kwam, was het aangenaam lezen.
Het sterkste punt van dit boek is onmiskenbaar het plot: met veel aandacht voor detail wordt elke stap van het moordonderzoek beschreven waarbij er als van zelfsprekend een aantal doodlopende sporen vooraf gaan aan de spannende ontknoping vol actie. De auteur is er ook goed in geslaagd om de schuldigen lang uit het vizier van de lezer te houden, zodat de lezer verplicht wordt bij de les te blijven.
Zoals bij veel andere boeken wordt ook hier alleen de hoofdpersoon zeer grondig uitgewerkt. Van de anderen wordt net genoeg achtergrond meegegeven als nodig is voor het verhaal. Over het algemeen wordt het verhaal zeer geloofwaardig verteld, maar er zitten toch een paar serieuze deuken in als blijkt dat de Juhle zich door Hunt laat vertellen wat er moet gebeuren, evenals de momenten dat Hunt en zijn medewerkers de politie keer op keer de loef afsteken.
Opvallend is vast te stellen dat Lescroart in dit boek meermaals blijk geeft van een nauwelijks verholen kritiek op het wezen- en adoptiebeleid. Het is een zijlijn, maar leuk om te melden is dat zijn pastiche op de ceremonie van het wijnproeven zeer geslaagd is.
Het is algemeen bekend dat de auteur een fanatiek musicus is. En dat was blijkbaar een goede reden om als extraatje bij het het boek een CD’tje te voegen met daarop 2 nummers van zijn hand: een aangename mix van folk, blues en jazz.
Het is zeker geen slecht boek, maar ook geen topper, want daarvoor waren er te veel kleine ergernissen. Het eindoordeel luidt dan ook: gewoon goed.

Reacties op: Uitstekende plot