Advertentie

De Britse freelance IT consultant Mischa Hiller is geboren uit een Brits-Palestijns huwelijk. Zijn jeugd bracht hij eveneens door in verschillende plaatsen in Groot-Brittannië en het Midden-Oosten. Zijn ervaringen als kind van twee totaal verschillende culturen maken wezenlijk deel uit van zijn nog beperkte oeuvre als auteur.

In zijn tweede boek dat de titel Op de hielen draagt en zich afspeelt in het Londen van 1989, is Michel Khoury een PLO-agent die zich uitgeeft voor een student. Hij werd als puber wees tijdens het bloedbad dat het Israëlische leger zeven jaar eerder aanrichtte in de Palestijnse vluchtelingenkampen van Sabra en Shatila. Sindsdien leeft hij volledig in het teken van de goede zaak, en voert hij alle taken die hij van zijn mentor toegewezen krijgt nauwgezet en probleemloos uit. Wanneer hij in de ban raakt van zijn buurvrouw Helen, ondervindt hij steeds meer moeilijkheden om zijn dubbelrol te spelen. Iets wat hij helemaal niet meer kan volhouden als hijzelf opgejaagd wild wordt.

Michels relaas werd nogal sec en emotieloos aan het papier toevertrouwd, wat quasi onbegrijpelijk is voor een verhaal dat in de eerste persoon enkelvoud geschreven is. De ik-vorm wordt meestal gebruikt om de lezer te overweldigen met de emoties, gedachten en stemmingen van het hoofdpersonage. Bij Op de hielen is dit dus niet het geval; het lijkt meer op een relaas van een buitenstaander die niet betrokken was bij de gebeurtenissen.

Al snel valt ook op dat het realisme primeert op de spanning, waarop het wachten is tot de laatste vijftig bladzijden van het verhaal. Daardoor lijkt Op de hielen eerder thuis te horen in de categorie van de psychologische roman dan in de spannende literatuur. Ook de naïviteit van het hoofdpersonage draagt hiertoe bij. Als na elke poging om zijn achtervolgers af te schudden zij in een mum van tijd telkens weer het spoor naar hem terugvinden, moet er toch een belletje gaan rinkelen? Of moet hij zich op zijn minst toch eens afvragen hoe dat kan? Dubbelspel, of een zendertje, bijvoorbeeld. Maar niets van dit alles komt op in het hoofd van Michel.

Anderzijds weet Mischa Hiller feilloos de onzekerheid van een spion te schetsen: deze clandestiene agenten weten alleen maar de naam van hun contactpersoon en al hun informatie komt uit die ene bron. Ze worden zo onwetend gehouden dat er niets anders opzit dan klakkeloos de bevelen uit te voeren, los van de vraag betreffende het nut ervan. Kortom, wat doet het met een mens als hij iemand móét vertrouwen zonder de zekerheid dat hij die persoon wel kán vertrouwen? Deze vraagt probeert de auteur te beantwoorden in Op de hielen. Met deze thematiek en vertelstijl nestelt hij zich in de schaduw van John Le Carré en Graham Greene. Maar voorlopig zal zijn naam nog niet in een adem met die groten van de realistische spionageroman genoemd worden.

Als roman heeft Op de hielen zeker enig potentieel, maar het realisme is funest voor de spanning, waardoor Mischa Hiller geen goed spannend boek afleverde. “Op de hielen is een politieke thriller zoals ze maar zelden geschreven worden.” staat op de achterflap te lezen. Laat mij daaraan toevoegen: ”Gelukkig maar.” Samengevat een goede psychologische roman, maar geen uitstekend spannend boek.

Reacties op: Een goede psychologische roman