Guus Bauer Specialist

Mary Borden (1886-1968) was een Amerikaanse miljonairsdochter die in de Eerste Wereldoorlog vlak achter het front veldhospitalen oprichtte en daar zelf baanbrekend werk deed. Daarnaast beschouwde zij zichzelf nadrukkelijk ook als schrijfster en publiceerde romans, verhalen en reisverslagen. Erwin Mortier vertaalde haar boek Verboden gebied.

In achttien kortere en langere fragmenten vertelt Borden onverbloemd hoe het er daadwerkelijk aan toe ging tijdens de oorlog ‘die aan alle oorlogen een einde moest maken’. Het duurde tot 1929 voordat zij eindelijk een uitgever vond voor deze taboedoorbrekende literatuur. Een van Bordens verpleegsters, Ellen La Motte, schreef ook al een belangwekkende roman, Het kielzog van de oorlog, een tekst wars van de gebruikelijke patriottische retoriek.

In datzelfde jaar lieten ook mannelijke auteurs als Ernest Hemingway en Erich Maria Remarque hun grote oorlogsromans het licht zien. Over het werk van Mary Borden werd een beetje laatdunkend gedaan. Het was immers door een vrouw geschreven. De literatuur als verboden gebied. Dat moet intens beledigend zijn geweest voor de belezen en intelligente Borden die goed ingevoerd was in het culturele leven.

Haar stijl is uiterst effectief. Ze gebruikt prachtige poëtische beelden, overduidelijk niet gezocht en fris alsof ze gisteren zijn geschreven. Het is razend knap hoe ze haar eigen gevoelens aan de kant heeft weten te zetten. Juist door de laconieke beschrijvingen komt de gruwel van de oorlog harder aan. Ze speelt nadrukkelijk ook met de vorm. Zeer gewaagd in een tijd van strakke literaire conventies. Het ene moment zijn we getuige van een ‘toneelstukje’ met chirurgen, verpleegsters en gewonden, het volgende moment bevinden we ons in een griezelverhaal.

In haar voorwoord schrijft Borden: ‘Aan wie deze impressies verward vindt, wil ik zeggen dat het om fragmenten van een grote verwarring gaat. Elke poging ze tot een orde te herleiden, zou me nopen tot gekunsteldheid en zou ze vervalsen.’ Ze draagt het boek op aan alle soldaten. Omdat zij ‘de gedempte werkelijkheid’ zullen herkennen. Maar het boek is niet voor hen bedoeld, want zij kennen ook al het andere dat nooit beschreven kan worden.

Het is duidelijk dat Borden lang heeft geworsteld met de naakte waarheid. Uiteindelijk heeft ze haar heil in de taal gevonden. In die zin zou ik haar de Herta Müller van de belle epoque willen noemen. Het is niet vreemd dat juist Erwin Mortier dit werk heeft vertaald. In zijn bekroonde roman Godenslaap voel je als het ware het werk van de beide verpleegsters resoneren. We mogen blij zijn dat dit boek door hem uit het verboden gebied is gesmokkeld.

Reacties op: De Herta Müller van de belle epoque