Advertentie

Ian McEwan heeft al heel wat romans op zijn naam staan. Bij al zijn romans – ook zijn vroege – komen de menselijke dilemma’s die het leven met zich meebrengt naar voren. Hoe verhoud je je tot andere mensen, welke menselijke fouten zijn te vergeven, welke zijn onvergeeflijk? Hoe geef je een liefdesrelatie vorm, wat doe je met gevoelens van spijt, jaloezie, naijver? Zijn boeken gaan over het leven, en hoe je je als simpel mens verhoudt tot het leven.
Zijn nieuwste roman ‘Machines zoals ik’ gaat voort op de McEwan-lijn. Een roman die veel stof tot nadenken geeft. Over thema’s als : wat is onvoorwaardelijke liefde, wanneer trek je je grenzen, en vooral over het thema: ‘ Wat maakt een mens menselijk?’
Het verhaal is een soort ‘wat als-verhaal’. Een beetje zoals bijvoorbeeld Philip Roth deed in zijn briljante ‘Het complot tegen Amerika’: wat als Charles Lindbergh – een overtuigde antisemiet – de Amerikaanse verkiezingen in 1940 had gewonnen en er in de Verenigde Staden een fascistische orde was opgetuigd? Het ‘wat-als-‘ verhaal van McEwan is misschien iets minder wereldomvattend, maar raakt wel al je gewone overtuigingen. Wat als robots zo goed ontwikkeld kunnen worden dat ze oprecht over menselijke emoties beschikken? Kun je dan van ze houden zoals je van andere mensen kunt houden? En hoe mechanisch zijn wij zelf in onze manier van leven en in onze emoties? In ‘Machines zoals ik’ gaat McEwan prachtig op de loop met dit gegeven. Plaats van handeling is Londen, tijd van handeling: de vroege jaren tachtig. Nou ja, ongeveer, want McEwan laat zijn fantasie de vrije loop bij de beschrijving van deze tijd: de Beatles zijn weer bij elkaar, er zijn zelfrijdende auto’s en Tony Blair – als opvolger van Margaret Thatcher – wil vooral geen referendum over de ‘Brexit’. Belangrijk voor het verhaal is vooral dat Alan Thuring – grondlegger van de kunstmatige intelligentie- gewoon leeft en als gerespecteerd wetenschapper zijn bijdrage levert aan de verdere ontwikkeling van de technologie. McEwan verhaalt over het leven van Charlie Friend, een 32-jarige man die min of meer werkloos is en zijn hoofd boven water houdt door wat schimmige valutahandel te plegen. Als hij een erfenis van zijn moeder krijgt besluit hij impulsief deze erfenis te benutten om zijn leven een nieuwe draai te geven. Hij koopt één van de 25 geavanceerde, nauwelijks van mensen te onderscheiden robots die op de markt zijn gebracht. Eigenlijk wil hij een vrouwelijke (die allemaal ‘Eva’ heten), maar die zijn al grotendeels opgekocht door de Saudi’s, dus hij neemt genoegen met één van de mannelijke ‘Adams’. Charlie en zijn bovenbuurvrouw Miranda – waar hij al snel een relatie mee krijgt – stoppen hun eigen menselijke eigenschappen in de robot als ze hem moeten programmeren.
Adam blijkt een snelle leerling. Hij lijkt soms zelfs meer van het leven te snappen dan Charlie en Miranda doen. Miranda wordt zelfs verliefd op hem en gaat vreemd met hem. Charlie ontdekt dit doordat hij ‘de geur van warme elektronica’ in haar lakens ruikt.
Enfin: Adam leert meer en meer over hoe mensen reageren of geacht worden te reageren, en juist omdat hij als geprogrammeerde robot toch een beetje anders is levert hij een soort elektronische reflectie op het menselijk bestaan. Met vragen als: is jaloezie alleen aan mensen gebonden, wat maakt menselijk denken en handelen uniek, wat maakt dat je van iemand gaat houden? Het is de grote verdienste van McEwan dat hij je met deze roman over deze diepmenselijke thema’s aan het denken zet. En zijn vaste schrijvershand – met prachtige zinnen, goede opbouw van het verhaal, duidelijke tekening van de personages – maakt dat je hem gelooft. Sterker nog: het maakt dat je een beetje van robot Adam gaat houden. Ik wil er ook wel zo één.

Ik geef het boek vijf sterren, toproman vind ik het.


Reacties op: Een zielvolle robot - over 'Machines zoals ik' - Ian McEwan

24
Machines zoals ik - Ian McEwan
Jouw boekenplank Jouw waardering
Jouw recensie   Schrijf een recensie
? Bestel dit boek bij Libris.nl Bestel het boek vanaf € 24,90
E-book prijsvergelijker