Advertentie
    Jannelies Smit Hebban Recensent

Het moet gezegd worden: Johan Faber is werkelijk een bijzonder goede journalistieke schrijver. Vanaf de eerste pagina zuigt hij de lezer mee in het verhaal over Volkert van der G., de man die in negatieve zin wereldberoemd werd nadat hij op 6 mei 2002 Pim Fortuyn vermoordde.
Het boek begint met een beschrijving van de laatste uren waarin het onheil nog voorkomen had kunnen worden; Van der G. zit in de bosjes op het Mediapark in Hilversum op Fortuyn te wachten, die in de studio een interview geeft. Hierna wordt, gelardeerd met delen uit het verhoor van Van der G., teruggeblikt op de eerste uren na de moord. En vervolgens beschrijft Faber met trefzekere pen de jeugd en het volwassen worden van Van der G., om vervolgens terug te keren naar de daad zelf.
Wat bezielde Volkert van der G. is een ‘moeilijk’ boek. Moeilijk, in die zin dat hier erg meespeelt hoe je zelf over bepaalde dingen denkt. Ben je een fervent Fortuyn-fan of ben je juist een fanatieke milieu-activist? Een heel verschil. En daar gaat het hier om. Voor Van der G. stond Fortuyn voor álles waar hij op tegen was. En dus moest hij dood. Niet de persoon Fortuyn, maar zijn gedachtegoed deugde niet in de ogen van Van der G.
Wat dat betreft kan je het misschien een beetje vergelijken met mensen die elkaar doden omdat zij niet dezelfde geloofsovertuiging hebben, hetgeen voor anderen weer heel moeilijk te begrijpen is.
Faber heeft echter, zonder Van der G. zelf ooit te spreken, haarfijn geschilderd hoe iemand tot zo’n daad kan komen. Zijn boek geeft niet volledig antwoord op de belangrijkste vraag, maar het zet wel aan het denken. Verder is het boek een goed verslag van het opgroeien van een introverte, intelligente jongeman die op het sociale vlak net even anders is dan anderen. Er zijn grote romans geschreven over dit onderwerp…
Faber brengt Van der G., die de meeste mensen uiteraard alleen kennen als de moordenaar van Fortuyn, tot leven. Dat is de grootste verdienste van zijn boek.

Reacties op: We zullen het misschien nooit écht weten…