Advertentie

Lilian Schneider heeft ambitie en zelfvertrouwen, dat staat vast. In een interview met webradio Glasnost noemt ze haar debuutthriller Aquamarijn een psychologische roman, ‘want  de hoofdpersoon maakt van alles mee op het relationele en persoonlijke vlak’. Jammer genoeg staat zo’n reeks gebeurtenissen niet garant voor psychologische diepgang. Sterker nog, met die definitie krijg je ineens een totaal andere kijk op de Bouquetreeks. Overigens lezen zulke romannetjes vaak lekker weg. Dat geldt ook voor Aquamarijn, maar het alledaagse karakter en de overmaat aan clichés slaan de gewekte verwachtingen al snel de bodem in. De psychologie van het op zich niet onaardige verhaal blijft steken in ‘Silke bijt op haar onderlip’, ‘Haar hartslag roffelt tegen haar borstkas’ en ‘Silke voelt een aangename trilling in haar onderbuik’. Schneider weet daarmee niet onder je huid te kruipen. Ondanks de onverwachte ontknoping blijft het verhaal dan ook niet hangen. Jammer, want de achterflap belooft een thriller ‘die op ijzige wijze weet te boeien, niet door moord en doodslag maar door een ontluisterend psychologisch steekspel.’

Op een avond krijgt Silke Verburg telefoon van de mentor van haar vijftienjarige zoon Tim. De aanleiding is een mailtje waarin Silke schrijft dat ze gaat scheiden. Een mailtje? Scheiden? Silke begrijpt er niets van. Hoewel haar huwelijk met Jeroen nooit echt opwindend is geweest en het aantal ruzies toeneemt, is van een scheiding geen sprake. Het mailtje blijkt afkomstig van een nep-hotmailaccount. Vlak daarna krijgt Silke een sms’je met de tekst ‘Ik tel de dagen af’, even later gevolgd door het getal 263. Ze praat er met niemand over, bang dat ze dan ook het geheim moet onthullen dat ze al twintig jaar met zich meedraagt.
Silke werkt bij de lifestyle glossy Zenza. Een interview met meubelontwerper Paul van Zanten is het begin van een hartstochtelijke affaire. Silke verlaat Jeroen, en hoewel het haar pijn doet Tim achter te laten, is ze dolblij met deze nieuwe kans. Paul draagt haar op handen. Haar geluk wordt alleen verstoord door sms’jes waaruit blijkt dat dag 0 nadert.

In de hoofdstukken die zich in het verleden afspelen, krijgt de lezer beetje bij beetje te horen wat er twintig jaar geleden is gebeurd. Schneider begint veel hoofdstukken met een citaat uit een songtekst. Hoewel die min of meer aansluiten bij de inhoud, hebben ze geen duidelijk doel waardoor ze niets toevoegen aan het verhaal.

In het eerder genoemde interview vertelt Schneider wat ze met haar debuut beoogt: “Ik wil graag krachtige vrouwen laten zien. Ik hoop dat ik met Aquamarijn, met hoofdpersoon Silke, laat zien dat zij – ondanks wat ze allemaal meemaakt en het soms ook heel moeilijk heeft – eigenlijk een hele krachtige vrouw is.” Voor Silke die schijnbaar zonder veel nadenken huis, man én kind opgeeft, zijn allerlei typeringen te bedenken (van impulsief tot onnadenkend en oppervlakkig) maar ‘krachtig’ komt in dat rijtje beslist niet voor. Nu kunnen ook niet‑krachtige personages een verhaal dragen en tot een goede thriller leiden, maar met de eendimensionaal beschreven Silke wordt dat moeilijk. De uitspraak van Schneider laat zien dat er een flinke kloof zit tussen haar ambities en datgene wat ze waar weet te maken.

Waar ligt het probleem? Uitgeverij Passage richt zich vooral op literatuur. Had Aquamarijn bij een uitgeverij met meer ervaring in het begeleiden van thrillerschrijvers meer kans gemaakt om uit te groeien tot een lezenswaardig boek? Aan de andere kant: Judith Visser debuteerde bij deze uitgeverij en ook de boeken van Lupko Ellen zijn behoorlijk succesvol.

Schneider weet je wel op het verkeerde been te zetten. Als de ware toedracht is onthuld, husselt een plotwending op de laatste bladzijde het verhaal opnieuw door elkaar. De lezer blijft in het ongewisse achter. Jammer genoeg komen de laatste alinea’s erg rommelig over. Toch krijgt Aquamarijn vanwege de aardige plot een voorzichtige tweede ster.

Reacties op: Aardige plot kan oppervlakkig verhaal niet redden