Advertentie

Knap … dat je een boek van 500 pagina’s kunt schrijven over ‘writer’s-block’. Met tomeloze energie creëert Moers een soort sprookje dat zich afspeelt in – en vooral onder – de stad van de Dromende Boeken. Hoofdrolspeler is een lintworm genaamd Roelant Sagehouwer. Evenals Roelant zijn alle bewoners van de Lintwormburcht schrijvers, maar Roelant ontdekt op een dag een manuscript dat gaat over ‘writer’s block’. Het tekstfragment is zo prachtig geschreven dat Roelant alles op alles zet om de schrijver te achterhalen. Hij reist daarvoor af naar Boekheem, de stad van de Dromende Boeken. Roelant beleeft vele avonturen en komt de meest vreemdsoortige creaturen tegen.

Als liefhebber van het griezel- en horrorgenre vond ik vooral de kennismaking met de levende griezelboeken erg leuk … boeken die enge geluiden of huiveringwekkend gegil produceren tijdens het lezen, waar bloed uitdruipt of waar zelfs een harige 10-vingerige-hand uit te voorschijn kan komen die over je arm wegvlucht. Ook het stuk over de ‘vergeten woorden’ vond ik geniaal ... wat een fantasie heeft die Moers. Ik noem er een paar. Superiositeit is een combinatie van superioriteit, ernst en pretentie. Nasogaam is iemand met grote neugaten. Hektoliet is iemand met het postuur van een vat en iemand die er bovengemiddeld goed uit ziet omschrijf je met plusquamperfect. Het geluid dat een donzig veertje maakt als het de grond raakt is bft en proefsten is als je lacht terwijl je iets drinkt en er komt vloeistof uit je neus. Het genot dat je ervaart als je rondom op een sinaasappel drukt tot ‘ie helemaal zacht is, heet fructodisme. Of de volgende prachtige zin: Iemand die dwangmatig alles naar alfabet rangschikt, was een ‘abecerulant’, maar als je alles in omgekeerde volgorde op alfabet zette, heette je een ‘zetypsilonx’. Kortom: genieten voor de lezer die iets met taal heeft, en welke lezer heeft dat nou niet? Brengt me nog even op het punt van de vertaling: blijkbaar zijn er verschillende versies uitgebracht, maar wat mij betreft is deze bijzonder goed geslaagd. Complimenten!

Terug naar Roelant: gaandeweg ontdekt hij dat er zoiets bestaat als ‘Orm’ dat in het boek wordt omschreven als: Ja, je kunt het voelen. Dat zijn de momenten waarop de ideeën voor hele romans binnen een paar tellen tot je komen. Je kunt het voelen wanneer je een dialoog schrijft die zo briljant is dat toneelspelers hem nog duizend jaar woord voor woord op de planken kunnen nazeggen. O ja, je kunt het voelen, het Orm! Het kan je een schop tegen je kont geven, je als een bliksem treffen, of je maag doen omdraaien. Het kan je je hersens uit je hoofd rukken en ze er verkeerd om weer in terugzetten. Het kan midden in de nacht op je borst komen zitten en je een verschrikkelijke nachtmerrie bezorgen, die dan wordt omgezet in je beste roman.

Of Roelant dat ‘Orm’ zelf gaat meemaken, dat laat ik hier in het midden. Dat mag je zelf gaan ontdekken … veel leesplezier met deze ode aan het boek en het vak van schrijver!

Reacties op: Ode aan het boek