In de eerste passages van De tijdschim leren we de briljante natuurkundige Elisa Robledo kennen. Haar leven wordt gekenmerkt door een bizarre paranoia en een doodsangst voor een onbekend verschijnsel. Dat is alle informatie die de schrijver zijn lezer meegeeft. Als kleine speldenprikjes laat hij ons weten dat er iets afschuwelijks aan staat te komen, maar nooit zegt hij exact wat dat dan moge zijn. Dat het invloed heeft op Elisa en op de manier waarop zij in de wereld staat, wordt echter pijnlijk duidelijk. Deze constructie werkt voor de lezer net zo bevreemdend als voor de hoofdpersoon. Wie of wat zit er dan achter haar aan? Of is ze gewoon gek geworden?
In het tweede hoofdstuk gaat het verhaal terug in de tijd, te weten op het moment dat de toen 23-jarige Elisa zich inschrijft bij een bijzonder college onder leiding van de befaamde Dr. Blanes. Zijn zogenaamde ’sequoiatheorie’ stelt dat de tijd bestaat uit een soort jaarringen als in een boom, die het mogelijk maken om vanuit de toekomst naar het verleden te kijken. De beste cursisten worden toegelaten om mee te doen aan een geheim project. Elisa gaat een weddenschap aan met haar medestudent Ric Valente, een eigenzinnige jongeman die het maar niet kan verkroppen dat hij een lagere score heeft behaald bij een belangrijke toets.
Zowel Valente als Robledo worden aangenomen om mee te doen aan het project Zig Zag. Zij vliegen daarvoor in het geniep via Zurich naar het researcheiland New Nelson. Daar ontdekken ze de fascinerende machinerie die het mogelijk maakt om vanuit het heden terug te kijken naar het verleden. Er wordt echter wel een kanttekening bij geplaatst; de psychologische schade van deze methode is enorm groot. Om schade te voorkomen moet men elkaar goed in het oog houden en is niemand een moment van privacy gegund.
En dan beginnen er vreemde dingen te gebeuren. Verschillende teamleden klagen over de verschijning van een man met witte ogen. Men voelt zich niet meer op het gemak en er ontstaat een gevoel van paranoia. Uiteindelijk wordt het verminkte lichaam van een van hen gevonden en blijkt Ric Valente geheel verdwenen. Het project wordt dan wel gestaakt, maar voor de teamleden blijkt dit nog maar het begin van de ellende te zijn. Terug in het heden worden zij geteisterd door ’ het kwaad ’ van het eiland, dat hen een voor een op gruwelijke wijze vermoordt.
In De tijdschim vinden populaire wetenschap en het thrillergenre elkaar in een verhaal dat beide elementen ondersteunt. Het boek staat vol met mijmeringen over de psychologische effecten van tijd en wat de gevolgen zouden zijn als wij daadwerkelijk in het verleden kunnen kijken. De theorie wordt ondersteund met keiharde natuurkundige feiten en weetjes, die Somoza neerpent alsof hij zelf een autoriteit is op het gebied van de natuurkunde. Dat maakt het tot meer dan slechts een spannend verhaaltje.
Gelukkig is het als thriller ook buitengewoon sterk geschreven, vooral door de manier waarop de meest gruwelijke dingen zich buiten beeld afspelen. Als de fantasie met je op de loop gaat, vul je het zelf aan met nog gruwelijkere beelden. Qua schrijfstijl wordt er een brug geslagen tussen - voor een leek - volstrekt onbegrijpelijke termen en hele heldere voorbeelden om de boel inzichtelijk te houden. Het boek is niet makkelijk om in zijn geheel te bevatten, maar het is ook niet nodig om zelf een doctoraat in de natuurkunde te hebben om ervan te kunnen genieten. Juist omdat sommige zaken abracadabra blijven, krijgt het een extra sfeer mee. Een boeiend boek.

Reacties op: Natuurkunde op het scherpst van de snede