Advertentie

In veel opzichten lijkt de hoofdpersoon Arnold Nyman uit de Zweedse politieroman Onder vuur op Kurt Wallander van Henning Mankell. Ook hij is een alleenstaande man van middelbare leeftijd, die mijmeringen over de eigen sterfelijkheid en liefdesperikelen afwisselt met ouderwets speurwerk en pittige verhoren. En geheel toevallig heeft ook deze diender een moeizame relatie gehad met zijn dochter, net als collega Wallander. De gelijkenissen zijn frappant te noemen.
In het verhaal staan enkele ogenschijnlijk losstaande gebeurtenissen centraal. Een kruimeldief ziet hoe zijn heler bedreigd wordt door Oost-Europese gangsters. Een Iranese taxichauffeur raakt voor de tweede maal in zijn leven een taxi kwijt aan agressieve jongeren en voelt zich door de politie tekort gedaan. De dochter van Arnold Nyman, de arts Helena, neemt een jong meisje in huis dat gevlucht is voor haar agressieve en dominante broer. Uiteindelijk komen alle verhaallijnen bij elkaar in een bendeoorlog tussen de twee belangrijkste bendes in de stad. Nyman raakt persoonlijk betrokken als zijn dochter en haar gast Zeina worden ontvoerd door een van die bendes.
Genberg heeft ervoor gekozen om het verhaal vanuit meerdere perspectieven te vertellen, zowel vanuit het oogpunt van de politiemacht als vanuit ’de schurken’. De passages rond Nyman en collega’s zijn echter de hoogtepunten uit deze roman. We zien de herkenbare situaties voorbijkomen; zoals het sporenonderzoek, de vergaderingen, de verhoren en het posten bij verdachten. Het is weinig origineel, maar het levert wel de boeiendste fragmenten op, vooral omdat er heel erg de nadruk wordt gelegd op de collegialiteit tussen de belangrijkste leden van het team. Er is bijvoorbeeld een gevoelige scène waarin de agenten geld inzamelen voor een door mishandeling arbeidsongeschikt geraakte collega. Omdat deze chagrijn uit zijn eregevoel geen financiële bijstand wenst, stoppen ze het verzamelde geld in een bonbondoos. Zulke simpele dingen werken buitengewoon ontroerend.
Meerdere malen wordt er afkeurend gesproken over het negatieve beeld dat in de media gecreëerd wordt ten aanzien van de politie. De agenten in Onder Vuur hebben dan zo hun menselijke zwakheden, maar uiteindelijk zijn het toch rechtschapen dienders die het beste met de mensheid voor hebben. Dit beeld is een mooie afwisseling op de hardboiled, corrupte, en gewelddadige helden die we vaak tegenkomen in het politiegenre.
’De schurken’ komen er een stuk minder goed vanaf. Genberg heeft weinig emotionele binding met zijn slechteriken en kiest er dan ook voor om hun belevenissen af te doen in korte passages. Ze zijn er om het plot vooruit te stuwen, maar verder zijn ze zo zouteloos als maar kan. Hun aandeel aan het verhaal had wat mij betreft weggelaten kunnen worden, want ze voegen uiteindelijk erg weinig toe. Zelfs de op handen zijnde bendeoorlog en de daarmee gepaard gaande intriges zijn niet boeiend genoeg.
Uiteindelijk is Onder Vuur een onderhoudende roman geworden, waarvan het plot goed in elkaar steekt, al weet niet elk karakter de lezer evenveel te beroeren. De simpele, bijna in staccato geschreven zinnen maken dat het gecompliceerde plot makkelijk te begrijpen is. Het is op geen enkel vlak echt een hoogvlieger, maar het is best te lezen voor de liefhebber van het genre. De competitie met Henning Mankell is echter al bij voorbaat verloren.

Reacties op: Onderhoudend maar geen hoogvlieger