Advertentie

De schrijvers van ‘De Drie Musketiers’ en ‘Ocean’s Eleven’ wisten het en worstelden ermee; veel hoofdpersonen introduceren betekent de noodzaak om veel karakters te beschrijven. Dat remt een verhaal. Een schrijver kan zich daarom het beste concentreren op 1 echte hoofdpersoon die hij in alle rust meer kleur geeft. Ook James Patterson heeft dat eindelijk begrepen. In De vierde seconde (het 4e deel uit zijn serie ‘Women’s Murder Club’) is de schijnwerper geheel gericht een van de vier clubleden, inspecteur Lindsay Boxer.

De vierde seconde is een dramatisch verhaal waarin inspecteur Lindsay na een wilde achtervolging een moordzuchtig tienermeisje doodschiet en een dertienjarig joch levenslang de rolstoel inschiet. Zelf raakt zij zwaar gewond. Lindsay wordt tijdelijk geschorst en zelfs aangeklaagd. Er hangt haar een zenuwslopende rechtszaak boven het hoofd. Als Lindsay in het zomerhuis van haar zuster op krachten probeert te komen, worden een aantal echtparen in de omgeving beestachtig afgeslacht. De wijze waarop komt overeen met een van Lindsay’s eerste, nooit opgeloste, moordzaken. Tot groot verdriet van de plaatselijke politie, en tegen de regels in, bemoeit de geschorste Lindsay zich met de zaak. Onwetend van het feit dat een dodelijke jacht op haar geopend is, probeert zij vastberaden de moordenaars op te sporen.

James Patterson is een schrijfkanon dat sneller schrijft dan wij kunnen lezen. Een vakman met een enorme productie, die in elk boek zweeft tussen Kunst en Kitsch. Soms slaat de balans naar de ene kant door, soms naar de andere kant. De vierde seconde kent beide elementen. Omdat Patterson in de Women’s Murder Club een vrouwelijke doelgroep wil bedienen, heeft hij tal van soap-achtige scènes en accenten ingevoegd. Zo zijn er vrouwvriendelijke dialogen met een kleuter beschreven, enkele romantische intermezzo’s van de ik-persoon Lindsay met haar knappe vriend en wat ontspannen geklessebes met vriendinnen. Daar staat tegenover dat Patterson met zijn bondige taalgebruik zulke kunstige, trefzekere beelden kan oproepen dat ik ze meerdere malen genietend teruglees. “Het was een dag die zo uit een kinderkleurboek kon zijn gescheurd. Felgele zon. Fluitende vogeltjes en overal de zoete geur van de zomer.”
Patterson beschrijft een district in San Francisco dat “zo grimmig is dat zelfs de zon er niet over straat durft.” Een district waar je niemand op straat ziet: “Mensen van de nacht verdwijnen snel in het donker.”

De vierde seconde is deels een politieroman, waarbij fanatiek jacht wordt gemaakt op beestachtige seriemoordenaars. Deels ook een rechtbankthriller, waarbij de aanklager alles uit de kast trekt om Lindsay moord in de schoenen te schuiven. Patterson schrijft gemakkelijk en uitermate leesbaar. Het taalgebruik is eenvoudig maar beeldend. De hoofdstukken, met steeds wisselende scènes, zijn super kort (soms 1 pagina) en het tempo is moordend. Het plot is vrij simpel. Er lopen wat lijntjes door elkaar, maar die zijn zeer inzichtelijk. Zelfs op routine schrijft Patterson goede boeken. Als bestsellerauteur kent hij zijn taak: entertainen. De vierde seconde voldoet volledig aan die taakstelling. Het is vakbekwame, prettig geschreven ontspanningslectuur. Spannend en gewoon heel goed!

Reacties op: Tussen Kunst en Kitsch