Advertentie
    Marvin O. Hebban Recensent

Al heel mijn leven lang ben ik fan van korte verhalen. Kortverhalen noem ik ze liever, wat ik een andere connotatie vind hebben dan kort verhaal. Maar goed, Lidewijde Paris spreekt over kort verhaal, dus zal ik dat ook doen in deze recensie.

Omdat ik er fan van ben, lees ik ze veel. Ik volg online tijdschriften die me maandelijks honderden bladzijden aan korte verhalen bieden, ik krijg dagelijks een kort verhaal in mijn mailbox, en ik bezit uiteraard ook heel wat boeken met korte verhalen. Ik recenseer ook voor Hebban en krijg geregeld een bundel korte verhalen te bespreken. Ik weet niet of dat toeval is, of dat de redactie van Hebban ondertussen doorheeft dat ze die bundels steeds wel aan mij kwijt kunnen. Ik heb het ze nooit gevraagd … :-)

Ik lees ze veel, en ik lees meerdere genres (met een stevige voorkeur voor sciencefiction en historische verhalen), maar lees ik ze ook goed? Ik heb me die vraag nooit gesteld. In 2018 nam ik deel aan een leesclub waarin we acht korte verhaaltjes lazen en bespraken. Daaruit bleek toch dat zelfs deze verhaaltjes, die amper woorden bevatten, toch voor een heel andere interpretatie bij de lezer konden zorgen. Ik stelde me nog steeds niet de vraag of ik ze goed las, maar merkte wel dat je ze ook anders kon lezen. Ik had mijn mening over de interpretatie van een verhaal, en iemand anders las er iets heel anders in. Iets voordien had Lidewijde Paris haar boek Hoe lees ik korte verhalen? uitgebracht. Het boek kwam op mijn radar terecht, en de vragende titel trok me wel aan. Niet dat ik van plan was me zorgen te maken over hoe ik las of van plan was daar iets aan te veranderen. Wel vroeg ik me af of er dan wel een manier móet zijn om korte verhalen te lezen? En waarom wil iemand ons vertellen hoe wij dat dan wel moeten doen? Is dat niet wat aanmatigend?

Lidewijde Paris zet gelukkig vrij snel dit misverstand recht. De “ik” in de titel slaat alleen op haarzelf. In een lange en enthousiaste inleiding legt Paris een aantal dingen uit, zoals de ontstaansgeschiedenis van dit boek, wat interessante dingen over korte verhalen, en ook een verduidelijking van de titel. Want geef toe, de titel doet je toch meteen denken dat het boek je even zal uitleggen hoe jij dat nu eigenlijk moet doen, korte verhalen lezen. Niet dus. Paris legt uit hoe zij dat doet, en wat je er voor jezelf uit wil halen, daar heb je alle vrijheid in. Ook veel later in het boek, op pagina 232, wordt dit nogmaals herhaald:

“… recensenten en analisten proberen het mysterie te vangen in andere woorden, te vertalen, zij gaan op zoek naar de invloeden die de oorsprong van het verhaal verklaren, terwijl een schrijver kan opereren in een open veld, los van dat alles. De kans is groot dat ze het mysterie kapotanalyseren. Ik ben mij van dat risico bewust. Daarom benadruk ik steeds dat ieder op zijn of haar manier moet lezen.”

Oef dus, er is in ieder geval nooit iets mis met de wijze waarop ik lees. Gelukkig maar, stel je voor dat ik al veertig jaar lang fout aan het lezen was.

De inleiding is enthousiast en lang, dat zei ik al, maar ook heel boeiend om te lezen. Daarna is het tijd voor het echte werk. Een zevental hoofdstukken volgen, en in elk hoofdstuk wordt een thema behandeld dat Paris de moeite vindt om te behandelen. Show and tell is daar het eerste van. Korte verhalen hebben niet het alleenrecht op dat concept, maar het moet hier net iets anders worden uitgewerkt want een kort verhaal biedt nu eenmaal niet de ruimte die een dik boek biedt om dingen uit te werken. Paris legt dat allemaal netjes uit, en sluit af met twee verhalen waarin dit concept toegepast wordt.

Die twee korte verhalen komen in elk van deze hoofdstukken terug. Ze zijn opgevat als mini-leesclubjes, of solo-leesclubjes, met enkele vragen vooraf, dan volgt het verhaal, en vervolgens Paris’ eigen antwoorden daarop. Wie wil, kan zelf met de vragen aan de slag. Heb je daar geen zin in, kan je gewoon genieten van de verhalen en lezen hoe Paris ze interpreteert. Leuk is ook dat steeds een biografie is toegevoegd van de schrijvers.

Andere onderwerpen die aan bod komen zijn perspectief en focalisatie, het toepassen van een vliegende start, metaforen en vergelijkingen, het concept spiegelingen, paradoxen en Tsjechovs geweer en tenslotte het toevoegen van een moraal of niet. De schrijvers van de korte verhalen zijn soms heel bekend, soms ook totaal niet. We komen tegen: Guy de Maupassant, Saki, David Leavitt, Annelies Verbeke, Conrad Bercovici, Truman Capote, Virginia Woolf, Teffi, Raymond Carver, Stuart Dybek, Anton Tsjechov, Ninni Holmqvist, Etgar Keret en Kurt Vonnegut.

Paris spreekt met kennis van zaken. Ze weet echt wel waar ze het over heeft, en gebruikt ook vaak voorbeelden van andere korte verhalen die niet zijn opgenomen om iets duidelijk te maken. Ze toont zich als een belezen dame die goed verbanden kan leggen. Bovendien is ze niet te beroerd om het toe te geven wanneer ze zelf het antwoord op een vraag niet weet. Want dat kan natuurlijk prima. Soms heb je als lezer een boek niet helemaal doorgrond. Met korte verhalen is dat risico nog groter. De schrijver heeft weinig woorden om iets uit te leggen, en maakt bijvoorbeeld gebruik van een metafoor die een hele bladzijde aan verklaringen vervangt. Als de lezer de metafoor niet begrijpt, is het verhaal meteen ook voor hem/haar verloren. Het is goed om dat te beseffen. Ik lees zelf geregeld een kort verhaal waarvan ik achteraf denk: waar ging dit nou eigenlijk over? Het is geruststellend om te lezen dat anderen dat ook wel eens hebben.

Het boek sluit af met een setje vragen die je zelf steeds kan gebruiken als je een kort verhaal zelf wil analyseren, en met een begrippenlijst die het boek nog eens kort samenvat. Een uitgebreide bibliografie mocht uiteraard ook niet ontbreken. Hoe jij een kort verhaal moet lezen, kom je niet te weten, want dat is, zoals ondertussen hopelijk wel duidelijk is, helemaal je eigen keuze, maar Hoe lees ik korte verhalen? kan je wel helpen om meer te halen uit korte verhalen. Lidewijde Paris schrijft ergens dat het lezers kan helpen om meer inzichten te verwerven in verhaalopbouw en schrijfstijl en dergelijke. Dat is waar, maar precies daarom denk ik dat het boek nog geschikter is als basisboek voor aspirant-schrijvers van korte verhalen, dan voor de lezers ervan. Zij zullen hier heel wat tips kunnen uithalen om hun korte verhalen beter te maken.

Reacties op: Voor lezers, maar ook bijzonder geschikt voor aspirant-schrijvers

18
Hoe lees ik korte verhalen? - Lidewijde Paris
Jouw boekenplank Jouw waardering
Jouw recensie   Schrijf een recensie
? Bestel dit boek bij Libris.nl Bestel het boek vanaf € 14,99
E-book prijsvergelijker