Raymond Rombout Hebban Recensent

De 'Yorkshire Ripper' is een Engelse seriemoordenaar die in het echte leven nu nog zijn straf uitzit en recent te horen kreeg dat hij nooit meer zal vrijkomen. Alsof dat nog een discussiepunt zou zijn. De man heeft minstens dertien moorden op zijn conto. Hij was actief van 1975 tot 1981, zijn doelgroep waren prostituees, die hij met hamers, zagen en schroevendraaiers bewerkte tot ze onherkenbaar waren. Waarschijnlijk leerde hij voor schrijnwerker. De man werd per toeval ingerekend toen hij voor de neus van de politie als klant van een prostituee haar in de auto liet stappen. Dit fijne heerschap beweerde, na arrestatie en bekentenis, een roeping van God uit te voeren, die tegen hem had gesproken vanonder een grafsteen. Dat was meteen zijn voorbereiding om zich ontoerekenbaar te laten verklaren, maar dat werd gecounterd.
Van dit thema maakt schrijver David Peace, van Yorkshire afkomstig, een korte serie van vier romans. 1977 is het tweede deel, nadat 1974 met veel lof werd ontvangen.

Peace creëerde twee hoofdpersonages: detective Bob Fraser en journalist Jack Whitehead. Beide mannen zijn getormenteerde figuren, die elk op hun manier niet lekker meer in hun vel zitten. Fraser schurkt meer dan goed voor hem is tegen de grens van het toelaatbare aan. In een tijd dat prostitutie streng wordt beteugeld, geniet hij van zijn privémomenten met de zwarte Marie. Als lid van de divisie die over deze Yorkshiremoorden gaat is hij vaak getuige van corrupte, incorrecte of malafide gedragingen van zijn collega’s, die hij noodgedwongen moet dekken door zijn gecorrumpeerde relatie met Marie. Wat er precies met Whitehead aan de hand is, verneem je pas stelselmatig in het verhaal, maar duidelijk is dat hij een verlies betreurt, wat hij inboet met nooit aflatende engelen in zijn dromen.
Tot daar het verhaal, dat immers nog twee vervolgen zal kennen.

Peace wordt veel lof toegezwaaid voor zijn stijl, die je laag na laag moet afpellen naarmate de bladzijden vorderen. Hoe dieper je gaat in het boek, hoe donkerder, hoe bloediger. Kan moeilijk anders, gezien het onderwerp. Bob en Jack zijn allesbehalve de witte ridders die tegen misdaad strijden. Beiden gecompromitteerd, Bob onbehouwen, Jack herstellend van een alcoholverslaving. Peace kruipt in hun hersenen, en stuurt van daaruit met korte, botte dialogen de actie. Gemakkelijke lectuur is dit helemaal niet. Als lezer zwoeg je door de plot, je telkens afvragend waar je aan begonnen bent. Je probeert bij te blijven met de personages, de doden, de motieven, de zijsprongen. Elk hoofdstuk begint met het transcript van een radiogesprek uit de fictieve John Shark Show die verontruste burgers aan het woord laat.
Ik ben ervan overtuigd dat deze exploratieve manier van lezen velen zal aanspreken en literair valt er weinig op aan te merken. Voor wie op zoek gaat naar houvast, empathie of herkenbaarheid is het echter recht blijven op ijs: het grijpt niet, pakt niet, het lijkt een mooie verpakking waarbij je voortdurend naar de strik zoekt. Soms zit je te kijken naar een scenarioachtige opbouw zonder franje, met een halve lege bladzijde. De serie zal pas in totaliteit kunnen worden beoordeeld, omdat je alle onderdelen moet lezen én kennen voor je ze kunt plaatsen. 'Go in Peace' man, want je zo verdiepen in zo’n donkere moordenaarscase, dat moet sporen achterlaten. 1977 lezen kan dus uw gezondheid schaden.

Reacties op: Hoe dieper in het boek, hoe donkerder, hoe bloediger