Advertentie

Dit zesde boek met de Antwerpse speurders Vincke en Verstuyft begint op het moment dat een verzekeringsmaatschappij de autopsie vraagt bij een verkeersdode, die een hoge verzekeringspolis had lopen. Uit het onderzoek blijkt dat er kwaad opzet in het spel is. Als enkele dagen later de zoon, en zakenpartner, van de verkeersdode het loodje legt tijdens een jachtpartij, bijten Vincke en Verstuyft zich in het onderzoek vast, maar aanknopingspunten zijn moeilijk te vinden. Wat wel opvalt is dat bijna alle betrokkenen banden hebben met Opus Dei, een katholieke beweging, die er werk van maakt om zoveel mogelijk van hun leden op zeer belangrijke functies te posteren. Hierdoor heeft de organisatie veel invloed op het reilen en zeilen van de Belgische economie, rechtswezen en zelfs bestuur.

Dit boek is een typisch werk van Jef Geeraerts, waarin hij met scherp schoot op de Belgische machthebbers, zoals daar zijn: politici, het rechtswezen, politie en rijkswacht. En ook in dit boek is het verhaal doorspekt met deze maatschappelijke kritiek, waarbij de invloed van godsdienst, corruptie, vriendjespolitiek en doofpotacties het moeten ontgelden.

De schrijver gaat er prat op dat er heel wat research aan zijn boeken vooraf gaat, en dat bewijst hij hier ook weer door enkele dossiers bij het verhaal te voegen over het onstaan en de huidige invloed van Opus Dei.

Dit alles staat echter leesbaarheid niet in de weg, want buiten één personage dat spreekt zonder interpunctie, is het boek geen zware pil, maar een vlot leesbaar, degelijk politieverhaal.

Reacties op: