Na de val van Sadam Hoessein ligt Irak in puin. Vrijwel alle vormen van telecommunicatie en digitale dataoverdracht zijn verdwenen, en dus is het land voor zijn heropbouw aangewezen op een zuivere casheconomie. De Verenigde Staten transporteren scheepsladingen dollarbiljetten naar het land om de banken te voorzien van het geld dat ze nodig hebben om de economie weer op gang te trekken. Dat de fysieke aanwezigheid van al die miljarden in baar geld de aandacht trekt van minder bonafide figuren, is de logica zelf. Tegen deze achtergrond ontwikkelt de Australische schrijver Michael Robotham zijn nieuwste thriller, De afrekening, en die opent meteen op meerdere fronten tegelijk...

In Bagdad haast journalist Luca Terracini zich naar de voorstad Karrada waar zojuist een bankoverval werd gepleegd, de achttiende al dit jaar. Bizar is dat nadien nooit een cent van het gestolen geld ergens weer opduikt. Luca is vastbesloten uit te zoeken waar al dat geld naartoe stroomt, en krijgt daarbij de hulp van Daniela Garner die, in opdracht van de VN, een verklarend rapport moet schrijven over een reeks onduidelijke geldbestedingen in Irak. In Londen wordt ex-politieagent Vincent Ruiz bestolen door Holly, een scharrel van een nacht, en haar vriend Zac. Als Ruiz hen opspoort en vindt, werd Zac intussen gruwelijk gefolterd en nadien vermoord. Vincent neemt Holly onder zijn hoede, want nu loopt ook zij gevaar. Intussen hebben Luca en Daniela het spoor van het gestolen geld gevolgd tot in Europa, en dat leidt hen naar Richard North, een bankier die sedert kort verdwenen is en opgespoord wordt door Elizabeth, zijn zwangere echtgenote. Bankiers, politie, geheime diensten, internationale terroristen... uiteindelijk zijn ze allemaal op zoek naar hetzelfde: het notaboekje van de bankier, dat de sleutel bevat tot een wereldwijd financieel complot. Maar wie heeft dat boekje? Holly misschien wel, want zij haalde met de bankier ooit dezelfde stunt uit als met Victor Ruiz...

Omdat Michael Robotham ooit zelf journalist was, kan het hem moeilijk kwalijk genomen worden dat hij de actuele, wereldwijde financiële crisis gebruikt als vangnet voor dit verhaal. Het beeld dat hij ophangt is ontstellend: in de wereld van de ‘'high finance'’ heiligt het doel - de wereldeconomie naar eigen goeddunken aansturen en manipuleren -— werkelijk alle middelen. Op dit niveau is geen onderlinge concurrentie meer, wel een gemeenschappelijke overlevingsdrang waarbij de banken elkaar ondersteunen, afschermen en indekken, en daarvoor werkelijk tot het uiterste willen gaan.
Het lijdt geen twijfel dat Robotham over deze complexe materie zijn huiswerk heeft gemaakt. Gelukkig verliest hij zichzelf —- en de lezer -— niet in een overdaad aan opschepperige vakterminologie of belerende uiteenzettingen, maar houdt hij het eigenlijke verhaal en de personages steeds mooi op de voorgrond. Als de diverse verhaallijnen, zoals verwacht, uiteindelijk samenkomen, of als, met andere woorden, de link tussen de verhalen van Vincent, Holly, Luca, Daniela en Elizabeth duidelijk wordt —- drie vierden van het boek is dan al gelezen -— is het vooral Victor die de lakens van het verhaal naar zich trekt. Een logische keuze, gezien zijn achtergrond als politieagent, maar het indrukwekkendste personage is Vincent niet. Die prijs gaat absoluut naar Elizabeth: aanvankelijk ontredderd door de verdwijning van haar man, ontwikkelt ze zich gaandeweg tot een vastberaden en vastbesloten dame die goed weet hoe haar eigen boontjes te doppen. Een memorabel personage! 

De afrekening is zonder meer een spannende thriller. Dat de plot zich na een tijdje samentrekt rond de enige overblijvende vraag "“wie heeft het geld gestolen en waarom"” waardoor de andere criminele feiten —- en hun eventuele oplossing —- ondergeschikt worden aan het grote verhaal, is slechts een heel klein beetje jammer. Af en toe steekt het gevoel het allemaal al eens eerder gelezen te hebben, de kop op. Laten we dat maar wijten aan het feit dat dit een echte complotthriller is: een complot is een complot, alleen het milieu waarin het gesmeed wordt varieert.

Het boek is met veel souplesse geschreven, en aangenaam om te lezen. De romances zijn voorspelbaar (zoals het hoort), de acties gedoseerd maar pittig, de dialogen gevat, het tempo stevig. Kleinmenselijke drama'’s zorgen tussendoor voor wat evenwicht en kruiden het verhaal. De spanning wordt mooi opgebouwd, de lezer wordt geregeld op het verkeerde been gezet, en het einde is verrassend... Is dit niet de definitie van een thriller?

Reacties op: Een echte complotthriller