Rose Leighton Hebban Recensent

Een auteur die in een boek zelf al een accurate omschrijving van de kwaliteit geeft: dat kom je niet zo vaak tegen. Christine Adamo presteert het echter, als ze in een dialoog tussen de hoofdpersoon en haar vriend de hoofdpersoon laat zeggen dat ‘het wel het plot van een B-film lijkt’, wat haar allemaal overkomt. Dat is een vrij treffende omschrijving: het plot is niet ijzersterk en hangt van een paar flinke onwaarschijnlijkheden aan elkaar.
Het verhaal valt in twee delen uiteen, die in het begin lichtjaren uiteen liggen en uiteindelijk op een aardige manier bij elkaar komen. Verhaal nummer één gaat over Liz, een Australische die haar saaie en voorspelbare leventje gedag zegt en naar Frankrijk verhuist. Daar hoopt ze meer te weten te komen over haar moeder, die uit haar leven verdwenen is toen ze nog een meisje was. Het enige dat ze weet is dat haar moeder vanuit Frankrijk naar Australië is geëmigreerd. Op het platteland van de Provence hoopt ze meer te weten te komen. Dat gaat niet zonder slag of stoot. Er duiken verschillende lichamen op in Liz’ buurt en ze raakt ook verwikkeld in een relatie met een vriendelijke Amerikaan die op wonderbaarlijke wijze opduikt en die een onverwachte connectie met Liz blijkt te hebben.
Het andere verhaal is van een totaal andere soort. In pakweg honderd pagina’s, en verweven met het verhaal van Liz, vertelt de auteur de geschiedenis van de Australische Aboriginals. Dat doet ze aan de hand van een familiestamboom die begint in 70.000 voor Christus. Met reuzesprongen gaat Adamo door de tijd, en vertelt hier en daar een stukje over de Aboriginalfamilie en hun van rampen doorspekte geschiedenis. Een beetje ‘Stam van de Holenbeer’-achtig, maar dan in het heel kort.
Dat Adamo deze twee verhalen uiteindelijk bij elkaar weet te brengen, is het sterkste deel van dit boek, en daarmee stipt ze ook meteen een in Australië nog steeds actuele kwestie aan. Dat is interessant. Maar meer dan dat wordt het helaas niet, omdat de spanning in het Liz-gedeelte ontbreekt. Het verhaal komt maar matig van de grond en blijft flinterdun. Als er dan ook nog wat kunstgrepen toegepast worden aan het eind, waarvan de geloofwaardigheid matig is, draait Adamo eigenlijk zichzelf de nek om. Dat is jammer, want ze is duidelijk thuis in haar onderwerp, en weet er veel van. Zoveel dat ze een aantal begrippen meent te moeten verduidelijken met een notenapparaat, als ware dit een wetenschappelijke tekst.
Ongetwijfeld klopt er veel van wat de auteur beschrijft op het gebied van Aboriginalgeschiedenis en de flora en fauna rondom deze mensen, maar de keus om die informatie te koppelen aan een in het heden gesitueerd, spannend bedoeld verhaal, pakt niet zo goed uit. Daarvoor is de plot te weinig sterk – iets dat Adamo zich blijkbaar al gerealiseerd had, anders laat je je hoofdpersoon haar eigen situatie toch niet omschrijven als ‘een verhaal uit een B-film’…

Reacties op: Plot van een B-film