Advertentie

Er zijn veel boeken over oorlogen, zeker over WOII, maar dit keer vertelt Veit Kolbe, een Wehrmacht-soldaat het verhaal zelf. Deze man komt gewond terug van het Oostfront en mag in zijn geboorteland Oostenrijk herstellen. Uiteindelijk vindt hij zijn thuis in het dorp Mondsee, alwaar de rijzige gestalte van de Drachenwand als een personage de wacht houdt. Hierover later meer. Het verhaal wordt in de ik-vorm verteld in bijna zakelijk proza, met af en toe een uitschieter van een gruwelijk situatie of wanneer de machtig mooie ruigte van de natuur beschreven wordt. Normaliter lees ik liever geen recensies vooraf en luister niet naar interviews, maar dit keer kwam ik middenin in een uitzending waarin Arno Geiger in gesprek was over dit boek en was verkocht. Ik wilde graag weten hoe een Wehrmacht-soldaat zich voelt bij oorlogshandelingen die hij uitvoert in opdracht van F. zoals de leider genoemd wordt in het boek. De auteur vertelde dat hij tien jaar bezig is geweest met de voorbereiding van het boek.

‘Helemaal aan het begin van onze veldtocht hadden we in Rusland passabel met de bevolking gepraat, de mond en de ogen van de mensen waren opengevallen toen enkele soldaten foto’s van het vaderland en van hun huizen lieten zien. De Russen vroegen wat we in hun land wilden, het was in ons eigen land toch prachtig. Ik vertelde papa erover.’ (2018-160)

Dit boek kenmerkt zich door de manier waarop het gewone leven beschreven wordt. Vaak lezen we over oorlogshandelingen, gewonden, honger, maar er werd natuurlijk gewoon doorgeleefd tijdens de moeilijke oorlogsjaren. Hoewel het geen briefroman is, staat er wel een aantal brieven in, ze geven een intieme blik op huiselijke beslommeringen. Juist de persoonlijke touch geeft vaak kleur aan een verhaal.

-Een moeder die haar dochter aanmaant op te passen voor mannen en vraagt zich een beetje in te houden bij verzoeken om kleding.
-Een kleinkind dat tijdens de oorlog geboren wordt, maar door de grote afstand kan oma haar kleindochter niet zien.
- Ondergoed dat tot in den treure versteld wordt en grijs van ellende bijna uit elkaar valt, niet zo handig wanneer je verliefd bent en er leuk uit wilt zien voor je geliefde.

Kolbe vertelt en passant over zijn oorlogsverleden, hij hield er behalve een kaakfraktuur, een etterende wond aan zijn been, hoofdpijnen en angststoornissen aan over en.... een onderscheiding:

‘Vier jaar oorlog, zorgen en bezoekingen, ik had mijn vrachtwagen, een Citroën, van Wenen tot aan de Wolga en van de Wolga terug naar de Dnjepr gebracht. Talloze veerbreuken, een paar asbreuken, afgebroken cardanassen, gebroken stuurstang, meermaals defecte dynamo, bevroren remtrommels, benzineleiding, benzinepomp, oliefilter, starter, in de winter urenlang onder de auto, voortdurend ruwe handen vanwege de beestachtige kou en de benzine. Als ik ergens tegenaan stootte, scheurde de huid in repen af. Het doorzettingsvermogen van de Citroën was in werkelijkheid mijn eigen doorzettingsvermogen geweest, en ik had nooit ook maar de geringste waardering geoogst. En nu een onderscheiding omdat ik op het verkeerde moment op de verkeerde plaats was geweest, een onderscheiding voor drie seconden pech en voor het feit dat ik er niet vandoor was gegaan. Ik ontving de onderscheiding uiterst beheerst en deed die af zodra ik weer alleen was.’ (2018-12)

Meerdere verhaallijnen, die indirect of direct met elkaar te maken hebben, lopen parallel aan elkaar.
De focus ligt op Kolbe, daarnaast gebeurt er van alles in het kleine dorp waar hij zijn toevlucht gezocht heeft.
Zijn – vooralsnog oncomfortabele – onderkomen heeft hij te danken aan zijn oom die daar aangesteld is als wachtpostcommandant. Het is een kleine post en de commandant vult zijn functie naar believen in. Kolbe heeft oog voor de manier waarop zijn oom werkt en denkt er het zijne van. Zonder op details in te gaan is dit een van de verhaallijnen die de verhoudingen duidelijk maken, wie buiten de boot valt wat betreft zijn mening of afkomst is in het nadeel.
De personages leven in 1944 en hebben geen idee over het verloop. Dit geeft de nodige spanningen tussen de voor- en tegenstanders van het bewind van de F., zelfs in één familie kunnen de meningen al verdeeld zijn. Veits vader gelooft heilig in de oorlog, dat gaat wringen, vandaar dat Kolbe niet thuis in Wenen blijft wonen.

De geografie van Mondsee verdient wat extra aandacht. Door de beeldende beschrijving van het gebied waarin het grootste deel van de roman zich afspeelt waan je je in de bergen. Het is niet alleen de schaarste van voedsel, brandstof, kleding en genotsmiddelen, maar ook het klimaat dat zorgt voor het idee dat het verblijf daar vooral overleven is. De Drachenwand wordt regelmatig genoemd in het boek en is daarmee bijna als een personage. Met zijn markante uiterlijk maakt hij een imposante indruk en worden hem eigenschappen van een levend wezen toegekend, zo stond zijn ‘machtige rotsschedel’ grauw in de nevel, keek hij met ‘lege ogen naar het landschap beneden’ en leek de schouder 'rozig getint'.

‘Een halfuur reizen vanaf Salzburg, maar deel uitmakend van Oberdonau, ligt aan de oever van de Mondsee de plaats die dezelfde naam draagt als het meer. De Drachenwand zet in het zuiden boven de eveneens aan het meer gelegen plaatsen St. Lorenz en Plomberg een grote borst op, en in het zuidoosten, boven het andere eind van het meer, verheft de Schafberg zijn markante neus, die nu met sneeuw is bedekt. Doordat de Mondsee vlak bij de belangrijkste bergrug van de Alpen ligt, is het klimaat er ondanks de geringe noordelijke breedte guur.’ (2018-25)

Denk nu niet dat alles kommer en kwel is in dit boek. Dat is beslist niet het geval, zo is er bijvoorbeeld ruimte voor een liefdesrelatie. Kolbe leert een aantrekkelijke getrouwde vrouw kennen die met haar baby achtergebleven is, haar man is soldaat en al een tijd van huis. Aan de baby, die zich gedurende het jaar ontwikkelt tot peuter, beleeft Kolbe veel plezier. De kleine huiselijke dingetjes maken het boek zo herkenbaar en fijn leesbaar, ze zijn welkom ter afwisseling van de sombere berichten over bombardementen, dode familieleden en het schrijnende lot van een Joodse familie op de vlucht.

Deze ogenschijnlijk kabbelend verlopende roman laat zich niet eenvoudig in een hokje stoppen. Het bedrieglijke kalme blijkt toch een verhaal te zijn waarin veel verteld wordt over angst, hoop, trots en twijfel van de bevolking. Tijdens en na het lezen wordt duidelijk dat de auteur vooral heeft laten zien dat de situatie verre van zwart-wit is, veel is grijs.

‘Graven en kraters en puinhopen en boze geesten. Is alles alleen maar een nachtmerrie? Ik was sprakeloos, het graf één grote hoop onkruid en de familie reptielachtige roofdieren die me in levenden lijve wilden opvreten. In het gewone kille grauwe leven.’ (2018-317)

Reacties op: Gedurfde roman over een Wehrmacht-soldaat

23
Onder de Drachenwand - Arno Geiger
Jouw boekenplank Jouw waardering
Jouw recensie   Schrijf een recensie
? Bestel dit boek bij Libris.nl Bestel het boek vanaf € 24,99 Bestel het e-book € 12,99
E-book prijsvergelijker