Woensdagvoorleestip: je zou ze allemaal mee naar huis willen nemen
Voorlezen begint bij de leukste prentenboeken. Hebban en De Nationale Voorleesdagen tippen elke woensdag een nieuw boek en helpen jou bij het opbouwen van je voorleesboekenplank. Volg de Woensdagvoorleestip om geen enkele boekentip te missen.
Het voorleesboek van deze week
Er was eens een hond die zat op z’n kont
Het idee voor Er was eens een hond die zat op zijn kont ontstond uit de liefdevolle hondenillustraties van John Bond. In eigen land verschenen ze in een kinderpoëziebundel waarvoor Lou Peacock bestaande gedichten selecteerde. In het Nederlands taalgebied hebben we er onze eigen draai aan gegeven met negentien volledig nieuwe gedichten bij de prenten, gemaakt door Nederlandstalige (kinderboeken)auteurs. Verwachte namen als Bette Westera, Edward van de Vendel en Bibi Dumon Tak, maar ook Hebban Debuutprijs 2024-winnaar Maud Vanhauwaert en dichters Babs Gons en Tjitske Jansen. De titel is ontleend aan de onsterfelijke woorden van een vijfjarige Annie M.G. Schmidt: 'Er was eens een hond / die zat op zijn kont'.
De prenten van John Bond portretteren honden van alle soorten en maten op alle mogelijke manieren, tegen een zachtgekleurde achtergrond waar gedicht en hond evenveel ruimte krijgen. De dichters baseerden zich op hun 'eigen' prent en daaruit is een verzameling ontstaan die tegelijkertijd grappig, verdrietig, energiek, kalmerend, bijzonder en alledaags is. Niet alleen tussen mens en dier, maar ook tussen hond en mand, hond en het wachten voor de deur, hond en de verbeelding. Het ene gedicht is maar een paar regels lang, het andere past niet op een enkele pagina, maar elk gedicht is zo overduidelijk van een hondenliefhebber dat Er was eens een hond die zat op zijn kont overstroomd van liefde. Het is een perfect samenspel tussen illustratie en tekst en geschikt van jong tot oud.
Thema's
Poëzie, humor, vriendschap, mens en dier.
Leeftijd
Deze kinderpoëziebundel lees je het beste voor aan kinderen vanaf een jaar of vier, vijf. Je kunt het natuurlijk al veel jonger voorlezen, want de cadans van de gedichten is fijn en met je stem kun je de emoties over kunt brengen die kinderen nog volop leren. Maar poëzie begrijpen vergt abstract denken, en dat beginnen kinderen voor het eerst voorzichtig te ontwikkelen rond hun vierde levensjaar. Ze ontdekken dan diepere lagen in de tekst.
Hoe lees je dit voor?
Er was eens een hond die zat op zijn kont is geen voorleesboek om in één zitting door te lezen. Het kan natuurlijk wel, als jullie allebei dol zijn op de gedichten. Kies bijvoorbeeld elke avond een gedicht uit om er samen nog eens over na te praten. Wat denk je dat het betekent, wat voel je erbij? Ga in willekeurige volgorde door het boek heen of kies, als kinderen het boek goed kennen, een gedicht dat bij je stemming van die avond past. Zo kun je meteen inchecken bij je (voorlees)kind.