Advertentie

Hebban vandaag

Interview /

Boekmakers #8 / Robbert Ammerlaan: 'Ik heb nog wel een paar jaar voor de boeg'

door Jet Steinz
Op je zestigste heeft het geen zin meer, zei Paul Brandt in een eerdere aflevering van Boekmakers over het oprichten van een eigen uitgeverij. Voormalig directeur van De Bezige Bij, Robbert Ammerlaan (1944), heeft daar duidelijk een andere kijk op. Hij begon in 2014 aan een nieuw avontuur: uitgeverij Hollands Diep.

 Ammerlaan begon zijn carrière als uitgever bij A.W. Sijthoff, waarna hij werkzaam was bij Unieboek, Bosch & Keuning en Ambo|Anthos. In 1998 werd hij door De Bezige Bij gevraagd als directeur, om de verzwakte en gezapige uitgeverij uit het (financiële) slop te halen — waar hij glansrijk in slaagde, door successen te boeken met auteurs die al in het fonds van De Bezige Bij zaten (Harry Mulisch, Tommy Wieringa, Leon de Winter), schrijvers die hij ontdekte (Khaled Hosseini, Peter Buwalda, Karin Slaughter), Ambo|Anthos-auteurs die met hem meegingen (Donna Tartt, John Irving, Karen Armstrong) of auteurs die vanuit andere uitgeverijen de overstap maakten naar De Bezige Bij (Jan Siebelink, Philip Roth, A.F.Th. van der Heijden).

U was 55 toen u uitgever werd van De Bezige Bij — te oud voor het oprichten van een eigen uitgeverij, zei u een paar jaar geleden in een interview. Nu heeft u het alsnog gedaan. Waarom niet eerder?

‘Ik heb altijd betreurd — maar dit is gepraat achteraf — dat ik geen eigen uitgeverij ben gestart toen ik jonger was. Naar mijn mening had het nog net gekund in mijn tijd bij Ambo|Anthos. Maar gevraagd worden door De Bezige Bij, zo’n cultureel monument… dat was iets waar ik geen nee tegen kon zeggen. An offer you can’t refuse.’

U twijfelde geen moment?

‘Ik heb zeker getwijfeld, maar mijn aarzeling om naar De Bij te gaan had meer te maken met de auteurs die ik zou achterlaten bij Ambo|Anthos. Ik had daar in de loop der jaren een aantal auteurs om me heen verzameld waar ik goed bevriend mee was geraakt en het afscheid waarvan mij zwaar zou vallen, zoals Donna Tartt, John Irving en Karen Armstrong. Overigens is een groot aantal auteurs mij vervolgens gevolgd naar De Bij, dus uiteindelijk was dat bezwaar minder groot dan het aanvankelijk leek.’

Hoopte u dat deze auteurs u ook zouden volgen naar Hollands Diep?

‘Nee. Ik heb mij voorgenomen met Hollands Diep echt nieuw talent te ontdekken, en niet in het vaarwater te gaan zitten van De Bezige Bij. Ik heb daar met hart en ziel gewerkt, het is een mooi huis dat ik niet lelijk wil maken en onnodig schade wil berokkenen.

 

Ik denk dat veel mensen hebben gedacht dat ik
auteurs zou wegkapen, maar daar gaat het mij niet om.
Met Hollands Diep wil ik van nul echt iets nieuws opbouwen.
Dat vind ik spannend.

 

Ik heb een moeilijke beslissing moeten nemen toen Irving mij het manuscript voor Avenue van de mysteriën toestuurde. Natuurlijk had ik hem graag willen uitgeven, maar ik heb hem geadviseerd bij De Bij te blijven: hij zit goed daar, het zou voor hem een hele stap zijn om naar Hollands Diep te komen. Ik denk dat veel mensen hebben gedacht dat ik allerlei auteurs zou meenemen, maar daar gaat het mij niet om. Met Hollands Diep wil ik een nieuwe literaire uitgeverij opbouwen – uit het niets. Dat vind ik spannend.’

Had u het wel gezien bij De Bezige Bij?

‘Ik ben vertrokken bij De Bij vanwege mijn leeftijd: in een concern als WPG, waar De Bij toe behoort, moet je nu eenmaal afzwaaien op je 65e. Ik mocht blijven tot mijn 70e, en dat was een bijzonder arrangement; daarna, vond men, zou het echt afgelopen zijn, en was een nieuwe generatie aan de beurt. Die beslissing heb ik gerespecteerd.

Een paar maanden lang heb ik gedacht dat het daar voor mij zou stoppen, dat die laatste tijd bij De Bij ook mijn laatste activiteiten in de uitgeverswereld zouden zijn. Totdat ik in contact kwam met Cees Wessels [eigenaar van Overamstel Uitgevers, red.] die vroeg of ik onder de vlag van Overamstel Uitgevers niet een eigen uitgeverij wilde oprichten.’

 

Ik heb bewust gekozen voor een uitgeverij
met een bescheiden schaalgrootte.
De laatste jaren bij De Bij vond ik
dat het erg druk en groot werd.

 

Heeft u überhaupt wel thuis gezeten, nadat u bij De Bezige Bij bent weggegaan?

‘Ik heb niet meteen ja gezegd, want ik wist niet zeker of ik het wilde. Bovendien was ik net begonnen met het schrijven van een boek over Harry Mulisch. Aanvankelijk dacht ik daarnaast geen tijd te hebben om iets anders te doen, maar ik merkte al snel dat ik het uitgeven begon te missen. En dan vooral het vinden en ontdekken van talent. Het klinkt hoogdravend, maar het creëren van iets moois — wat je in feite doet wanneer je nieuwe schrijvers ontdekt — is buitengewoon aantrekkelijk, en ik merkte dat ik hier nog lang niet klaar mee was. De mensen die ik vervolgens heb geraadpleegd, zeiden me allemaal: je bent er goed in, het is zonde om dit voorbij te laten gaan; als jij het wil, moet je het absoluut doen. Tussen mijn afscheid bij De Bij en het besluit Hollands Diep te beginnen zaten uiteindelijk zes maanden.’

Wat zijn de grootste verschillen tussen Hollands Diep en De Bezige Bij?

‘Ik heb bewust gekozen voor een uitgeverij met een bescheiden schaalgrootte. De laatste jaren bij De Bij vond ik dat het erg druk en groot werd. Met 175 titels per jaar kan je nu eenmaal niet overal even betrokken bij zijn. Met 25 titels, waar ik met Hollands Diep naar streef, kan dat wel: bij elk van mijn boeken ben ik, vanaf de ontdekking tot aan de publicatie, betrokken. Er is meer aandacht voor auteurs, meer tijd voor zorgvuldige begeleiding. Bovendien kan ik nu een persoonlijker stempel drukken op mijn fonds; daarin zit het onderscheidend vermogen van een uitgeverij.’ 

U was actief betrokken bij het zoeken van een opvolger voor u bij De Bezige Bij. Over uw destijds beoogde opvolger Hans Nijenhuis zei u, in een interview in Vrij Nederland uit 2009: ‘Hij moet over het goede DNA beschikken.’ Waaruit bestaat het DNA van een goede uitgever?

‘Het klinkt misschien een beetje pretentieus, maar waar ik toen vooral op doelde, is dat je een combinatie nodig hebt van inhoud, kwaliteit en zakelijk instinct. Die samenstelling — met de juiste balans tussen de drie elementen — is niet zo makkelijk te vinden. Het is niet heel moeilijk om mooie boeken te vinden en uit te geven, maar om dat te kunnen blijven doen heb je ook een aantal commerciële successen nodig. Als je dat evenwicht weet te bewerkstelligen als uitgever, voel je je heel erg één met het huis. Dat heb ik in ieder geval heel sterk gevoeld bij De Bij: ik voelde me verbonden met haar auteurs, haar geschiedenis en traditie, en voelde aan wat er aan veranderingen nodig was om de uitgeverij in stand te houden. Als je dat niet ervaart en een afstandelijke houding blijft aannemen, ben je niet de juiste persoon.’

Uiteindelijk is Henk Pröpper degene die u heeft opgevolgd. Hoe vindt u dat De Bezige Bij het nu doet?

‘Ik heb allerlei meningen die ik liever voor mezelf houd. Een uitgeverij neemt de signatuur aan van degene die er de leiding heeft, en dat leidt automatisch tot kleurverandering. Dat moet en ik respecteer het, maar het brengt ook met met zich mee dat je onwillekeurig dingen gaan opvallen die je zelf anders gedaan zou hebben.’ 

Onlangs zijn Maartje Wortel, Charlotte Mutsaers en Walter van den Berg overgestapt naar de nieuwe uitgeverij Das Mag. Had u die auteurs kunnen behouden, denkt u?

‘Dat weet ik niet. De reden voor hun overstap is waarschijnlijk geweest dat ze bij Das Mag meer aandacht krijgen dan bij De Bezige Bij het geval was. Dat is een kwestie van schaalgrootte, en in mijn tijd was ik daar vrij streng in: ik vond dat het aantal titels per jaar absoluut niet boven een bepaalde grens mocht komen, omdat juist het contact met de auteur zo belangrijk is. Maar het werd wel steeds moeilijker, ook voor mij. Die worsteling zie je overigens niet alleen bij De Bij, ook andere uitgeverijen moeten de balans vinden tussen het opbouwen, handhaven of laten bloeien van een mooie, grote uitgeverij, en het zorgen voor een persoonlijke benadering voor elk van je auteurs.’ 

De boeken die u nu uitgeeft bij Hollands Diep krijgen minder aandacht dan de boeken waarvoor u verantwoordelijk was bij De Bezige Bij. Steekt dat?

‘Het is nu eenmaal zo dat een uitgeverij met een lange traditie en een sterk fonds met een hoop actieve, publicerende auteurs gemakkelijker aandacht krijgt dan een beginnende uitgeverij die allemaal nieuwe boeken brengt. Iedereen in het uitgeversvak weet dat het lastig is om debuten aan de man te brengen. Maar het investeren in talent duurt meestal langer dan één boek, en ik geloof vast in een grote doorbraak van elk van mijn ontdekkingen.

Tot nu toe ben ik tevreden over hoe Hollands Diep haar eerste tijd heeft beleefd. Ik heb in één jaar drie, vier auteurs uitgegeven die uit het niets zijn gekomen en nu established zijn en buitengewoon interessant werk leveren. Zoals Zia Haider Rahman, wiens debuut In het licht van wat wij weten door het boekenpanel van De Wereld Draait Door werd getipt en waarvan 40.000 exemplaren zijn verkocht. Net als Eimear McBride. Atticus Lish, Neil MacGregor en Paul Baeten Gronda, gaat Zia nog vier, vijf fantastische boeken schrijven, dat weet ik zeker. En intussen bouwen we ook een heel mooi geschiedenisfonds op.’

 

Tot nu toe ben ik tevreden over hoe Hollands Diep
haar eerste tijd heeft beleefd. Ik heb in één jaar drie,
vier auteurs uitgegeven die uit het niets zijn gekomen
en nu 
established zijn en buitengewoon interessant werk leveren.

 

U gaat voorlopig nog niet met pensioen?

‘Van het begin af aan heb ik gezegd: er is tussen de drie en vijf jaar nodig om te kijken of het lukt, of een uitgeverij als Hollands Diep stabiel is en toekomst heeft. Eerlijk gezegd twijfel ik daar geen seconde aan, maar het zal in die periode wel moeten worden bewezen. Dat aantal jaren houd ik voorlopig aan. Daarvan is nu een dik jaar om, dus ik heb nog wel een paar jaar voor de boeg. Ik verheug me erop. Uitgeven, en zelf af en toe iets schrijven – voor mij zijn er weinig grotere genoegens denkbaar,’

 

Eerder in Boekmakers:

 



Over de auteur

Jet Steinz

620 volgers
295 boeken
3 favoriet
Auteur


Reacties op: Boekmakers #8 / Robbert Ammerlaan: 'Ik heb nog wel een paar jaar voor de boeg'

 

Gerelateerd