Advertentie

Hebban vandaag

Column /

Buddy Tegenbosch: Beginnen

door Buddy Tegenbosch 1 reactie
Buddy Tegenbosch is piloot en schrijver. In 2012 debuteerde hij met ‘Pokerface’, in oktober verscheen zijn tweede YA-thriller ‘Oog om oog’. In een exclusieve columnreeks op Hebban vertelt Buddy over de combinatie van schrijven en vliegen. Deze derde aflevering een peptalk van de schrijver: wil je iets? Doe het dan! Gewoon beginnen.


Beginnen

Waarom begon ik een jaar of zeven geleden, in augustus 2008 om precies te zijn, met schrijven?

Je hebt vast weleens iemand horen zeggen: ‘Als ik er de tijd voor had, dan zou ik …’ en dan komt er iets fantastisch. Iets fantastisch wat ze nooit gaan doen, omdat ze er geen tijd voor hebben. De Mount Everest beklimmen, bijvoorbeeld. Of de Vaalserberg, dat mag ook. Of naar Lapland gaan om op een slee te worden voortgetrokken door twaalf husky’s. Of iets minder spectaculairs, zoals toneelspelen. Of gitaar. Of piano. Ofofofof.

Zo was het met mij ook. Ik had al een tijd een zinnetje in mijn hoofd dat maar niet weg wilde gaan. Het zinnetje luidde: Ik zou wel een verhaal willen schrijven. Jammer genoeg kwam er ook meteen een ander zinnetje achteraan: maar ja, daar heb ik nu eenmaal de tijd niet voor. (Er kwamen trouwens nóg 341 zinnetjes achteraan, zoals: Haha, goede grap! En: Jij? Schrijven? Daar zit echt helemaal niemand op te wachten!).

Maar luister goed, want ik heb nieuws. Al die zinnetjes waarom je iets niet zou moeten/kunnen/willen doen, al die gedachten en al die redenen waarom je iets beter kunt laten… rapapa-rapapa (tromgeroffel): Het is onzin! Niet waar! Bullshit!  

Er zijn namelijk mensen die de Mount Everest beklommen hebben, er hebben mensen dwars door Lapland gesleed. En er bestaan acteurs en actrices. En zij hadden evenveel tijd als jij (en ik).

En dus heb ik een tip voor je:

Heb je iets in je hoofd wat je altijd al zou willen doen? Ja? Heb je dat? Dan ga het doen! Maak plannen, zoek het uit, praat erover, wees enthousiast, doe een dansje, en vooral: begin eraan. Het zal je leven misschien overhoop halen, het zal tijd kosten, het kan ingewikkeld zijn, mensen zullen het je afraden (niet luisteren) of ze zullen je steunen (wel luisteren), maar je zult er vooral ontzettend veel PLEZIER aan beleven.  

Pfff. Tot zo ver de goede raad.
Ik begon dus met schrijven. Maar hoe ging dat? Zo:  

Vrije dag. Niks gepland. Zee van tijd. Laptop aan.
Knipperende cursor tegen witte achtergrond. Goed. Een onderwerp. Waarover ga ik schrijven?
Hmm. Even een kop thee maken.
En een koekje pakken.
Zitten.
Goed. Schrijven, dus. Maar wat? En waarom ook alweer? O ja, omdat het leuk is. Of nee, omdat ik dit altijd al wilde doen. Juist ja.
Maar hoe dan? En waarover?  

Je begrijpt het al: buiten dat de theedoos en koekjestrommel leeg raakten, gebeurde er vrij weinig. Gelukkig maakte ik de dag erna iets wonderlijks mee:  

Ik had mijn auto voor de jaarlijkse beurt een paar dorpen verderop afgegeven en besloot hardlopend terug te gaan. Dat had ik wel vaker gedaan, maar deze keer liep het anders, of beter gezegd: ik liep anders. Ik besloot namelijk een kortere route te nemen en, jawel, raakte de weg kwijt. Ik had geen flauw idee meer van waar ik was. Ik was verdwaald. Dat was lang geleden.

De eerste keer dat het gebeurde, moet ik een jaar of drie zijn geweest. Mijn moeder nam me mee naar de stad. In de drukte raakte ze me kwijt, waarop ik tien minuten later gevonden werd door mijn vader, die toevallig ook in de stad was en helemaal niet wist dat mijn moeder en ik daar waren. Zelf kan ik me er niets van herinneren, maar ik moet dus een poosje in mijn eentje tussen voor mij onbekende gebouwen en onbekende mensen hebben rondgeslenterd. Ik schijn niet verbaasd te zijn geweest mijn vader tegen te komen. En waarom ook? Want waarom zou hij niet in de stad zijn?

Verdwalen was toen een avontuur, of misschien was het juist wel de gewoonste zaak van de wereld. In ieder geval leek ik me er prima bij gevoeld te hebben.  

Nu niet. Het eerste dat in me opkwam was: godverdegodverdeGODVER. Maar het mooie van de weg kwijt zijn, is dat je hem weer moet vinden. En om hem te vinden, moet je kijken. En tijdens dat kijken, zag ik het. Ik liep langs een boerderij. Er stond iets op de muur geschreven. Een naam. Ik herkende de naam. Dit was de kampeerboerderij waar wij altijd met de lagere school – zo heette dat toen – op kamp gingen.

  • Hier had ik (met gestrekte armen) met W gedanst (en met C en met Andere W en met Y, maar vooral met W). 
  • Hier had ik urenlang (kan ook vijf minuten zijn geweest) diep in de nacht (kan ook elf uur ’s avonds zijn geweest) plat op mijn buik in het zand gelegen om niet gezien te worden tijdens het bosspel. 
  • Hier had ik staan playbacken in een colbert met schoudervulling. 
  • Hier was ‘Comment ça va’ (komsie-komsie-komsie-komsa) een hit geweest. 
  • Hier was ik zo verliefd geweest dat ik geen trek meer in friet had (nog wel in de frikandel).   

Ik keek naar de boerderij en ik wist dat ik een plek en een onderwerp had gevonden om over te schrijven.

De hele weg naar huis bleven de ideeën komen. Ik heb alles hardop moeten herhalen om maar niets te vergeten. Er stond nog geen letter op papier en toch stond één ding vast: het schrijven was begonnen!


Lees ook de eerdere columns van Buddy Tegenbosch!
Column 1: Een ontmoeting
Column 2: Vliegen, een bron van inspiratie



Over de auteur

Buddy Tegenbosch

54 volgers
2 boeken
2 favoriet
Auteur


Reacties op: Buddy Tegenbosch: Beginnen

 

Gerelateerd

Over

Buddy Tegenbosch

Buddy Tegenbosch

Schrijver van jeugdboeken en piloot bij Lufthansa. Laatste boek is een YAroman, ...