Advertentie

Hebban vandaag

Dossier /

De bron van alle kwaad

DISSECTIE VAN DE THRILLER (deel 1 van 4)

Het begon allemaal met een orang-oetang die op een atletische manier uit een raam klauterde, en daarmee het eerste moordmysterie creëerde. Dit is de insteek van Murders in the Rue Morgue, een kortverhaal van Edgar Allan Poe uit 1841, dat algemeen wordt aanzien als het begin van de misdaadliteratuur. Sindsdien vloeide er heel wat bloed naar de zee.


Edgar Allan Poe & Arthur Conan Doyle

Uiteraard was spanning in een verhaal al veel eerder uitgevonden. Er bestaan referenties zat uit de gigantische wereldliteratuur van voor 1841. Sheherazade redde er haar hachje mee in Duizend-en-een-nacht. De Bijbel is al moord, verraad of doodslag.

Maar Edgar Allan Poe bracht voor het eerst het prototype van de nauwgezette onderzoeker met een analytische geest, die elk detail naar waarde schat: August Dupin. Om die deductie goed te isoleren is zo’n onderzoeker liefst een enigmatische persoonlijkheid, die geen woord teveel zegt en zijn gedachten alleen maar onderbreekt door het declameren van paradoxen. De gesprekspartner van Dupin in Rue Morgue was een anonieme 'narrator', iemand die de brug legt tussen de lezer en het brein.

Waar komen we dat nog tegen? Juist, ja: Sherlock Holmes en Doctor Watson.

Bij uitbreiding: Hercule Poirot en Kolonel Dinges, Inspector Morse en Lewis, Commissaris Vincke en Verstuyft, Altijd weer die truc van de bolleboos en de stoethaspel. Tenzij je er twee stoethaspels van maakte zoals Hergé ze portretteerde.

Holmes en Poirot zijn wel degelijk de twee beroemdste afsplitsingen van deze speurende persoonlijkheid. De éne al wereldvreemder dan de andere, maar beiden gezegend met het geniale talent om de moeilijkste intellectuele knopen te ontwarren, vaak vertrekkend van een ogenschijnlijk onbeduidend detail.

Mogen Poe & Dupin de aartsvaders zijn, dan zijn Conan Doyle en Sherlock Holmes de bekendste problem solvers.

Agatha Christie

Meer dan Dupin staat Sherlock Holmes model voor de hedendaagse detective. Eigenwijze kerel, briljante ideeën, bij voorkeur asociaal en ongemanierd, iets wat vooral sidekick Doctor Watson moest ontgelden.

Hoewel Holmes en Watson hun literaire geboorte pas veertig jaar na Dupin kregen, zijn zij in feite niet meer dan kopieën van het origineel. Alleen legde Doyle, zelf een arts, zijn medische kennis in het bereik van Sherlock, wat de wetenschappelijke benadering accentueerde.

Zelfs Agatha Christie speelde leentjebuur bij Poe (en Doyle). Haar detective, Hercule Poirot, gedraagt zich echter een stuk gemanierder. Of beter gezegd: hoffelijker. Hij behandelt iedereen tot de laatste snik met respect, maar krult zijn tenen bij elk compliment dat hij krijgt. Hij wordt pas ronduit onuitstaanbaar als hij zijn valse bescheidenheid aflegt en aan een van zijn beroemde requisitoiren begint.

Hiermee raak ik tevens een belangrijk vormverschil aan. Want behalve de karaktertrekken van de hoofdpersonages is ook de aard van de misdaad onderhevig aan evolutie.

 Waren Dupin en Holmes vooral bedreven in de puzzelvorm die nu bekend staat als het “gesloten kamermysterie”, dan introduceerde Agatha Christie het begrip “whodunit”. Vaak beperkte Christie zich tot een oppervlakkige setting en lege personages, waarna ze uitvoerig de misdaad beschreef. Vermits zowat alle personages vaak een open rekening hadden uitstaan met het slachtoffer, was zowat iedereen een verdachte. Aan het eind verzamelt Poirot dan iedereen in de salon, waar hij de minutieus opgebouwde alibi’s één na één aan diggelen gooit, en zal verklaren waarom het geluid van een douche, ergens in het hotel, of de verdwenen scherf van een koffiekopje hem de oplossing van het raadsel aanbrachten.

Na een tijdje kreeg Agatha Christie nood aan een andere insteek. Zo verscheen Miss Marple op het voorplan. Was Poirot al niet bepaald atletisch, dan Miss Marple zeker niet. Zij was slecht te been maar miste niets van wat zich voor haar ogen afspeelde. De triomf van de scherpzinnigheid, ze was veruit het favoriete personage van Christie.

Met Miss Marple introduceerde Christie een nieuwe stijlvorm: het Cozy Mystery. Hierbij is geen sprake van een detective of agent, rechercheur of inspecteur. De vaak bijdehante hoofdfiguren kénnen wel iemand bij politie, altijd handig als je officiële daden moet stellen. Maar het oplossen van de moord of het mysterie doen ze bij wijze van tijdverdrijf, als intellectuele uitdaging, màààr - en hier ligt het grote verschil - met een grote dosis humor en zelfrelativering. Hiermee deed humor zijn intrede in de detective. In de jaren zestig werd dit genre uitgepuurd in de beroemde serie de Wrekers.

Agatha Christie kan niet genoeg geroemd worden in de wereld van de detective. Als je haar boeken leest (moet je toch echt eens doen) valt vrij vlug op dat je een verzameling papieren karakters bij elkaar hebt. Zelfs in het beroemde And Then There Were None is de psychologische tekening van de tien verdachten/slachtoffers vrij oppervlakkig. Maar Christie improviseerde veel meer met vorm en inhoud. Binnen haar beperkte literaire wereld gebruikte ze elke mogelijke invalshoek of stijlfiguur, verraste voortdurend met originele plotwendingen, speelde onophoudelijk met verdachtmaking en onthulling. In haar latere boeken spuide ze zelfs wat verhulde sociale kritiek. Vele schrijvers na haar maakten hier handig gebruik van.

Hammett, Chandler en Spillane

Het succes van Holmes, Poirot en Marple kende natuurlijk veel navolging. In Engeland waren Bulldog Drummond, Sexton Blake en The Saint de opvolgers voor een jonger publiek, in Amerika nam vooral Rex Stout de fakkel over van de puzzelende detective.

In de Verenigde Staten ontstond wel een ander soort detective, beter aangepast aan de sociale code van de Amerikanen. De bekendste namen waren Dashiell Hammett, Raymond Chandler en Mickey Spillane. Chandler schreef slechts zeven romans en vele verhalenbundels, maar deze titels doen je zeker een licht opgaan: The Big Sleep, Farewell My Lovely, The Long Goodbye, The Simple Art of Murder, Trouble is my Business. Chandler veranderde het detectiveverhaal drastisch. Hem wordt ook het filmgenre Film Noir toegeschreven. Zijn detective was Philip Marlowe: denk maar aan Humphrey Bogart die, zijn sigaar in de mond, zijn whiskyglas slechts neerzette om een vuistslag uit te delen.

Creasey, Fleming, Greene en Le Carré

De Tweede Wereldoorlog betekende voor meer dan één aspect in het dagelijkse leven een stijlbreuk. Voortaan namen de mensen het leven ernstiger. Onderwijs werd een prioriteit. Alles werd veel professioneler. De media in de eerste plaats. Informatie werd de hartslag van het leven, gepropagandeerd door radio en tv. Het beter geïnformeerde publiek duldde geen naïeve, fictieve misdaad meer. De hang naar waarachtigheid vergrootte. Hoewel de periode 1950-1955 geen brokken maakte in de geschiedenis, was het wel de bakermat van de consument, de naar zichzelf hongerende mens.

Ongemerkt installeerde zich een meer doordachte structuur in de misdaadbestrijding. CIA ontstond in 1947, MI6 was na de oorlog een symbiose van vroegere afdelingen. Het laatste uur van de solitaire detective was geslagen. In Engeland schreef J.J. Maric (John Creasey) enkele verhalen rond Commander George Gideon, die meer optrad als een coördinator dan als echte speurder. Nieuw was ook dat de misdaad uitdijde: van een individueel misdrijf werd het een massale bedreiging.

Hier werd het pad geëffend voor een nieuw genre: de spionageroman. De sublimatie van de perfecte spion werd uitgevonden door Ian Fleming, die van James Bond de ultieme droom maakte. Maar auteurs zoals Graham Greene en John Le Carré gaven hun spionnen meer body, meer diepte. Titels als Our Man from Havanna of, Tinker, Tailor, Soldier, Spy staan bij iedere thrillerliefhebber in het geheugen gegrift.

Ed McBain

Salvatore Lombino zorgde ervoor dat de detective definitief politieman werd. Lombino’s verdienste is minstens even groot als die van Christie of Doyle, alleen hoef je enige duiding om dat te beseffen. In 1954 bracht hij onder het pseudoniem Evan Hunter de roman Blackboard Jungle uit, een verhaal dat nu, meer dan vijf decennia later, nog altijd fris overkomt, ondanks de talloze kopieën. Lombino bezigde nog zo’n zestal andere pseudoniemen, waarvan Ed McBain de bekendste werd. Als Mc Bain produceerde hij een politieserie - 87th Precinct- waaraan alle plots van Hill Street Blues en NYPD Blue zijn ontleend. Zijn bekendste filmscript is dat van The Birds, verfilmd door Hitchcock.

McBain hanteerde een directe stijl zonder franje, waarin realisme primeerde. Gedaan met het mystieke gebral van een eenzaam genie. Politiewerk was teamwerk, van plichtsgetrouwe, geduldige agenten, die echter niet aarzelen om in actie te komen. Elke agent beeldde één onderdeel uit van een gezamenlijk karakter. Mc Bain introduceerde de keiharde dialoog, soms lang en ononderbroken, maar die de personages beter typeerden dan ellenlange beschrijvingen. Zowat alle politieseries zijn hem schatplichtig. De politie moet niet langer strijd leveren tegen één Nemesis, maar tegen de stadsjungle waarbinnen de georganiseerde misdaad haar tentakels wellustig spreidt.

Van daaruit lag de weg open naar een waaier van mogelijkheden. De Maffia, de Tongs, de Camorra, de seriemoordenaars, CSI, of gewoon huis- tuin- en keukengeweld.

Volgende week het tweede deel in de serie Dissectie van de thriller door Raymond Rombout.



Over de auteur

Raymond Rombout

75 volgers
17 boeken
0 favorieten
Auteur


Reacties op: De bron van alle kwaad

 

Over

John le Carré

John le Carré

John le Carré is geboren in 1931 en studeerde aan de universiteiten van Bern en Oxford. Tijdens de Koude Oorlog werkte hij enige tijd bij de Britse Inlichtingendienst. Le Carré werd wereldberoemd me...

Ian Fleming

Ian Fleming

Ian Lancaster Fleming werd op 28 mei 1908 in London geboren. Passend bij de status van zijn welvarende Schotse familie werd Fleming in 1921 naar de eliteschool Eton gestuurd. Hij blonk uit in sport, m...

Arthur Conan Doyle

Arthur Conan Doyle

Sir Arthur Conan Doyle (1859 - 1930) was een Britse arts, vermaard geworden met zijn verhalen rond de intelligente detective Sherlock Holmes en zijn assistent, Dr. Watson. Hij werd geboren in Edinburg...

Dashiell Hammett

Dashiell Hammett

Dashiell Samuel Hammett (1894-1961) was een Amerikaans schrijver, onder meer bekend door de verfilming van zijn detectiveverhaal The Maltese Falcon (De Maltezer Valk). Het boek werd twee keer verfilmd...

Agatha Christie

Agatha Christie

Agatha Christie (1890-1976) leek op het eerste gezicht een afstandelijke Engelse burgervrouw. De verlegen Christie schermde haar persoonlijke leven zorgvuldig af. Terwijl miljoenen lezers haar romans...

Ed McBain

Ed McBain

Ed McBain (1926-2005), In New York City geboren als Salvatore Albert Lombino, was een van de meest illustere Amerikaanse schrijvers op het gebied van politieromans en thrillers. Hij schreef ...