Hebban vandaag

Interview /

Hebban interviewt Pere Cervantes

door Hadassa Lok 7 reacties
Het brengt een lach op zijn gezicht als hij ziet dat iemand zijn boek leest, maar met beroemdheid heeft hij niets. Het typeert de toegankelijke Pere Cervantes. Het werk van de veelgeprezen Spaanse auteur verscheen tot nu toe niet in het Nederlands: daar brengt de roman 'Op zoek naar mijn vader' verandering in. Maak kennis met Cervantes, zijn behoefte om te schrijven en het filmische verhaal dat hij schreef over een verscheurd gezin in het naoorlogse Barcelona.

Op zoek naar mijn vader

Pere Cervantes

Barcelona, 1945. De twaalfjarige Nil Roig brengt zijn dagen door met het op zijn fiets vervoeren van filmspoelen van de ene naar de andere bioscoop. Zijn droom is ooit zelf filmoperateur te worden.

Op de dag dat hij dertien jaar wordt, is hij in het trappenhuis bij zijn woning getuige van een moord. Nadat de moordenaar heeft gedreigd hem ook te doden als hij zijn mond voorbijpraat, geeft het stervende slachtoffer Nil een mysterieus en naar later blijkt uiterst zeldzaam verzamelplaatje met de foto van een vooroorlogse filmacteur. Hij fluistert de jongen een naam toe: David. Dat is ook de naam van Nils vader, die verdween op de dag dat Barcelona bezet werd door de regering van Franco.

Nil gaat op zoek naar de waarheid achter zijn vaders verdwijning en achter het mysterieuze filmplaatje. Een zoektocht waarvoor hij een hoge prijs zal moeten betalen.

Wanneer begon je met schrijven?

Rond mijn achttiende begon ik te schrijven, gewoon voor mezelf, voornamelijk korte verhalen. Er was in die tijd nog geen schrijversopleiding of iets dergelijks, we hebben het over meer dan dertig jaar geleden. Na mijn studie rechten ben ik een paar jaar Peacekeeping Observer geweest voor de Verenigde Naties in de Balkan en vervolgens ben ik jarenlang politieagent geweest. Dat was ik ook toen mijn eerste boeken werden gepubliceerd.

Wat maakte dat je bleef schrijven?

Dat vraag ik mezelf ook weleens af… Ik weet niet zo goed waar de behoefte vandaan komt, ik weet wel dat ze heel sterk is. Er zijn momenten geweest dat ik dacht 'dit is mijn laatste boek', maar daarmee hield ik mezelf voor de gek. Ik hou ervan om verhalen te vertellen en voel de behoefte om me onder te dompelen in karakters. Hen echt te doorgronden op zielsniveau, dat drijft me.

Wat bereik je met het doorgronden van een personage?

Schrijven is voor mij een oefening in empathie. In dit boek is een van de hoofdpersonen Soledad, de moeder van Nil; mijn laatste boeken hebben vrouwelijke hoofdpersonen. Daarvoor moet ik in de gedachtewereld van een vrouw kruipen, het vrouwelijke personage echt bereiken. Net als regisseur Pedro Almodóvar ben ik enorm gefascineerd door de vrouwelijke blik: haar gevoelswereld, de manier waarop ze naar de wereld kijkt. Dat is voor mij als het ontdekken van een ander universum.

Ontwerp jij het verhaal of ontvouwt het zich?

Ik ben god als ik schrijf. In dit leven hebben we niks werkelijk onder controle. Als je schrijft heb je die controle wel, die kans laat ik me niet ontglippen. Wat enorm helpt is dat ik jaren geleden een opleiding scenarioschrijven heb gevolgd. Wat ik daar heb geleerd is om alles zorgvuldig op te bouwen en uit te werken: eerst het idee, dan de synopsis, de personages en vervolgens elk hoofdstuk, elke scène ... Als ik start met schrijven weet ik hoe het verhaal begint, hoe het verhaal eindigt en wat er tussenin gebeurt.

Dan begin je met schrijven.

Dan gaat er iets stromen, je komt in een flow. Als het goed gaat tenminste, dat lukt niet elke dag, elk uur. Als ik het herlees, weet ik of een bepaalde scène werkt of niet. Met schrappen heb ik niet veel moeite, ook niet in de redactiefase, als de feedback van een ander komt. Ik ben de schrijver maar. Mijn ego is niet belangrijk: het verhaal, daar gaat het om.

'Er zijn geen straten naar hen vernoemd of standbeelden voor hen opgericht, maar het zijn wel degelijk heldinnen.'

Laten we het dan over het verhaal van Op zoek naar mijn vader hebben. Wanneer sloeg de vonk over om juist dit verhaal te schrijven?

Dat was toen ik een Spaanse documentaire zag over de bioscopen in Barcelona, die stuk voor stuk de deuren moesten sluiten. Dan heb ik het niet over de grote, commerciële bioscopen, maar de kleine filmtheaters. Het raakte me. Ik herinner me nog dat ik in zo’n theater samen met mijn vader mijn eerste film zag; dat ik er met mijn eerste vriendinnetje heenging … Ik kreeg er mijn eerste kus! De bioscoop is een geweldige plaats. Mensen komen even in een andere realiteit. Het is een schuilplaats, waar je je dagelijkse problemen vergeet. In de pandemie zochten we troost in muziek en films, boeken; zo’n schuilplaats is de bioscoop voor mij. Ik wilde een eerbetoon aan het filmtheater schrijven.

Ik vroeg me vervolgens af: op welk moment is de bioscoop bij uitstek een schuilplaats geweest? In de naoorlogse periode. Het leven was zwaar en angst voerde de boventoon onder het Franco-regime. De mensen gingen naar de bioscoop om te vergeten, om die prachtige gezichten te zien en even weg te dromen.

Het verhaal speelt na de oorlog, maar de oorlog speelt nog een grote rol.

Oorlog maakt altijd dezelfde slachtoffers: vrouwen en kinderen. Daar werd ik me sterk bewust van tijdens het schrijven. Ik zag gelijkenissen tussen de naoorlogse jaren in Spanje en de naoorlogse periode in de Balkan, waar ik destijds in dienst van de VN was. Dezelfde soort vrouwen die ik daar had ontmoet, waren er ook in de jaren veertig: vrouwen die vochten om te overleven, die vochten voor hun kinderen. Vrouwen zijn voortdurend aan het opbouwen wat mannen verwoest hebben. Er zijn geen straten naar hen vernoemd of standbeelden voor hen opgericht, maar het zijn wel degelijk heldinnen.

Als je de lezer kon meenemen naar een specifieke plek in Barcelona …

Dan gingen we zonder twijfel naar de volkswijk Poble Sec. In deze wijk in het centrum ben ik opgegroeid en het boek speelt zich daar grotendeels af. De mensen in deze buurt hebben een kenmerkende manier van spreken en ze staan erom bekend dat ze zo rebels zijn, in elk opzicht. Naast dat het een mooie plek is, is in Poble Sec de essentie van stad bewaard gebleven.

Hoe heb je een beeld gevormd van het Barcelona in die tijd?

Ik heb heel veel documentatie doorgespit en diverse boeken over die tijd gelezen. Ook mijn moeder – ze is 97 – kon me nog veel vertellen. Daarnaast heb ik opnieuw het werk van grote auteurs als Carlos Ruiz Zafón en Juan Marsé gelezen. Hun verhalen spelen zich af in Barcelona, rond diezelfde periode. Het ging me niet om de schrijfstijl of personages, maar om de atmosfeer.

Heb je dingen ontdekt die je nog niet wist?

Het drong echt tot me door hoe vervuld van angst dat bestaan was. Franco was aan de macht en er was veel onrust. Je kon voor het minste of geringste gearresteerd worden en dan naar Montjuic worden gebracht, het kasteel aan de rand van Barcelona. Daar zijn veel gruwelijkheden begaan. Angst en honger bepaalden het dagelijks leven en zorgden ervoor dat mensen dingen deden die ze anders nooit zouden doen. Vrouwen gingen de prostitutie in, puur zodat ze hun kinderen te eten konden geven … Die angst en honger heb ik zelf nooit ervaren, maar ik vind het belangrijk dat die wel deel uitmaakt van ons collectieve geheugen.

'Voor het gedrag van wrede mannen hoefde ik weinig fantasie te gebruiken. Ik heb daarvoor ook geput uit mijn ervaringen als politieagent.'

Je vervlecht historische feiten met fictie. Creëert dat een spanningsveld?

Ja, dat is moeilijk, want ik wil het verleden met respect behandelen. Maar de realiteit heeft niet alle antwoorden. Niemand weet bijvoorbeeld wat exact de aanleiding was voor de massa-executie in het Franse dorp Oradour tijdens de oorlog. Met zo’n gegeven speel ik op zo’n manier dat het eigenlijk beter wordt: ik neem wraak voor de slachtoffers. In het verhaal wordt de schuldige gevonden.

Schuldigen zijn er meer in het boek. Hoe is het om je in te leven in een bad guy als de brute inspecteur Valiente?

Valiente is geïnspireerd op een agent uit die tijd. De mishandelingen die in het verhaal voorkomen, dat soort gruwelen hebben helaas echt plaatsgevonden. Ik heb audiomateriaal beluisterd waarin oorlogsslachtoffers vertellen over martelingen die zij hebben ondergaan, en daarvan heb ik nog niet eens alles beschreven. Voor het gedrag van wrede mannen hoefde ik weinig fantasie te gebruiken. Ik heb daarvoor ook geput uit mijn ervaringen als politieagent. Op het eerste gezicht gewone mannen kunnen zich ontpoppen tot gewelddadige machtsmisbruikers. Ik ben ervan overtuigd dat zo iemand die wreedheid al in zich draagt, en dat iets die wreedheid aanwakkert. Ik wilde analyseren wat daar gebeurt, in dat hoofd kruipen.

Gelukkig kruip je ook in het hoofd van sympathieke personages, zoals hoofdpersoon Nil, die een arm is verloren.

Als je een personage met een fysieke beperking creëert, voelt zo iemand zich anders. Wat voor effect dit op hem heeft en de onzekerheid die het met zich meebrengt, ook in romantisch opzicht, wilde ik beschrijven.

Nil wordt als fanatiek filmliefhebber ingewijd in een geheim: een verborgen bioscoop waar verboden films vertoond worden ... Was die bioscoop er echt?

De naam van de bioscoop spreekt zegt genoeg: De Grote Leugen. De directeur van een grote Spaanse uitgeverij belde me op nadat hij het boek had gelezen. Terwijl ik nog moest bijkomen van het feit dat ik hem aan de lijn had, zei hij: 'Vertel me waar ik De Grote Leugen kan vinden.' Dat kon ik hem dus niet vertellen. De straat bestaat wel, maar de bioscoop bestaat alleen in de magie van het verhaal.

Tot slot: wat is je ambitie als schrijver?

Met beroemdheid heb ik niets, ik ben gewoon een persoon die boeken schrijft. Natuurlijk vind ik het wel fijn als mensen van mijn boeken genieten. In de tram zat ik een keer tegenover een vrouw die een boek van me aan het lezen was. Zoiets brengt een lach op mijn gezicht. Ik dacht: 'Zal ik iets zeggen? Haar vragen of ze het goed vindt?' Ik heb het niet gedaan, hoor, maar ik herinner me dat moment en dat gevoel nog goed.

Als schrijver - en ook als lezer - ben ik geïnteresseerd in die literatuur die je lange tijd met je meedraagt. Ik hoop dat mijn boeken de tand des tijds doorstaat: dat het verhaal blijft hangen, dat je een van de personages in je hart sluit. Dan ben ik dankbaar. Voor mij is het belangrijk dat het verhaal je raakt, de rest is bijzaak.

Winactie

Maakt het interview met Pere Cervantes je nieuwsgierig en is ook voor jou het naoorlogse Spanje een onweerstaanbaar onderwerp? Dan mag dit boek over een jongen die op zoek gaat naar zijn vader niet ontbreken in je boekenkast. Maak nu kans om Op zoek naar mijn vader te winnen, vertaald door Hendrik Hutter. Hebban mag in samenwerking met Uitgeverij A.W. Bruna vijf exemplaren weggeven. Kijk snel hoe je mee kunt doen.

Naar de winactie

Auteursafbeelding: Nathalie Dekker via A.W. Bruna



Over de auteur

Hadassa Lok

0 volgers
58 boeken
0 favorieten


Reacties op: Hebban interviewt Pere Cervantes

 

Doe mee

Win 'Op zoek naar mijn vader' van Pere Cervantes

nog 1 dag 15 reacties

Op zoek naar mijn vader is het eerste boek van Pere Cervantes dat naar het Nederlands wordt vertaald. Hadassa Lok sprak de auteur namens Hebban en interviewde hem over zijn behoefte om te schrijven en het filmische verhaal over een verscheurd gezin in het naoorlogse Barcelona. Ook maak je kans het...

Doe direct mee!

Gerelateerd

Over

Pere Cervantes

Pere Cervantes

Pere Cervantes (Barcelona, 1971) is auteur en scenarioschrijver. Na zijn studie ...


Gesponsorde boeken