Advertentie

Hebban vandaag

Interview /

Colm Tóibín: 'Dood en rouw staan in mijn DNA geschreven'

door Jet Steinz 3 reacties
‘Een fascinerende actrice,’ noemde NRC Handelsblad Saoirse Ronan, hoofdrolspeelster in de film Brooklyn, die sinds twee weken in de Nederlandse bioscopen draait. En volgens De Volkskrant geeft Ronan, ‘een vrouw naar wie je blijft kijken terwijl je allang weer bent vergeten dat je naar haar kijkt’, het drama vleugels.


Ook Colm Tóibín (1955) is erg gelukkig met de actrice die het personage Eilis Lacey vertolkt in de verfilming van zijn roman uit 2009, die de Costa Novel Award won en werd genomineerd voor de International IMPAC Dublin Literary Award en de Booker Prize. ‘Saoirse is perfect,’ zegt hij. ‘Zonder haar zou het heel moeilijk zijn geweest de film te maken. Er zijn niet zoveel Ierse actrices die voor deze rol in aanmerking kwamen.’

Brooklyn

Dat het een Ierse actrice moest zijn, stond vast — want in Brooklyn staat de Ierse immigrant experience centraal, en in het bijzonder die van de jonge Eilis uit Enniscorthy. Omdat haar toekomstperspectieven in haar geboortedorp niet erg rooskleurig zijn, besluit ze naar New York City te emigreren. Aanvankelijk is ze ziek van heimwee. Dat verandert wanneer ze een Italiaans vriendje krijgt, maar wanneer ze haar nieuwe leven eindelijk op orde heeft, krijgt ze het bericht dat haar zus Rose onverwachts is overleden. Terug in Enniscorthy merkt ze hoezeer ze zich er thuis voelt. De ontluikende romance tussen haar en een van de jongens uit het dorp maakt de keuze nog lastiger: gaat ze terug naar Brooklyn, of niet?

‘De film is heel dicht bij het boek gebleven,’ zegt Tobin tevreden, ‘alleen het einde is anders. De roman eindigt ermee dat ze weer op de boot stapt, maar de lezer weet niet wat er gaat gebeuren. In de film daarentegen zie je dat zij en haar Italiaanse vriend elkaar in de armen vallen. Wat in een boek heel cheesy of makkelijk kan zijn, werkt in een film juist wel, móet zelfs; een film vereist dat de cirkel rond gemaakt wordt. Film is een expliciete kunstvorm: je kunt de karakters daadwerkelijk zien, en daarom moet je ook in figuurlijke zin meer van hen laten zien. In een roman wordt veel meer weggelaten. Je werkt met de verbeelding van de lezer.’



Tóibín heeft het script voor de film niet zelf geschreven; dat deed collega-romancier — en sinds een paar jaar ook scriptschrijver — Nick Hornby. Tóibín: ‘Ik denk niet dat iemand op een script van mij zat te wachten. En zelf zou ik er ook niet gelukkig van worden. Als romanschrijver heb je een grote mate van autonomie. Natuurlijk zijn er redacteuren die je suggesties aan de hand kunnen doen, maar uiteindelijk ben ik degene die het manuscript inlevert zoals ik dat wil. Een filmscript moet je tijdens meetings met producers en sponsors presenteren; als een van hen vindt dat een scène niet werkt, wordt die er helemaal uit gegooid.’ Een ander nadeel van het schrijven van een script: het risico dat de film uiteindelijk niet eens gemaakt wordt. ‘Zelfs als ik een goed script had geschreven, zou de mogelijkheid bestaan dat er toch geen geld is, of dat het gewoonweg niet het juiste moment is om de film te produceren. En dan heb je dus twee jaar lang gewerkt aan iets wat voor jou ontzettend veel betekent. Nee, dat zou ik verschrikkelijk vinden.’

De meeste van Tóibíns boeken lijken er op het eerste gezicht niet geschikt voor om verfilmd te worden. Brooklyn daarentegen heeft een strakke vorm en een plot, aldus Tobin. ‘Eilis gaat weg, ze komt aan, er is een romance en ze beleeft een tweede romance. Het drama in Brooklyn is evident en kleurrijk, terwijl in mijn overige romans een echte intrige veelal ontbreekt.’

Nora

Zoals in zijn meest recente roman Nora Webster (2014), in het Nederlands vertaald als Nora. Het boek beslaat drie jaar uit het leven van de titelheldin, die na de dood van haar man achterblijft met haar zoontjes Donal en Conor. Haar dochters zijn het huis al uit. Het is een autobiografisch verhaal: Tóibíns vader stierf toen hij twaalf jaar oud was, zijn moeder moest het alleen zien te rooien en hijzelf heeft lange tijd gestotterd, net als Donal. En waar Donal zich verliest in fotografie, was het in Tóibíns geval het lezen en schrijven van poëzie dat hem hielp over het verlies van zijn vader heen te komen.

Hij hoefde dus weinig te verzinnen, zou je denken — maar juist dat autobiografische aspect maakte Nora een lastig boek om te schrijven. Tóibín: ‘Omdat er zoveel was wat ik kon gebruiken, moest ik heel selectief zijn — en er vooral voor zorgen dat ik de juiste dingen uitkoos. Niemand is geïnteresseerd in wat Nora ’s ochtends ontbijt of wanneer ze boodschappen gaat doen. Ken je dat gevoel, wanneer je naast iemand in een vliegtuig zit die zijn levensverhaal aan je begint te vertellen — en jij realiseert je dat dit helaas nog wel een tijdje door zal gaan? Mijn grootste angst was dat ik dingen zou opschrijven die misschien interessant waren voor mijzelf, maar voor niemand anders. Dat vereiste veel denkwerk en concentratie. Omdat er bovendien geen grootse dingen gebeuren en er een echte verhaallijn ontbreekt, leunt Nora sterk op een soort ritme, een verborgen klank. Het schrijven van Nora leek in zekere zin op het maken van een potloodtekening: ik moest de vorm en de textuur heel secuur aanbrengen.’

Hoewel Donal sterke gelijkenissen vertoont met de schrijver zelf, heeft Tóibín nooit serieus overwogen het verhaal vanuit het perspectief van Donal te schrijven. ‘Dat zou niet hebben gewerkt. Een jongen van twaalf heeft niet genoeg gevoeligheid en innerlijk leven — en is ook niet handelingsbekwaam genoeg — om een hele roman te kunnen dragen. Met Donal als hoofdpersoon zou het vooral gaan om het bekijken van de wereld, zonder er echt op te kunnen reflecteren. Daar kan je een kort verhaal uit krijgen, maar geen roman.’ In een film kan dat overigens wél werken, vindt Tóibín. Een van zijn favoriete films is Fanny en Alexander van Ingmar Bergman, waarin de vader van twee jonge kinderen sterft en de moeder hertrouwt met een strenge bisschop. Juist de kinderen worden daarin gevolgd en gefilmd. ‘Op beeld kan je met gezichtsuitdrukkingen werken en daarmee zonder woorden een innerlijke wereld tonen, wat in een boek natuurlijk niet kan.’

Inspiratiebron

Fanny en Alexander was, samen met De Buddenbrooks van Thomas Mann en Zonen en minnaars van D.H. Lawrence, voor Tóibín een inspiratiebron tijdens het schrijven. ‘In deze drie verhalen gaat het, net als in Nora, om een vrouw, haar afwezige echtgenoot, haar kinderen — en de spanningen die er tussen hen ontstaan. Deze film en boeken hebben me ervan overtuigd dat er een manier is om persoonlijke, ‘huiselijke’ dingen interessant te maken voor anderen dan mijzelf. Die wetenschap — dat het iemand anders óók gelukt was en ik er niet alleen voor stond — heeft me door een proces heen geholpen dat soms ongelooflijk frustrerend was.’

In Brooklyn is het Eilis’ zusje Rose dat sterft, in Nora moeten de nabestaanden met het verlies van hun man en vader zien te dealen. Dood en rouw — het zijn thema’s die in Tóibíns oeuvre steeds weer opduiken. ‘Ze staan in mijn DNA geschreven,’ verklaart Tóibín. ‘Ik kan me niet voorstellen dat ik een boek schrijf waarin verlies géén rol speelt.’            

Toch is Tóibíns perspectief op rouw in Nora weer nieuw en origineel. ‘In Nora heb ik de alledaagsheid van het bestaan na iemands dood willen beschrijven. Het feit dat het leven doorgaat, dat er voortdurend dingen gebeuren die niets te maken hebben met rouwen — ook al is de rouw uiteindelijk datgene wat onder alles aanwezig is. De lezer gaat een melodie horen die Nora zelf probeert te negeren. En dat doet ze met succes, want ze begint steeds meer te genieten van de verschillende activiteiten die ze onderneemt; haar man staat niet altijd meer vooraan in haar gedachten. Langzaamaan begint het leven het verlies te vervangen.’



Over de auteur

Jet Steinz

620 volgers
295 boeken
3 favoriet
Auteur


Reacties op: Colm Tóibín: 'Dood en rouw staan in mijn DNA geschreven'

 

Gerelateerd

Over

Colm Tóibín

Colm Tóibín

Colm Tóibín (1955) werd geboren in het Ierse plaatsje Enniscorthy en woont tegenwoordig in Dublin. Hij studeerde Engels en Geschiedenis en begon zijn carrière in de journalistiek....