Advertentie

Hebban vandaag

Column /

'Nu kan ik weer los gaan'

door Debbie van der Zande 9 reacties
Dertien jaar lang heb ik in de boekhandel gewerkt. Zo heet dat. Dé boekhandel. Ook al waren het er verschillende. En wat is een betere plek om te fangeeken dan in de boekhandel waar je werkt? Het is er elke dag Sinterklaas. Elke dag komt er een hele vrachtwagen langs met pallets vol pakjes. Die trek je dag na dag, jaar na jaar, met een koortsige blik open: wat zit er in?

Nu is de honderdste levering van de achttiende druk van de Da Vinci Code niet meer heel erg spannend. Maar er worden zo veel nieuwe boeken uitgegeven dat er toch elke dag wel iets nieuws in die pakjes zit. Alleen zit er nooit zo heel veel nieuws bij uit mijn favoriete genres: sciencefiction en fantasy. Die genres zijn, zoals ik het zo vaak mooi hoor zeggen, een niche.

Een niche is “een klein afgebakend stuk in factoren of voorwaarden waarin een bepaalde specialisatie kan floreren.”

Ik floreerde me ongans in dé boekhandel. Subtiel (de meningen verschillen) wurmde ik me in de positie van ‘rubriekbeheerder’ van de fantasy en sf. Heel veel moeite hoefde ik er nooit voor te doen. Zodra men in de gaten had dat ik die ‘vage shit’ snapte en liefhad, kreeg ik de herbevoorradingslijsten toegeworpen. Ik ‘her’bevoorraadde ook wat nooit ingekocht was, waardoor het al snel wat krapjes begon te worden in de mij toegewezen rubriek. Als de ruimte voor fantasy en sf verdubbeld was, zoals Sheldon Cooper na Thais eten, was ik tevreden.

Collega’s waren maar wat blij met mij erbij. Nu konden ze mij de geeky vragen laten beantwoorden. “Mijn zoon houdt zo van drakenboeken,” vertelt een wanhopig klinkende moeder “hij leest niets anders”. Dan werd ik uit de kantine getrokken, halverwege mijn boterhammetje, en mocht ik met volle mond de klant geruststellen en een paar passende titels in de hand drukken.

Het associëren en bij elkaar zoeken van klant en boek is iets dat er na al die jaren ingebakken zit. Ik kan het niet meer niet doen. Nu we op Hebban de Fantasytipper hebben, kan ik weer los gaan. Maar nu met geeky collega’s. De adviesverzoeken die bij de Fantasytipper binnenkomen, beantwoorden we met het hele recensententeam. Ik geniet minstens zo van het zelf adviseren als het lezen van de adviezen van collega’s. We zijn nu een week bezig met de Fantasytipper en hebben vijftig tips behandeld. Iedereen in het team heeft in die tijd een wensenlijstje voor zichzelf aangemaakt, geïnspireerd op zowel elkaars tips als de genoemde favorieten. Lezen doet lezen.

Het zou mooi zijn als fantasy en sciencefiction in Nederland (weer) genres werden die zonder meer een aanzienlijke kastruimte verdienden in elke boekhandel en een fantasyfonds bij elke uitgeverij. We zouden dan geen niche meer genoemd kunnen worden. En dat jeukt toch een beetje bij mij. Want ik vind het wel gezellig in die niche.

Ps: Vergeef me voor het continu aanraden van favorieten als Het oog van de wereld, het eerste deel van Robert Jordans Het rad des tijds en De oceaan aan het einde van het pad van Neil Gaiman. En een tip: vul bij de Fantasytipper uitvoerig het toelichtingenveld in, want daar hebben we vreselijk veel lol aan.

Debbie van der Zande en Martijn Lindeboom vormen samen de fantasy- en sciencefictionredactie op Hebban. Ze schreven, alweer samen, het boek Hoe schrijf je fantasy en sciencefiction?. Als bestuursleden van de Stichting ter bevordering van het fantastische genre zetten zij zich onder andere in voor de Harland Awards, de Harland Workshops en het Gala van het fantastische boek. Hun doel is meer ruimte en aandacht te kweken voor sciencefiction, fantasy, horror en magisch realisme, voor zowel lezers als schrijvers.



Over de auteur

Debbie van der Zande

708 volgers
274 boeken
7 favoriet
Hebban Crew


Reacties op: 'Nu kan ik weer los gaan'