Hebban vandaag

Algemeen /

Primeurs en onthullingen op Thrillerfestival

door Lindy de Jong 11 reacties
In een mooi aangekleed Stadstheater te Zoetermeer, inclusief paarse loper die ietwat in contrast staat met de bouwput voor de deur, begint op zondag het Nederlands Thrillerfestival 2015, dat voor de zevende keer georganiseerd wordt. Een dag vol primeurs, onthullingen en spannende uitspraken.


‘Research is vervelend, maar onvermijdelijk.’

Het eerste panel ‘Vers van de pers’ start met auteurs Nathalie Pagie, Marelle Boersma en René Appel. Het onderdeel wordt geleid door Hebbanredacteur Soraya Vink, een fanatiek thrillerlezer. Zij legt ten eerste de focus op de locatie waar de boeken van de auteurs zich afspelen.  



Pagie koos voor haar nieuwste thriller Aruba als plaats delict. Zij was daar op reis en de sfeer, geuren en kleuren inspireerden haar om Paradijsvogels zich op het eiland af te laten spelen. Boersma woont sinds kort in Portugal en de huizenjacht aldaar was een van de inspiratiebronnen voor haar boek Enkele reis. Het verhaal is bovendien gebaseerd op de zaak Maddie McCann. Een andere locatie was voor de schrijfster dus ook niet denkbaar geweest, een feit dat René Appel toch als ietwat vreemd lijkt te beschouwen.  

Appel, die inmiddels een flink aantal boeken op zijn naam heeft staan, laat een probleem of conflict altijd het uitgangspunt vormen voor zijn verhalen, waarna pas de keuze voor de locatie volgt waarin deze zich afspeelt. Welke rol de locatie heeft, heeft invloed op de grootte ervan: een grote stad garandeert anonimiteit, het geringe aantal inwoners van een dorp betekent bemoeizucht, nieuwsgierigheid en een gebrek aan privacy. De locatie vervult op die manier een eigen rol in het verhaal.  

Research doen de auteurs allemaal, hoewel de meningen daarover verdeeld zijn. Zo vindt Appel het een onvermijdelijk, maar vervelend aspect van het schrijven, terwijl Boersma bekent onderzoek juist een van de leukste onderdelen van het schrijfproces te vinden. Beiden komen uit het universitair onderwijs waar professioneel onderzoek doen bij het vak hoort.  

Alle auteurs hebben ervaring met het schrijven van thrillers, maar zouden ook wel eens een poging willen wagen in een ander genre. Sterker nog, Boersma is daar al mee bezig, omdat het onderwerp zich er beter voor leent. Samen met haar 89-jarige vader, die in 1998 debuteerde, is zij bezig aan een autobiografisch samenwerkingsproject waarbij ze samen ‘het leven langsgaan’. Pagie vertelt ooit nog weleens horror te willen schrijven in de stijl van Stephen King, een schrijver die ze erg bewondert. ‘Hij schrijft geloofwaardige verhalen over dingen die niet kunnen.’  



‘De waarheid is nooit zo erg als een leugen.’

Loes den Hollander en Marjan van den Berg zijn de volgende twee auteurs op het podium van de Kleine Zaal. Zij kunnen het prima zonder gespreksleider af en hebben tijdens het dubbelinterview de lachers op hun hand. ‘Af en toe vergaten we dat er publiek bij zat,’ schrijft Van den Berg later op haar Facebook-pagina. Marjan zet haar collega Loes voor het panel begint nog even in het zonnetje: Den Hollander publiceerde onlangs haar negentiende boek Genadeklap.  Van de hand van Van den Berg verscheen afgelopen zomer de spannende thriller Joy, waarin echter ook voldoende humor aanwezig is, merkt een aanwezige op. Dat klopt volgens Van den Berg wel; de humoristische noot zal nooit ontbreken in haar werk. Ook in het interactieve gesprek waarbij het publiek betrokken wordt is dat het geval: de perfecte moord wordt besproken, net als huiselijke schrijfanekdotes en het bedenken van gruwelijke verhaalelementen. Alles met een knipoog. Toch eindigen beide auteurs met een serieuze boodschap: laat je als beginnend auteurs vooral goed begeleiden en bezuinig niet op een goede manuscriptbeoordelaar.  


‘Ik ben eigenlijk een bangerik.’

In het rumoerige, maar gezellig drukke theatercafe begint vervolgens de Hebban Leesclub Special, gepresenteerd door Bart Gielen van Barts Boekenclub. De aanwezige auteurs Anja Feliers (Zuur), Heleen van der Kemp (Bijwerking) en Greet Ilegems (Hybrid) krijgen ieder dezelfde vraag voorgeschoteld: in welke zin worden zij tijdens het schrijven met zichzelf geconfronteerd?  

Voor selfpubber Greet Ilegems (‘ik houd graag alles zelf onder controle’) levert het schrijven haar vooral wijsheid op. Door te focussen op de details van het schrijven is het voor haar ook mogelijk de belangrijke details in haar eigen leven te onderscheiden. Feliers vertelt dat haar thrillers worden ingegeven door haar eigen angsten. In die zin is het schrijven al confronterend genoeg. ‘Ik ben eigenlijk een bangerik.’ Van der Kemp is tijdens het schrijven van haar verhaal niet met zichzelf bezig, zegt ze. Zij voelt juist een grote afstand tussen zichzelf en haar verhaal: ‘Alsof ik me in een andere dimensie bevind. Ik sta niet zozeer in contact met mijzelf, maar vooral met de personages waarover ik schrijf.’ Maar wellicht dat haar onderbewuste angsten zich op die manier vormen en uiten, beaamt ze.  



‘Geen seks tot de laatste punt.’

Natuurlijk staan naast enkele routiniers uit het vak ook de debutanten op deze openingsdag centraal. Hebbanredacteur en juryvoorzitter Peter Kuijt interviewt de zes kanshebbers op de Hebban Thriller Debuutprijs, die later op de dag wordt uitgereikt.  

Chantal van Mierlo, Bianca Nederlof en Arjan Hoks zijn de eerste drie genomineerden die aan de tand gevoeld worden. Dat schrijven een vak is, blijkt uit hun verhalen. Van Mierlo deed als PR-medewerkster al veel redactiewerk, maar richt zich nu fulltime op het schrijven. Toch is zij meerdere keren opnieuw begonnen aan haar debuut, uiteindelijk duurde het vier jaar voor haar eerste thriller het levenslicht zag. Arjan Hoks beaamt dat: ‘Schrijven is doorzetten.’ Toch zijn alle debutanten al bezig met een tweede boek, of het is zelfs al af. Bianca Nederlof wil zich breed oriënteren en heeft onlangs haar eerste kinderboek ingeleverd. Een tweede thriller is echter ook al in de maak. In de zomer van 2016 verschijnt het nieuwe boek van Chantal van Mierlo en ook Arjan Hoks belooft dat er een tweede komt: ‘Ik moet alleen nog enkele keuzes maken wat betreft de verhaallijn.’  



Ook schrijversduo Eva Monté en auteurs René van Rijckevorsel en Ilse Ruijters zijn straks debutant af. In een lacherig gesprek (Kuijt: ‘Ilse, hoe heb je het tot Flevoland Zakenvrouw van het Jaar geschopt?’ Ilse: ‘Mijn borsten!’) lichten de auteurs een tipje van de sluier op over hun tweede boek. Monté heeft haar tweede boek inmiddels al af. Zwaartekracht gaat over Emma, die meedoet met een pilot van een programma dat haar van haar niet naderbenoemde probleem af zal kunnen helpen. Samen met lotgenoten vertrekt ze voor de behandeling naar Griekenland, waar toch niet alles pluis blijkt…  

De tweede publicatie van Van Rijckevorsel zal niet vóór de volgende zomer in de boekhandel liggen, maar hij is wel al bezig met zijn nieuwe politieke thriller die zich afspeelt in Zimbabwe en Zuidelijk Afrika, waar de schrijver zelf een tijdje gewoond heeft.  

Het tweede boek van Ilse Ruijters zal de titel Later als ik dood ben dragen en verschijnt eind maart 2016. Daarin staat de vraag centraal wat je doet als je verliefd wordt op een crimineel, en ook nog eens zijn behandelaar bent… Tijdens het schrijven van haar debuut De onderkant van sneeuw zwoer Ruijters overigens alle mannen af. Zij sprak met zichzelf af: ‘Geen seks tot de laatste punt!’ Inmiddels is de schrijfster gelukkig getrouwd.  



‘Ik stoor me aan het dedain voor de plot in de literaire wereld.’

Daarna stroomt het theater vrijwel leeg. Zonde, want een interessant panel – geleid door Hebbanredacteur Jet Steinz – gaat van start met thrillerschrijfster Judith Visser en de literaire broertjes Daan en Thomas Heerma van Voss. Hoewel, mogen we de auteurs nog wel op die manier in hokjes stoppen? Als het aan de schrijvers ligt niet.  

Met Ultimatum schreven Daan en Thomas Heerma van Voss samen hun eerste thriller. Thomas was al thrillerliefhebber, Daan kon zichzelf nog wel ontwikkelen op het gebied van de plot en stoorde zich al langer voor het dedain daarvoor in het literaire veld. Bovendien is het ‘leuk om iets te doen wat niemand verwacht.’ Een samenwerking was geboren. Daan: ‘We hebben nooit gedacht: dit doen we wel even. We namen het heel serieus en hebben nog nooit zo bewust geschreven. We kregen uit de thrillerwereld ook positieve reacties.’ De term literaire thriller heeft hem altijd geërgerd: ‘Wij wilden dat ook niet op onze cover hebben. We willen de thrillerlezer het idee geven dat ze zich nergens voor hoeven te schamen.’  

Judith Visser gaat juist de andere kant op met haar roman In seizoenen, die in januari van het komende jaar verschijnt. Na tien thrillers schrijft ze nu aan een verhaal dat is gebaseerd op eigen ervaringen. ‘Ik wilde al langer een roman schrijven, maar wachtte op een goed idee. Dit verhaal is gebaseerd op dat van mijn moeder. Het gaat over een zieke vrouw die te horen krijgt dat er niets meer aan haar situatie te doen is en haar heil in België zoekt. Het is vanuit het perspectief van haar zoon David geschreven. Door niet voor een dochter te kiezen kon ik de vergelijking met mijzelf voorkomen en meer afstand creëren.’ Het schrijven van de roman is voor Judith geen uitstapje, het smaakt naar meer: ‘Sommige verhalen moet je puur laten en niet in een thrillerjasje willen steken. Bovendien was het fijn om in de roman meer ruimte te hebben om uit te wijden. Hoewel tempo belangrijk blijft, zoals in de thriller, kun je verder de diepte in en het verhaal rustiger brengen.’  

Visser en de broertjes Heerma van Voss waren het eens over het feit dat boeken niet in hokjes gestopt zouden moeten worden: ‘Een boek is goed of niet.’  



‘Er is niet gestuurd van buiten- of bovenaf.’

Om half vijf stroomt de theaterzaal weer vol voor het moment waarop veel aanwezigen, publiek én auteurs, de hele dag hebben gewacht: de uitreiking van de Hebban Thriller Debuutprijs.  

Over het winnende boek deed de jury, onder voorzitterschap van Peter Kuijt, lovende uitspraken; ‘sterk debuut’, ‘een mooie psychologische thriller’, ‘prachtige volle zinnen’, ‘uniek onderwerp’ en ‘creatief gevonden vergelijkingen’ waren enkele van de kreten uit het juryrapport. Alle lof wordt toegezwaaid aan de winnaar: Ilse Ruijters met De onderkant van sneeuw.  

De Gouden Vleermuis, de prijs voor het gehele oeuvre van een gewaardeerd thrillerauteur, gaat dit jaar naar routinier René Appel. Hij neemt onder enige hilariteit de award (of ‘trofee, in correct Nederlands’- zoals Appel terecht opmerkt) in ontvangst uit handen van Ria Oostrop, voorzitter van het festival. Het is voor de auteur te hopen dat de ietwat gammele vleermuis zich staande houdt in zijn prijzenkast.     

Verslag: Lindy de Jong / Foto's: Mike van Barneveld

 



Over de auteur

Lindy de Jong

617 volgers
297 boeken
5 favoriet
Hebban Crew


Reacties op: Primeurs en onthullingen op Thrillerfestival

 

Gerelateerd

Over

René Appel

René Appel

Ik ben schrijver van misdaadromans, als zodanig waarschijnlijk bij veel lezers bekend.

Ilse Ruijters

Ilse Ruijters

Ilse Ruijters (1979) schrijft psychologische thrillers. Haar debuut, De onderkant van sneeuw, won de Hebban Thrillerdebuutprijs 2015 en stond meerdere weken in de TIP-kolom van de Bruna. Haar tweede b...

Marjan van den Berg

Marjan van den Berg

Freelance journaliste, auteur en lerares Nederlands. Heel erg verbonden met het weekblad Margriet: al een jaartje of 23 een wekelijkse column en al meer dan twintig jaar een wekelijkse aflevering van ...