Advertentie

Hebban vandaag

Lezen /

Wordt vervolgd: Nathalie Revard | Ad van de Lisdonk

door Hebban Crew 1 reactie
Begin dit jaar vroegen we tien leden van het Genootschap Nederlandstalige Misdaadauteurs of ze een kort verhaal wilden schrijven voor de tiendaagse, maar met één restrictie: het hoofdpersonage en (een deel van) haar achtergrond is een vaststaand gegeven. Sander Verheijen en Soraya Vink bedachten Nathalie Revard. Vandaag lees je het verhaal van Ad van de Lisdonk.

10 thrillerschrijvers, 10 verhalen, 1 hoofdpersoon

De briefing:

Download hier de briefing in pdf formaat.

PAYBACK door Ad van de Lisdonk

‘Naadje?’

Mijn adem stokt even. Er is één man op deze planeet die me ‘Naadje’ noemt.

Wat doet hij verdomme hier?

Roy is een van de twee mannen die ik nooit meer wil zien, dus ik draai mijn hoofd niet om. ‘Ik heet Nathalie, Roy. Als je echt zo stom bent dat je denkt dat ik het na alles wat we hebben meegemaakt op prijs stel als je een koosnaam gebruikt, gebruik dan Lie. Dat doet iedereen.’

Een zacht gegrinnik achter me.

Arrogante rotzak.

Ze zeggen dat de beste manier om over iemand heen te komen, is door onder iemand anders te gaan liggen. Die iemand anders was hij. Jammer genoeg. Toen hij mijn hart brak had ik geen andere keus dan te vragen om een overplaatsing naar dit gat. Ik mis Amsterdam nog elke dag.

Ere wie ere toekomt: hij heeft ook de dood van Thierry soort van dragelijk gemaakt.

Hij duwt zijn neus in mijn nek en ademt diep in. Net als vroeger trekt een rilling langs mijn ruggengraat omhoog. Ik ruik zijn aftershave en lichaam; een bekende en gevaarlijke combinatie.

‘Je kent me, Naad. Ik zeg waar het op staat. Het ging mij nooit om dat geniale brein van jou,’ bromt zijn lage stem achter mijn oor.

Bruusk haal ik mijn schouder op om duidelijk te maken dat hij uit mijn nek moet verdwijnen. Dat lukt. ‘Daarom ben ik ook zo ver mogelijk van je weggevlucht.’ De bitterheid in mijn stem is onmiskenbaar. Jammer dan.

Hij heeft zoals gewoonlijk maling aan mijn grenzen want zijn stem zoemt opnieuw veel te dicht achter mijn oor. ‘Was dat echt de reden, Naad?’

Genoeg!

Het is een draaikruk, dus draai ik. Snel. Hij springt echter achteruit en weet op het nippertje te voorkomen dat mijn knie zijn kruis raakt.

Geamuseerd trekt hij een wenkbrauw op. Hij heeft dezelfde stoute blik als toen, dezelfde strakke kaaklijn, dezelfde stoppelwangen, hetzelfde weerbarstige haar.

En ongetwijfeld hetzelfde onbetrouwbare karakter.

‘Nee. De echte reden was dat één naad blijkbaar niet genoeg was voor je,’ bijt ik hem toe.

‘Schuldig,’ bekent hij. Hij houdt zijn polsen voor zich. ‘Heb je die handboeien nog?’

Ik schud geschokt mijn hoofd terwijl ik onwillekeurig terugdenk aan ons recreatieve gebruik van mijn boeien. ‘Jij bent werkelijk…’

Hij grijnst van oor tot oor en knikt enthousiast. ‘Ja hè?’

Zwijgend draai ik me weer terug naar de bar. Roy gaat naast me zitten en bestelt een koffie. ‘Zwart,’ zegt hij tegen de barman. ‘Zolang het nog mag.’

‘Wat kom je hier doen,’ vraag ik als de koffie voor zijn neus staat. ‘Je keek toch zo neer op ons provinciaaltjes? Hoe noemde je mijn nieuwe standplaats ook alweer? Schubbekutteveen of zo?’

Roy negeert mijn vraag. ‘Ik moet je spreken, Naad.’

‘Geen tijd, geen zin. Ik zit te wachten tot Sara klaar is met haar muziekles.’ Ik kijk op mijn horloge. Het is iets over halfnegen. ‘Nog een kleine twintig minuten. Dus drink je koffie op en vertrek. Geloof me: het is voor je eigen gezondheid beter dat je verdwenen bent als Sara hier binnenkomt. Tienerdochters zijn levensgevaarlijk, ze heeft een nog grotere hekel aan hier dan ik, en ze gaat het je de eerste honderd jaar niet vergeven dat we hier naartoe moesten.’

‘Hé, dat was niet mijn beslissing. Van mij mocht je blijven. Graag zelfs…’

Ik zwijg.

‘Die nis, daar achter in de zaak,’ vervolgt Roy. ‘Kunnen we daar even gaan zitten?’

Ik ken hem. Hij gaat niet opgeven. ‘Wat jij wilt, grote jongen, zucht ik. ‘Je hebt nog een kwartier.’

Roy pakt mijn theekop en zijn koffie en loopt voor me uit naar de nis in de verste hoek van het eetcafé. Als ik achter hem aanloop voel ik de blikken van de aanwezige mannen in mijn rug. Oké, net iets lager dan mijn rug. Voor de aanwezige heren ben ik ook na een half jaar nog steeds een interessante exotische verschijning uit de grote stad.

Negenendertig met een kind en er kijken hier meer mannen naar je kont dan toen je negenentwintig was in Amsterdam. Zo slecht is het hier nou ook weer niet…

‘Krijg jij nog wel eens van die mysterieuze anonieme tips?’ vraagt Roy zodra we zitten en hij goed om zich heen heeft gekeken of iemand ons kan horen.

‘Nee,’ antwoord ik korzelig. ‘Om de een of andere reden is dat gestopt toen ik hier naartoe verhuisde. Ik heb hetzelfde emailadres gehouden, maar het is stil gebleven. Ik denk dat het zijn bedoeling was om me te helpen, en misschien kan hij dat nu niet meer. Het zou me niks verbazen als hij geen informatie heeft over criminele activiteiten hier in de provincie omdat hij zelf in Amsterdam zit.’

Roy kijkt me scherp aan. Ik voel de warmte vanuit mijn hals omhoog kruipen. De man tegenover me heeft veel meer van me gezien dan goed voor me is, maar dan wel met andere ogen. De blik die hij nu heeft, ken ik uit de tijd dat we samen verdachten verhoorden. Dit is zijn rechercheursblik. Hij wil weten of ik zit te liegen. Ineens krijg ik het gevoel dat ik word verhoord.

‘Twee keer fout,’ zegt hij zonder zijn blik ook maar een seconde los te maken van die van mij. ‘Hij wilde jou niet helpen, maar de politie. Jij was alleen een tijdje het medium. En hij heeft wel informatie over criminele activiteiten hier.’

‘O… Oké’

‘Ja, o, maar niet oké. Bijna drie weken geleden ontving ik een email die, zoals gewoonlijk, was ondertekend met een foto van die groene salamander van je.’

‘Leguaan,’ val ik hem in de rede.

Whatever.’ Hij wuift mijn verbetering verstoord weg. ‘Niemand anders zet een groen beest onder z’n email, dus we weten dat hij het is. In die mail stond dat je onze relatie expres op de klippen hebt laten lopen omdat je een aannemelijk verhaal bij de corpsleiding nodig had voor overplaatsing naar hier.’

Mijn mond valt open van verbazing. Dan wordt ik overspoeld door een golf van woede. Als een explosie komt de frustratie van mijn miskende liefde voor hem er schreeuwend uit. ‘Dus ik heb onze relatie op de klippen laten lopen? Ik? En dat jij je lul niet in je broek kon houden, hè? Heeft dat er misschien ook nog een beetje mee te maken?’

Alle gesprekken in het eetcafé zijn stilgevallen. Iedereen kijkt naar ons. Het kan me niets schelen. Ik sta op terwijl de stoom uit mijn oren komt. ‘Volgens mij heb ik meer dan genoeg gehoord en heeft deze ontmoeting al veel te lang geduurd.’

‘Blijf zitten alsjeblieft,’ zegt Roy kalm. Hij pakt me bij mijn onderarm.

Lees verder op de volgende pagina:



Over de auteur

Hebban Crew

2125 volgers
0 boeken
0 favorieten
Hebban Crew


Reacties op: Wordt vervolgd: Nathalie Revard | Ad van de Lisdonk

 

Over

Ad van de Lisdonk

Ad van de Lisdonk

De Nederlandse auteur Ad van de Lisdonk (1964) schreef in zijn jeugd al vele kor...

Hebban Spots

Korte verhalen 2019

28 volgers

Wil je je eigen schrijfskills aanwenden en je creativiteit loslaten op een kort verhaal, laat Nathalie sprankelen in een door jou verzonnen avontuur van maximaal 2000 woorden! Op deze spot zullen we...

Gesponsorde boeken