Advertentie

Hebban vandaag

Lezen /

Wordt vervolgd: Nathalie Revard | Isa Maron

door Hebban Crew 2 reacties
Begin dit jaar vroegen we tien leden van het Genootschap Nederlandstalige Misdaadauteurs of ze een kort verhaal wilden schrijven voor de tiendaagse, maar met één restrictie: het hoofdpersonage en (een deel van) haar achtergrond is een vaststaand gegeven. Sander Verheijen en Soraya Vink bedachten Nathalie Revard. Vandaag lees je het verhaal van Isa Maron.

10 thrillerschrijvers, 10 verhalen, 1 hoofdpersoon

De briefing:

Download hier de briefing in pdf formaat.

EEN BIZAR ONGELUK door Isa Maron

Het eerste wat Lie dacht toen ze het lijk zag, was: het is hier verdomme net Amsterdam. Haar vader, haar ex, de gekte van de grote stad – dat alles was ze ontvlucht, en toch bleef die ellende haar maar op de hielen zitten. Nu achtervolgde zelfs de misdaad met de grote M haar, want dit was overduidelijk geen gewone moordzaak.

Het was doodstil op het dorpsplein. De meeste mensen lagen op deze prille eerste januari nog in bed. De paar dorpelingen die zich al wel buiten hadden gewaagd stonden grimmig zwijgend op een afstandje. Roerloos stond Lie naar het bizarre tafereel te kijken.  

Het hele plein was wit, bedekt onder een dunne laag maagdelijke sneeuw. In de grote kerstboom, die naast de ingang van de kerk was geplaatst, brandden vrolijk gekleurde lampjes. Midden op het plein zat het slachtoffer totaal verkrampt op een smal houten bankje. Alsof hij ook in de dood nog verbijsterd was over wat hem overkwam.

Het blauwpaarse gelaat van de man vertoonde een grimas, maar het meest opvallende was nog wel de melkachtige witte waas die over de huid hing. Zijn lichaam huilde. Condens. Hij begon te ontdooien.

‘Tja,’ zei Anne Kamstra laconiek. ‘Beetje lastig te onderzoeken, dit slachtoffer.’

Lie keek opzij naar de schouwarts. Anne was blond, slank, sierlijk. Ze moest al in de dertig zijn, maar ze had iets jeugdigs. Ze leek zelfs een beetje op haar tienerdochter.

‘De kleding kunnen we straks wel alvast doorzoeken,’ zei Lie. Ze onderdrukte een grijns. ‘Of we laten hem hier nog een tijdje zitten, de dooi zet al in.’

Anne schudde haar hoofd en Lie kon niet zien of ze het geintje kon waarderen. Een beetje humor maakte het vak voor haar draaglijk, maar niet alle collega’s waren ervan gediend.

Langzaam liepen ze een rondje om het slachtoffer. Ze hielden afstand, zodat ze eventuele sporen niet zouden vernietigen.

‘Hij zit vastgevroren aan dat bankje,’ zei Anne.

‘En wat is dat daar onder?’ vroeg Lie. Ze had veel gezien, slachtoffers van bizarre misdaden, of bizarre ongelukken, maar dit was nieuw.

‘Het lijkt…,’ antwoordde Anne aarzelend. ‘Is het…zalm?’

‘Ja,’ zei Lie verbouwereerd, terwijl ze vooroverboog om beter te kunnen zien wat er tegen de zijkant van het bankje geplakt zat. ‘Het is een pak zalm, een hele zalm.’

Ze kwam overeind en keek om zich heen. Het plein werd afgezet met politielint. Daarachter verschenen de eerste mensen met camera’s. Journalisten. Dus dat ging hier, in een kleine gemeenschap, in een regio met meer wei dan straat, net zo snel als in de stad.

‘Marco Swelink,’ zei een stem naast haar.

Lie keek opzij en zag Oscar, een van de agenten die al dertig jaar in deze streek werkte, naast haar staan.

‘Dat weet iedereen,’ vervolgde hij nonchalant. ‘Bezit een aantal pandjes hier rond het plein.’

Het klonk alsof hij iets wilde toevoegen, maar hij zweeg.

‘Een mens invriezen,’ zei Lie terwijl ze weer naar de dode keek. Het leek nu alsof hij zweette, alsof het een aanzienlijke inspanning vergde om zo bewegingloos te blijven zitten. ‘Daar heb je een behoorlijk vriesvak voor nodig.’

Oscar humde instemmend. Anne, die aan de andere kant van Lie stond, zuchtte diep.

‘En die vind je in een restaurant,’ zei Oscar. ‘Bijvoorbeeld bij de Chinees.’ Hij knikte naar de overkant van het plein. ‘Of bij de Italiaan.’ En hij wees met zijn kin naar de andere kant.

‘Als je er klaar voor bent,’ vervolgde Oscar. ‘Dan gaan we daar even een kijkje nemen.’

Zonder verder iets te zeggen liep hij weg.

Niet veel later was de vindplaats gefotografeerd en onderzocht op sporen. Lie stond voor het eerst op een paar decimeter afstand van de man. Er hing een druppel aan zijn neus. Ze bukte om de zalm beter te kunnen zien. Hele wilde zalm uit Noorwegen. Toe maar. Het plastic was vastgevroren aan het hout van het bankje. Terwijl Anne de dode aan een eerste inspectie onderwierp, liep Lie weg om met Oscar de restaurants te gaan bezoeken.

Mevrouw Zhao was lang, mager en zenuwachtig. Ze ging Lie en Oscar voor door de keuken naar de voorraadkamer, waar zich ook de koel- en vriesruimte bevond. Vijf minuten later bedankten ze de vrouw vriendelijk en liepen weer naar buiten. De opslag van mevrouw Zhao was tot de nok toe gevuld met in plastic verpakt vlees. Geen zalm, wel eend, varkens, kip, rund. Als je tenminste de verkleurde stickers die op het plastic waren geplakt mocht geloven.

‘Hier heeft-ie niet gezeten,’ had Oscar meteen gezegd. ‘Dat bankje past er niet eens in.’

De vriezer van Pizzeria Romano was een ander verhaal. Schoon, en vooral: leeg. Heel erg leeg.

‘Oudjaarsavond is de enige avond in het jaar dat wij dicht zijn,’ zei Sylvia Romano, de eigenaresse van het kleine restaurant waar Lie al meer dan eens een pizza marinara had gehaald. Met extra zalm.

‘Dus een dag van tevoren ontdooi ik de boel en dan maak ik de koelcel en de vriescel helemaal schoon,’ vervolgde Sylvia. Ze zette grote ogen op en maakte een verontschuldigend gebaar. Alsof ze haar onschuld wilde benadrukken veegde ze een blonde lok achter haar oor en glimlachte vriendelijk.

‘Is Emilio er niet?’ vroeg Oscar.

‘Ligt nog op bed,’ antwoordde Sylvia.

‘Laat geworden?’ Oscar trok een gezicht.

‘Je weet toch,’ zei een stem achter hen en Lie draaide zich om. Een meisje van een jaar of vijftien stond tegen de post van de deur geleund. Lang zwart haar golfde langs de linkerkant van haar gezicht en hing als een trofee over haar schouder. Ze keek Lie met een paar boze, onwaarschijnlijk grote en lichte ogen aan. Ineens viel het Lie op dat er naast haar, in de hoek van de ruimte, een camera hing.

Lees verder op de volgende pagina:



Over de auteur

Hebban Crew

1908 volgers
3 boeken
3 favoriet
Hebban Crew


Reacties op: Wordt vervolgd: Nathalie Revard | Isa Maron

 

Over

Isa Maron

Isa Maron

Ik woon in Amsterdam Noord met mijn man en vier zonen (en 2 kippen en 1 hond). O...

Hebban Spots

Korte verhalen 2019

29 volgers

Wil je je eigen schrijfskills aanwenden en je creativiteit loslaten op een kort verhaal, laat Nathalie sprankelen in een door jou verzonnen avontuur van maximaal 2000 woorden! Op deze spot zullen we...