Marie-Louise Klomp Auteur

Blogpost: Marie-Louise Klomp

Een fragmentje uit mijn boek "Omdat de natuur anders besliste'

Een ijverige bij zoemde om mijn hoofd, maar ik merkte het nauwelijks. Hoog in een boom kondigde een vogel het einde van de dag aan, maar voor mij klonk het meer als het begin van een lange, lange nacht. De stralen van het late najaarszonnetje deden hun uiterste best om mijn koude, gevoelloze huid weer wat op te warmen, maar ze kwamen niet door de kilte van mijn ziel heen.
Hoe lang ik daar in de tuin van onze oud-buren Sjors en Carla gestaan heb, weet ik niet. Ik begon pas echt weer wat van de wereld om me heen te merken, toen Sjors me zorgzaam in een fauteuil in de kamer neerzette. ‘Kind, wat is er allemaal gebeurd?’ vroeg Carla bezorgd. ‘Je ziet lijkbleek. En waar is Joost nu opeens gebleven?’ Sjors hield me ondertussen een glaasje water voor, waar ik trillend als een rietje aan nipte. ‘Ik, ik uh, ik weet het niet. Joost is weg, voorgoed’, fluisterde ik. Die laatste zin bleef maar in mijn hoofd echoën als een trein die vaart meerdert over de rails. ‘Joost is weg, voorgoed! Joost is weg, voorgoed!’ Ik zag de lippen van Carla en Sjors bewegen, maar kon ze niet verstaan, door al dat lawaai in mijn hoofd. ‘Joost is weg, voorgoed! Voorgoed! Voorgoed!’
Een ferme ruk aan mijn schouders deed de trein in mijn hoofd plotseling stoppen. Terwijl de piepende remmen nog nagalmden, voelde ik dat Sjors mijn bovenarmen stevig beetpakte. ‘Kijk me eens aan’, hoorde ik hem dwingend tegen me zeggen, terwijl de greep rond mijn armen beetje bij beetje toenam. ‘Kijk me eens aan en adem eens een paar keer diep in en uit’, klonk het nu vlak bij mijn gezicht. Als een robot voerde ik zijn commando’s uit en langzaam werd mijn omgeving weer zichtbaar. De voegen in de muur tegenover mij staakten langzaam hun ritmische bewegingen en ook de bloempot op de schouw stopte zijn macabere dans. Ik concentreerde me op het kanten kleed op de eettafel en probeerde ondertussen uit alle macht te ontdekken waar ik was en wat er allemaal gebeurd was. Vlak voor me doemde het rustige, vertrouwde gezicht van Sjors op. Tegelijkertijd voelde ik iets in mijn haar bewegen en toen ik opzij keek, zag ik de lachende ogen van Carla vanachter haar bril tevoorschijn komen. ‘Gelukkig, daar ben je weer’, riep Carla opgelucht. ‘Wat is er toch allemaal aan de hand.’ ‘Toe, Car’, zei Sjors. ‘Láát ze nog even en ga eerst eens een lekkere pot thee zetten. Dat praat een stuk gemakkelijker.’
Terwijl ik het theeglas voorzichtig aan mijn lippen zette, voelde ik hoe het warme vocht mijn lichaam langzaam weer op temperatuur bracht. Ik schraapte mijn keel en een beetje onwennig kwam er weer geluid uit mijn mond. ‘Ik mag niet meer naar huis komen van Joost’, gooide ik er plotseling uit en ik voelde hoe de paniek opnieuw een aanval deed op mijn keel. Meteen waren daar Sjors zijn handen die de mijne grepen en me dwongen om kalm te blijven. ‘Gewoon rustig vertellen’, zei Sjors, terwijl hij iedere lettergreep zorgvuldig benadrukte. ‘Je hoeft niet in paniek te raken. Voor alles is een oplossing, dat zal je zien.’ Met horten en stoten kwam het hele verhaal eruit en bij elk woord leek Joost verder en verder weg te glijden. ‘Waar moeten Julia en ik nu toch wonen?’ fluisterde ik aan het einde van mijn relaas en weer leek het alsof mijn keel werd dichtgeknepen. ‘Gewoon bij ons’, zei Carla ferm. ‘Net zolang totdat je een andere oplossing hebt gevonden.’ Haar ogen keken Sjors onderzoekend aan en die knikte instemmend.
‘Dankjewel’, was het enige dat ik zacht fluisterend uit kon brengen. Maar die twee begrepen dat wel.
Wil je meer informatie over mijn boek klik dan hier.

Lees verder op mijn site

Reacties op: Een fragmentje uit mijn boek "Omdat de natuur anders besliste'