Blogpost: KarindeGraaff

Gered (5/7) *Kort verhaal in Kerstsfeer!*

De volgende middag reed haar vader de auto uit de garage. Blijkbaar had hij hem er gisteravond, vanwege de dalende temperaturen, nog even ingezet. De buien met natte sneeuw waren verdwenen en die nacht was het kwik flink gedaald. De vorst had voor een ijslaagje op de plassen gezorgd. ‘Je wagen is nu al een beetje op temperatuur. Ik heb de banden ook meteen op spanning gebracht. Verder lijkt hij het prima te doen.’
‘Ja, tiptop, als een zonnetje, dat zei ik gisteren nog tegen mama.’ Haar adem wolkte in de kille lucht.
Hij klopte op de kap. ‘Van deze kwaliteit worden ze niet meer gemaakt.’
‘Ik stond er gisteren anders mooi mee stil.’ Haar moeder kwam naar buiten.
Haar vader knipoogde naar haar. ‘Ach ja, kleine mankementjes blijf je houden met die ouwetjes.’
Haar moeder droeg een plastic zak en zette die op de achterbank van de auto. ‘Hier, wat bakjes met resten van gisteravond. Wij krijgen dat met zijn tweetjes nooit op.’Altijd hetzelfde wanneer ze thuis wegging: ze kreeg steevast meer mee dan waarmee ze gekomen was.
Brecht schoot in de lach. ‘O, en ik in mijn eentje wel? Maar toch bedankt, mam.’
Die leek haar niet te horen. Ze tuurde de oprit af.
Brecht volgde haar blik en keek naar de weg. Boven de velden erachter deed een winters zonnetje vergeefse pogingen om het berijpte gras te smelten. Ze kneep haar ogen samen.
‘Vreemd dat hij niet meer is gekomen,’ mompelde haar moeder voor zich uit.
‘Heb je het nou nog steeds over die leuke knul van je?’ zei Brecht. ‘Ik ben allang blij dat het blijkbaar een weldenkend persoon was die niet op jouw idiote uitnodiging in is gegaan!’
Haar vader keek verbaasd van zijn vrouw naar zijn dochter. ‘Over wie hebben jullie het?’
Terwijl haar moeder het hem uitlegde, maakte Brecht zich klaar voor vertrek. Als ze heel eerlijk was, wilde ze liever blijven, zelfs al zou dat betekenen dat ze met haar ouders mee zou gaan naar hun beste vrienden voor een potje bridge en een etentje. Ze had echter een halfzachte afspraak staan met een vriendin om ergens in de stad te gaan borrelen. En aansluitend te gaan eten. Dat was het plan. Voor hetzelfde geld ging hun afspraak op het laatste moment niet door, dat gebeurde wel vaker met die vriendin, maar, bedacht ze wat zurig, dan had ze in ieder geval een zak vol met bakjes eten om de avond van Tweede Kerstdag te kunnen doorstaan.
Haar vader had het verhaal van haar moeder hoofdschuddend aangehoord. ‘Van mij mag die jongeman best eens langskomen om de werkplaats te bekijken, maar je moet je dochter met rust laten. Nou Brechtje, goede reis!’
Ze knuffelde haar ouders en stapte in. Nadat ze haar raampje naar beneden had gedraaid, in die oude Volkswagens geen automatische raampjes, stak ze haar hoofd naar buiten. ‘Dag lieverds, veel plezier straks bij het bridgen. Tot de volgende keer.’
Brecht startte de motor. Het vertrouwde geraas leverde een goedkeurende knik van haar vader op.
‘Hij doet het nog goed. Al denk ik dat we de volgende keer dat je hier bent samen naar de ontsteking moeten kijken. Even wat testjes uitvoeren.’
Ze lachte. ‘Pap, je hoort het toch? Hij loopt als een zonnetje. Komt goed!’
Al zwaaiend uit het raampje reed ze het erf af om, eenmaal uit het zicht, het ruitje zo snel mogelijk dicht te draaien. De wind die over de velden raasde was vreselijk koud.

Ook weer afgehandeld.
Gevalletje klapband. Tijdelijk opgelost met vulschuim, morgen naar de garage voor een nieuwe band.
Nadat Michel afscheid van het echtpaar had genomen, dat opgelucht richting een familiediner ging, trok  hij op en reed weer terug naar de standplaats.
Misschien dat er nog een laatste melding kwam, maar in het beste geval zat zijn Kerstdagendienst, lang leve de toeslagen, erop. Vandaag mocht hij eerder weg dan gisteren. Straks nog even ouwehoeren met Koos, de boel overdragen en dan op huis aan. Geen idee wat hij zou gaan doen. In ieder geval een kant-en-klaar maaltijd in de magnetron mikken en een biertje openploppen.
Voor hem kleurde de horizon lichtoranje en roze. De hele dag was het schitterend weer geweest. Strakblauwe lucht, felle zon, windstil, temperatuur onder het nulpunt. Als het zo doorging konden ze over een week misschien wel schaatsen. Prachtig ijs kon dat worden met deze omstandigheden.
Hij keek tussen de kale bomen door naar de sloot die parallel aan de weg liep. Zo te zien glinsterde daar een dunne ijslaag.
Op het moment dat hij voor zich keek, ging hij rechtop zitten. Pakweg een kilometer verderop, na de bocht in de weg, zag hij een karakteristieke autovorm langs de kant van de weg staan.
Was dat nu alweer een Kever? Zo zag je ze nooit en nu twee dagen achter elkaar.
Hij keek nog eens goed. Was het dezelfde als gisteren? Een grijze was het geweest, met een oudere dame als bestuurder. Die met een leuke dochter…
Michel minderde vaart en nam contact op met de centrale. Misschien was de melding zo vers dat hij nog niet doorgegeven was. Kon hij dit meteen oplossen. Scheelde weer een rit.Zijn collega’s bleken van niks te weten. Misschien had de bestuurder een andere pechhulp benaderd? Dat kon. Bovendien zat zijn dienst erop. Inpakken en wegwezen maar, zeiden ze nog tegen hem. Maar om hier nu plompverloren voorbij te rijden zonder te helpen, dat kon Michel niet over zijn hart verkrijgen.
‘Je bent een reddende engel of niet,’ mompelde hij.

Reacties op: Gered (5/7) *Kort verhaal in Kerstsfeer!*