HedwigMeesters Auteur

Blogpost: HedwigMeesters

Inbreker of ander tuig

Ik schiet overeind. De vloer kraakt. Iemand op de trap? Overloop? Ik trek het dekbed tot aan mijn kin. Droge mond. Stokkende adem. In de logeerkamer klinkt een knarsend geluid. Het licht aandoen durf ik niet. Er kan een drugsverslaafde rondsluipen, op zoek naar waardevolle spullen. Zodra hij beseft dat hier niets te halen valt, gaat hij er vast vandoor. Of zet hij nu koers naar mijn slaapkamer? Kwestie van seconden voordat hij een zaklamp in mijn door angst versteende gezicht schijnt, met zijn benevelde kop boven me komt hangen en een mes op mijn keel zet. Bankpasje en sierraden of ik snij je keel open.
Misschien is hij een na-aper van Hannibal Lecter. Een man met zijscheiding en gestreepte stropdas die mij overdag naar huis is gevolgd en me tot zijn volgende prooi heeft uitverkoren. Hoe meer tegenwerking ik bied, hoe meer bloed hij ruikt en in hoe meer moten hij mijn ingewanden kan hakken, hoe fijner hij het vindt. Ieder ogenblik kan hij – in het pikkedonker – zijn gestreepte stropdas om mijn keel wikkelen en langzaam strakker aantrekken, als smaakmaker naar het echte werk met vishaken en accuzuur.
Onze hersenen staan tijdens onze slaap voor een deel op de waakvlam. Ook onze grijze cellen hebben rust nodig. Het nadeel is dat de rem die overdag beklemmende gedachten en wezenloze angsten onder controle houdt, er ‘s nachts af is. Overdag, afgeleid door de beslommeringen van ons bestaan en beschermd door de handrem van logisch nadenken, maken we de ergste ongegronde bangheid meteen een kopje kleiner. Lig je midden in de nacht wakker, dan kan diezelfde angst gruwelijk uit de bocht vliegen. En verandert bij mij het geluid van kattenpootjes op de overloop of de wind door het huis, in het schuifelen van een schurk.
Ik val weer in slaap. Tot een volgende nacht met akelige geluiden. Want wat als het dan wél een inbreker of ander tuig is?

Lees verder op mijn site

Reacties op: Inbreker of ander tuig