Blogpost: Bohse

Profielen (3)

‘We hebben een probleem,’ kwam mijn zoon de kamer binnen zonder bellen of kloppen.
Ik zat net middenin een dramatische plot twist. De kok had het niet gedaan, zo waren mijn lezers net tot hun verbazing aan het ontdekken. Daar zouden ze niet van terug hebben, want ze hadden hem twee pagina’s eerder betrapt achter een spoeltafel in de gaarkeuken met een druipende vleesvork in de hand en een schuldige uitdrukking op zijn laffe, kogelronde moordenaarsgezicht. Lezers zijn net kleuters: hou hen bezig met een lolly op links, dan kan je hen langs rechts probleemloos inhalen en voorbijsteken. Argeloze stumperds.  
‘Kan het wachten?’ weerde ik mijn zoon af zonder mijn blik van mijn scherm te wenden, ‘de apotheose komt er net aan.’
‘Nee, pa, het kan niet wachten.’
‘Goed,’ zuchtte ik. Ik keek op van mijn laptop. ‘Wat is er aan de hand?’
‘Sander Verhofstraeten, pa, dat is er aan de hand.’
‘Wie?’
‘Sander Verhofstraeten, pa. Die steekkaart uit Gent van jou? Voor het fictieve profiel dat ik moet beheren op je schrijversforum? Om lovende kritiek te kunnen geven op jouw schrijfsels?’
‘Ja ja, ik heb ‘m,’ ging het lampje branden. ‘Christus, wat nu weer? Laatst kwam je zus al mekkeren over Laura Watersteyn en nu jij weer over Sander Verhofstraeten. Wat heeft hij uitgevreten dan?’
‘Hij is een oplichter, pa.’
‘Dat kan niet, want ik heb hem zelf bedacht. Sander Verhofstraeten bestaat niet, zoon, hij is een denkbeeldig personage, hij woont enkel in mijn hoofd. Hoe kan een vals profiel in godsnaam een oplichter zijn?’
‘Nou, blijkbaar woont hij niet alleen in jouw hoofd, maar ook in een of ander achtergebleven gebied boven Brussel.’
‘Wat?’
‘Of anders in een vergeten dorpje in het Belgische Haspengouw of ergens in Nederlands Limburg. Het wil al eens variëren.’
‘Ik begrijp er niks van. Zeg nu eens precies wat er loos is.’
‘Het volgende is er loos, pa: je hebt iemand verzonnen die fictief al bestond, dus nu is hij in de feiten tweemaal uit de lucht gegrepen. Zie je, op het internet circuleerde namelijk al een andere Sander Verhofstraeten van rond de vijfenzestig voor jij de jouwe in elkaar begon te knutselen. Maar deze Sander Verhofstraeten jaagt op eenzame vrouwen tussen pakweg zestig en tachtig die achter een computer het ultieme geluk proberen te hervinden. Wat ik er tot dusver van heb begrepen, is dat hij een eerste contact legt, dan een foto doorstuurt van een verzorgd geklede oudere man met een vaderlijke glans in de ogen en dat hij zijn prooien vervolgens ’s ochtends, ’s middags en ’s avonds begint te vertellen hoe aantrekkelijk ze wel zijn, zelfs al zien ze eruit als iets dat net uit de binnenkant van een geconstipeerde olifant is komen lekken. Dat spelletje houdt hij per prooi zowat een maand vol, waarna hij opeens plompverloren en gejaagd geld vraagt, bijvoorbeeld vanuit een treinstation in Parijs of Berlijn, waar een zakkenroller er helaas net vandoor is gegaan met zijn portefeuille.’
Het was geen opwekkend relaas en ik begroef mijn gezicht prompt in beide handen.
‘Lieve God,’ riep ik mijn Schepper gesmoord aan, ‘alles wat ik vroeg waren aardige, onbesproken mensen die helemaal niet bestonden in het werkelijke leven - nette, rustige lui die iets afweten van literatuur en die een geniale schrijver in spe herkennen van bij zijn eerste zin. En wat krijg ik? Een gevallen Maria Magdalena van het hoge noorden en een Vlaamse Al Capone die teert op overjaarse vrouwenharten.’
Ik wendde me tot mijn zoon. ‘Goed, dit is natuurlijk tegen beter weten in, maar vertel het me toch maar: hoe ben je hier op uitgekomen?’
‘Dat,’ zei mijn zoon aarzelend, ‘was eigenlijk wel grappig. Op een gegeven ogenblik reageerde een zekere Easterbunny1956 op het profiel van Sander Verhofstraeten online. “Haasje,” schreef ze, “dat ik jou hier mag aantreffen! Wat leuk! Ik wist niet dat jij een boekenwurm was?” Tja, en toen stond ik voor een dilemma. Ik redeneerde: blijkbaar kent Easterbunny1956 Sander Verhofstraeten bijzonder goed.’
‘Sander Verhofstraeten bestáát niet, idioot!’ onderbrak ik hem gefrustreerd. ‘Hij heeft nooit bestaan, ik heb hem van a tot z verzonnen tijdens een lastig darmmaneuver op het toilet!’
‘Jakkes pa, te veel informatie! En ja, hoor eens, dit gebeurde allemaal halverwege in de ochtend, ik was net wakker. Het leek me gewoon te link om niet te reageren op iemand die me zo vriendelijk groette. Dus waagde ik een gokje en schreef terug: “Hallo, mijn paaskonijntje! Ja, leuk toch?” Met dat “paaskonijntje” nam ik natuurlijk een risico, maar door die gebruikersnaam van haar zat ik wel safe, dacht ik. En geloof het of niet, ze slikte het.’
‘En toen?’
‘En toen begonnen we wat te kletsen op het forum, je weet wel, koetjes en kalfjes. Ik hield het natuurlijk luchtig en heel algemeen, want ik had op dat ogenblik geen flauw idee wie of wat Easterbunny1956 precies was.’
‘Je hebt haar profiel zelfs niet even opgezocht, jij kluns?!’
‘Toen nog niet, nee. Ik zei het al: het was ontiegelijk vroeg, nauwelijks elf in de ochtend, en ik panikeerde. Ik had het gevoel dat ik meteen moest reageren op haar bericht. Om geen argwaan te wekken.’
Ik dacht na, verwoed op zoek naar een zonnestraaltje doorheen het inktzwarte wolkendek, hoe smal en teer ook.
‘Ok, weet je wat?’ probeerde ik de ellende weg te redeneren, ‘al bij al klinkt dit verhaal niet zo verschrikkelijk. Meer dan “hallo” en “wat leuk!” is het blijkbaar niet geworden.’
Mijn zoon deed er het zwijgen toe.
‘Nee toch?’ las ik af van zijn gezicht. ‘Wat? Wat is er verder nog gebeurd?’
‘Wel, op een gegeven moment kwam Sterreslag33 ertussen. In mijn online gesprekje met Easterbunny1956, bedoel ik. En zij kende Sander Verhofstraeten ook, zo bleek. Die andere Sander Verhofstraeten dan, niet de jouwe. En zij kende hem helaas al veel langer, tot ver voorbij de fase waar hij haar behoorlijk wat geld had afgetroggeld en vervolgens met de noorderzon was verdwenen. Zij zat dus al diep in het stadium van de ontnuchtering waar het Sander Verhofstraeten betrof.’
‘Verdomme toch!’
‘Tja, en toen ontstond er een gigantische ruzie tussen Easterbunny1956 en Sterreslag33 pal onder mijn account. Na twee pagina’s van “snol”, “teef” en “kuthoer” over en weer vond de moderator het welletjes en nu zijn hun accounts tijdelijk op hold gezet. En heeft Sander Verhofstraeten een formele waarschuwing aan zijn broek vanwege de beheerders.’
‘Met andere woorden, je hebt mijn profiel naar de vaantjes geholpen!’
‘Ik denk het wel, pa. Volgens mij kan je Sander Verhofstraeten maar beter zo snel mogelijk dumpen, voor hij gaat zorgen voor nog grotere problemen.’
‘Wat bedoel je?’
‘Wel, ergens in die uitwisseling van reacties begon Sterreslag33 op een bepaald moment ook te spreken over verontrustende dingen als klacht neerleggen, Computer Crime Unit en misdrijven waar effectieve celstraffen op staan. En je moet weten, pa, dat ze werkelijk iedereen met een computer op het spoor kunnen komen - louter aan de hand van een IP-adres. Zoiets is tegenwoordig nog slechts een kwestie van een wettelijke clearance via een onderzoeksrechter en hup, voor je het weet staan er twee niet nader omschreven kerels met zonnebrillen en in zwarte pakken in het gat van je voordeur.’
Ik keek zuinigjes weg van mijn zoon en dacht weer wat na.
‘Als je het hier hebt over het IP-adres van een computer, dan bedoel je daarmee eigenlijk het IP-adres van jouw laptop computer, niet?’
Mijn zoon bleef even stil.
‘Waar stuur je precies op aan, pa?’ vroeg hij afgemeten.
‘Nou, voor zover ik weet is er niets dat mij linkt aan Sander Verhofstraeten. Jij, daarentegen…’
‘O nee, pa, die vlieger gaat niet op! Als ik de afgrond in ga, sleur ik jou mee, wees daar maar zeker van! Jezus, zou jij werkelijk je bloedeigen zoon laten opdraaien voor jóuw gesjoemel op een schrijversforum?’
Hij leek oprecht gekwetst. Dat heb je met die sneeuwvlokjes tegenwoordig.
‘Natuurlijk niet, joh,’ loog ik. ‘Het idee alleen al. Ik zou je toch altijd uit de wind zetten? Hallo, ik ben toch je vader, jongen?’
Nee, oordeelde ik ondertussen in gedachten, de schuld op hem afschuiven zou geen enkele zin hebben omdat zijn IP-adres bij mij inwoonde en die kerels in het zwart waarschijnlijk alle computers onder hetzelfde dak binnenstebuiten zouden komen keren, want dan werkt zo’n bevelschrift van een onderzoeksrechter meteen een stuk rendabeler. Bovendien telde mijn gezin veel te veel getuigen à charge. Dat onbetrouwbare stel kennende, zouden ze me regelrecht de cel in praten, tot die morsige vlooienbak van een hond toe. Nee, uit deze put kon ik maar beter niet proberen te ontsnappen via de schouders van zoonlief. Die lui van de Computer Crime Unit waren ook niet achterlijk, ze zouden in twee, drie minuten uitknobbelen hoe de vork werkelijk in de steel zat.
Ik zuchtte smartelijk en wierp een blik op het scherm van mijn laptop.
Goed, Sander Verhofstraeten moest dus voorgoed verdwijnen, al zou ik hem hoogstpersoonlijk moeten smoren in een ketel heet ossenvet in een hoek van die verrekte gaarkeuken.
Een gevalletje van kill your darlings, zullen we maar zeggen.
Jammer, want hij had wel potentieel gehad.
Voor mijn ratings online zou hij een verlies zijn.
Een verdomd groot verlies.

Reacties op: Profielen (3)

Gesponsorde boeken