Liesbeth de Jong Auteur

Blogpost: Liesbeth de Jong

Vogels zijn om op te vreten, maar tóch eet ik ze nooit! 

0ad7e9e2c22a900730ed45a2e644c5eb.jpg






Foto: Uitgeverij Gopher

(Lieve lezers, dit is mijn eerste blogpost op Hebban. Ik ben benieuwd wie hem leest, want er staan zó veel blogs op Hebban die veel beter en bekender zijn dan die van mij.)


Vanaf het moment dat ik als peuter voor het eerst een mus zag, was ik verrukt van vogels.
Het zijn vooral hun ronde kraaloogjes die mijn ziel raken. Daarom heeft van alle boeken die ik ooit heb gelezen, Om twee schitteroogjes van W.G. van de Hulst de meeste indruk op me gemaakt. Jaren geleden kreeg ik het cadeau van een oude dame.  

Vogels zijn wonderlijke wezens. Ze bezitten iets wat geen enkel ander warmbloedig dier op aarde heeft: veren. Licht van gewicht en perfect gevormd. Daarom kunnen ze vliegen, hoewel men een duidelijk verschil kan waarnemen tussen de vliegkunst van een bijkolibrie en die van een keizerspinguïn.  

Regelmatig denk ik: was ik maar een vogel. Dat heeft vele voordelen:
- Terwijl je nog in je ei zit, weet je alles al wat je moet weten tijdens je leven.
- Je kunt overal bouwen waar je maar wilt, zonder bouwvergunning.
- Je vindt je verse voedsel in de natuur, en bij mensen die hun tuinvogels het hele jaar  verwennen, zoals ik.
- Je privéjet staat altijd startklaar (geen vliegbrevet nodig).
- Je kunt alles zonder handen.
- Je hoeft je nooit af te vragen welke kleren je nu weer eens zult aantrekken.
- Je kunt overal op zitten zonder pijn in je rug of een ‘houten kont’ te krijgen. 

Als vogelliefhebber kon ik het niet laten om een koolmees met de naam ‘Captain Birdy’ een rol te geven in mijn humoristische roman De Plaaggeesten. Captain Birdy bestond echt. Zo zie je maar weer dat een auteur altijd wel iets van zichzelf in een boek stopt. En dat hoeft niet per se een boekenlegger te zijn.


(Is er misschien iemand die me kan uitleggen hoe je een foto midden in je verhaal of aan het eind ervan kunt plaatsen?)


Reacties op: Vogels zijn om op te vreten, maar tóch eet ik ze nooit! 

Gesponsorde boeken