Lezersrecensie
Stem van eenvoud
In "Zang" beschrijft Heijne op eenvoudige maar eerlijke manier dat alles in dit leven eindig is. Dus ook de stem.
Verwacht geen proza, geen diepgravende verhalen, maar wel, "de mens", sterren die mens worden, mensen die sterren worden, en dan, ineens, het einde. Het einde van de stem, het einde van de zang, soms totaal onverwacht, dan weer terwijl heel de wereld het aan ziet komen behalve de ster zelf.
Wat maar weer blijkt uit dit simpele boekje, is dat niemand ontkomt aan de grenzen van het "mens zijn", en in de wereld van de sopranen en tenoren, baritons en bassen, ontkomt niemand aan het einde van "de stem". Ook de stem kent haar grenzen.
Tegen beter weten gaan ze door, en in een enkel geval stoppen ze op tijd, maar net zo vaak worden ze abrupt afgebroken, de -altijd onverwachte- dood maakt er voortijdig een einde aan.
Maar, dankzij de techniek van tegenwoordig is het de achterblijvers nog gegund na te genieten van de stemmen van Callas, Björling en Wunderlich.
Zoals een inmiddels overleden bewoner uit de documentaire "Il bacio di Tosca" geciteerd wordt in het boek: "Als ik dood ben, zing ik nog minstens twee uur door".
Tenslotte zien we een aantal componisten langskomen die zoveel hebben bijgedragen aan de variatie van stemmen in de klassieke muziek. En wiens "stem" niet altijd werd begrepen, verstaan.
Een prachtig boek, aangevuld met een mooie CD.