Verhalenwevers #8 De droomwever

op 24 september 2017 door

Nielse Hofmans is een jonge Belgische schrijver. Hij begon vijf jaar geleden met schrijven en publiceerde al verschillende kortverhalen in literaire en fantastieke tijdschriften zoals Fantastische Vertellingen, SF-Terra en Portulaan. In zijn kortverhalen werkt Nielse graag rond het thema 'niets is wat het lijkt'. Onlangs werd zijn kortverhaal Het Schilderij genomineerd voor de Spannende Verhalen Prijs van uitgeverij De Klimmende Ster. Dit verhaal kunt u lezen in de bijbehorende bundel De griezel van de Lindelaan
Daarnaast werkt Nielse aan zijn eerste roman. Hierover blogt hij wekelijks op zijn Hebbanspot Project Blauw. Neem er vooral eens een kijkje, zijn enthousiasme werkt aanstekelijk!  Naast het schrijven componeert Nielse ook graag zijn eigen muziek en is hij soms ook nog op de toneelplanken te zien.
Voor Verhalenwevers schreef deze creatieve duizendpoot een heel fantasievolle aflevering.

De droomwever

Eerst hoorde of zag ze niets. Een complete duisternis omhulde haar. Een warme en kalme donkerte die al haar zorgen wegnam. Ze had geen enkele reden om meer te wensen dan de geborgenheid die ze nu voelde. 
Toen was er het geluid. Het begon eerst zacht. Een kort, hoog, bliepend geluid dat regelmatig door haar rustige wereldje flitste. Steeds luider klonk het lawaai, totdat ze niets anders kon dan smeken om het te laten stoppen.
“Sssht.” Iemand nam haar hand vast. Meteen keerde de kalmte terug. Eshe tuurde in de duisternis, maar vond niemand.
“Rustig Eshe,” De stem klonk als een rustig kabbelend beekje in het midden van het Levende Woud. Zo kalm en zo kleurrijk. “Er is helemaal geen nood om je op te winden.”
“Ik wil gewoon rust. Dat is het enige.” Eshe voelde tranen prikken achter haar ogen.
“Daar is nu geen tijd voor. Sta op.”
Eshe realiseerde zich dat ze al die tijd neerlag. De stem had gelijk. Waarom zou ze blijven liggen? Langzaam stond ze op en met iedere beweging die ze maakte klaarde de duisternis een beetje meer op. Ze zag de contouren van de figuur die bij de stem hoorde steeds scherper. Ze zag de lange blonde lokken, de helblauwe ogen, de golvende witte vleugels die uit de schouders van de vrouw leken te groeien. 
Eshe verstarde. Was ze aan het dromen? Zag ze echt vleugels?
Haar geest werd overspoeld door herinneringen aan de avonden die ze bij haar grootmoeder had doorgebracht, luisterend naar de oude legenden van de Zwanenkoningin.
“Moeder Ulm?”
De figuur glimlachte. “Ik ben niet de Moedergodin, ook al zijn er talloze vergelijkingen tussen ons.”
“Wie bent u dan?”
“De vraag is niet wie ik ben, maar wat ik hier doe.”
Eshe staarde de figuur verward aan. Wat bedoelde ze daarmee?
De vrouw glimlachte enkel en wees naar het bed.
Zonder erbij na te denken keek Eshe in dezelfde richting. Ze kon niet geloven wat ze zag. Op het bed zag ze haar eigen lichaam, via talloze kleine twijgdraden verbonden aan een immense houten machine die regelmatig een zacht bliepend geluid maakte.
“Wat is dit?”
Eshe voelde een hand op haar schouder. “Wacht even.”

Juist op dat moment werd er een deur dichtgeslagen. Een bezorgde Claudius liep de kamer binnen, op de hielen gevolgd door een man in een verfomfaaid pak.
“Doe iets.” Claudius greep de man bij zijn vest vast. “Jij hebt mij wijsgemaakt dat die houten machine werkt. Dat die haar terug tot leven kan wekken. Ze ligt nu al dagen aan dat rotding en nog steeds is er geen teken van leven.”
De man wrikte zich met veel moeite los uit de semi-dodelijke greep en nam even de tijd om zijn kleren terug recht te strijken.
“Ten eerste Claudius, is de medische houtkunde nog niet voldoende gevorderd. Althans niet om dezelfde successen te boeken die de geneeskunde kende voor De Grote Staalroof. Daarnaast zijn er wel degelijk veranderingen op te merken, al zeg ik het zelf.”
“Ze lijkt nog even dood als gisteren.”
“Heeft u de kleur op haar wangen al opgemerkt? Of het feit dat haar borst langzaam en traag op en neer beweegt? Dat wijst erop dat ze weer zelfstandig ademt.”
Waarom neemt Claudius al die moeite? Houdt hij toch van mij?
“Je staat op het punt om terug te keren in de wereld van de levenden.” 
Eshe draaide zich terug om en staarde in het glimlachende gezicht van de gevleugelde vrouw.
“Ik snap het niet. Hoe kan ik dood zijn?” 
Weer overspoelden herinneringen haar geest. Ze zag de pijlenregen. Ze rende ervan weg. Een pijl doorboorde haar rug. De pijn. De duisternis. 
Eshe snakte naar adem. Dit was te veel.
“Voordat je terug kunt gaan is er iets wat je moet weten.” 
De gevleugelde vrouw reikte met haar handen naar Eshe. “Neem mijn handen vast.”
Bijna in trance volgde Eshe het bevel op.
De kamer waarin ze zich bevond vervaagde langzaam. Eshe voelde gras onder haar voeten. Overal stonden bomen in alle vormen en maten. Daartussen groeiden bloemen in iedere denkbare kleur. In de verte hoorde ze duidelijk het geluid van klaterend water.
De figuur liet een van haar handen los en ging naast Eshe staan. Het was op dat moment dat Eshe de roodharige vrouw op de bank zag. Tranen liepen langzaam over haar wangen en vielen één voor één op de grond. De vrouw had iets herkenbaars. Eshe was ervan overtuigd dat ze haar eerder had gezien. Had ze iets te maken met het ritueel van De Eeuwige? Een man had zijn armen om haar heen geslagen. Het duurde even voordat Eshe hem herkende. 
“Besef je wel wat je hebt gedaan, Claudius?” De stem van de vrouw was doordrongen van ongeloof en verdriet.
“Er was geen keuze.”
“Er is altijd een andere keuze.”
“Deze keer niet. Er was geen andere manier om ons geloof veilig te stellen.”
“Dat ritueel had nooit plaats mogen vinden. Jij en dat vriendinnetje van je hadden nooit de zaden van Ygdrasil mogen eten.”
“Wat hadden we anders moeten doen? Toekijken hoe de levensboom en onze levensstijl zouden sterven? Nee, nu zijn we zeker dat we kans maken tegen de Indringers.”
“Niemand hoort over zo’n kracht te beschikken. Heb je er nooit over nagedacht wat dit betekent voor het weefpatroon van de schepping? Je moet dit bekennen aan de Hogepriesteres. Zij zal wel weten wat…” De vrouw snakte naar adem, sloeg haar handen om haar keel. Met haar vingers klauwde ze aan haar keel, alsof ze iets probeerde los te trekken.
“Ja, dat gaan we niet doen.” Claudius stond op en keek de vrouw aan met zijn befaamde koude blik. Verbijsterd keek ze Claudius aan.
“Wat… gebeurt… er?”
“Je had beter die wijn niet gedronken.”
Een glimlach sierde Claudius' gelaat.
Uit pure angst kneep Eshe in de hand van de gevleugelde vrouw. Ze wist niet wat ze zag. Gebeurt dit echt?
Het gezicht van de roodharige vrouw liep paars aan. In een vruchteloze poging om houvast te vinden, greep ze met haar handen naar Claudius. Hij nam enkel haar handen vast en keek haar spottend liefdevol aan.
“Vaarwel, moeder.”
Uit puur ongeloof liet Eshe de andere hand van de figuur los. Een misselijkmakende wirwar van kleur en geluid overrompelde haar, totdat enkel de duisternis en het bliepende geluid overbleven. Eshe voelde de matras in haar rug en de twijgdraden in haar armen. Ze probeerde om zich te bewegen, maar het lukte niet. Haar lichaam was te zwak.
In haar hoofd spookte slechts één enkele gedachte: wat had ze gedaan?

Zo dan, dat was weer een spannende aflevering! Heb je ook zo genoten van De Droomwever, laat dan hieronder zeker een berichtje achter voor Nielse. Niets is leuker voor een schrijver dan een reactie van de lezers.
Verhalenwevers is op het moment weer op zoek naar talentvolle auteurs. Ben of ken je iemand die het leuk vindt om een aflevering te verzorgen, laat het ons dan zeker weten.

Verhalenwevers #1 Houten hart Roderick Leeuwenhart

Verhalenwevers #2 Brandende vraag Liselotte Schoevaart

Verhalenwevers 3# Ontvlammende woede Kim Ten Tusscher

Verhalenwevers #4 Soma, geen jongen maar ook geen man Nienke Pool

Verhalenwevers #5 De zaden van Ulm Frank Norbert Rieter

Verhalenwevers #6 Soma's tweestrijd J. Sharpe

Verhalenwevers #7 Vuurvliegjes Anthonie Holslag



Reacties op: Verhalenwevers #8 De droomwever

Meer informatie

Gerelateerd

Gesponsorde boeken