Advertentie

VRAAG 7. DE MAGISTRATUUR (Leesclubdiscussie - spoilers toegestaan)

op 16 juni 2017 door

Nog een weekje en dan sluiten we deze leesclub af. In totaal komen tien vragen aan de orde. In deze vraag gaan we ons eens wat verdiepen in de 'magistratuur.'

De bende kon volgens mij ook zijn gang gaan omdat 'de magistratuur' niet op orde was. Aan het begin van deel 4 van 'Bloedbroeders' gaat het daarover. Vlaanderen was straatarm, kaalgeplukt, een kweekvijver voor criminelen. Straffeloosheid was troef. Het gerecht werd openlijk met de vinger gewezen. Er werd naar de pers gelekt. Kortom er zit spanning tussen de rechterlijke en politieke macht. De lokale diensten stonden te zeer onder invloed van een politieke leider. Volgens mij maakte de bende daar gebruik van.

VRAAG 7a. Maakt de bende bewust of onbewust gebruik van het vacuüm in alles wat met justitie te maken had? Ik ben van mening dat het onbewust was. Wat ze binnen kunnen halen graaien ze mee? Wat denken jullie en zijn er in het boek aanwijzingen voor te vinden?

VRAAG 7b. het valt me op dat de bevolking wel bang is, maar dat er nauwelijks iets gebeurt om de jacht op de bende te openen. Hoe zou dat toch komen? Een mogelijke aanwijzing voor jullie als volleerde speurneuzen: Michel Moors, prachtige beschreven door Guy Prieels als 'een speurder met een neus van een jachthond' krijgt het aanvankelijk ook niet voor elkaar.

VRAAG 7c. Een verdiepingsvraagje voor de Vlamingen en de enkele Brusselaar onder ons. Is er zoveel veranderd tussen de jaren waarin 'Bloedbroeders' speelt en nu voor wat betreft de magistratuur?  Is er van geleerd? Werkt men nu wel goed samen? Of zijn het vooral langzaam malende ambtelijke organisaties die gehuisvest zijn in grote eclectische torens, zoals het justitiepaleis in Brussel? Opvallend dat juist dat paleis hoogverheven macht uitstraalt en dat in Brussel terroristencellen gehuisvest waren.

Op de foto is Gentil Demeyer te zien. 1903 tot zijn overlijden in 1920 politiecommissaris te Melle, voorheen was hij veldwachter te Mariakerke (bij Oostende).  Naar aanleiding van een poging tot inbraak in het kasteel van de familie de Potter d'Indoye (de nacht van 12 op 13 juli 1920) achtervolgde hij leden van de bende Van Hoe-Verstuyft, ter hoogte van het kruispunt Akkerstraat en Brusselsesteenweg werd hij hierbij doodgeschoten. Gentil Demeyer liet een weduwe en twee nog levende kinderen na. Deze laatsten verhuisden kort na de moord van Gent naar Melle. (bron Erfgoedbank van Rode).



Reacties op: VRAAG 7. DE MAGISTRATUUR (Leesclubdiscussie - spoilers toegestaan)

Meer informatie

Gesponsorde boeken