Lezersrecensie
Een onmogelijke liefde in tijden van slavernij.
Tammye Huf schreef met ‘Een volmaakte eenheid’ een roman gebaseerd op het leven van haar betovergrootouders. Het verhaal speelt zich af tussen juli 1848 en maart 1850, maar in tijden van Black Lives Matter en een wereldwijd toenemend bewustzijn met betrekking tot het slavernijverleden van veel westerse landen, is deze roman zeer actueel.
Henry O’Toole ontvlucht de armoede en honger in Ierland en beproeft zijn geluk in Amerika. Daar ontmoet hij de zwarte slavin Sarah. Ze worden verliefd, maar hoe nu verder? Relaties tussen wit en zwart worden door de toenmalige gevestigde orde afgekeurd, sterker nog, in de staat Virginia is het zelfs van overheidswege verboden. Met de Bijbel in de hand en de wet aan hun kant, houden de witte machthebbers een systeem van misbruik en onderdrukking in stand, waar wij nu met verbazing op terugkijken. Henry en Sarah zullen heel wat hindernissen moeten overwinnen, wil er een toekomst voor hen zijn.
Het verhaal wordt afwisselend vanuit drie verschillende perspectieven verteld. Allereerst zijn daar de geliefden Henry en Sarah. Maar de derde vertelstem is minstens zo interessant: Maple. Deze Maple staat weliswaar hoger in de pikorde, maar is net als Sarah een slavin. Met een karakter dat (laat ik het netjes zeggen) toch wat onprettige, duistere kanten kent. Naarmate het verhaal vordert komen we er steeds meer achter waar de frustratie en de woede van Maple vandaan komen en zijn we er getuige van dat haar intriges steeds grotere vormen aannemen. Een verhaal over twee geliefden die door hun totaal verschillende achtergronden de grootste obstakels moeten overwinnen om samen te kunnen zijn, loopt het gevaar in clichés te verzanden, maar mede dankzij de aanwezigheid van de derde verteller, Maple, blijft het een spannend verhaal. Een verhaal over liefde, over moed, over mensen die bereid waren (en soms gedwongen werden) enorme offers te brengen. Maar ook een verhaal dat de lezer af en toe aan het denken zet. Wat is vrijheid? Hoe goed kan ik mij verplaatsen in de belevingswereld van de ander? Interessant is in dat verband het moment waarop Sarah Henry confronteert met het werk dat hij doet op de plantage. Henry is smid van beroep en is naast diverse andere klussen bezig halsringen, handboeien en kettingen te repareren. “Weet je wat dit zijn?”, vraagt Sarah hem. “Ze betalen me om dingen te maken, hier leef ik van”, zegt hij, maar daar neemt Sarah absoluut geen genoegen mee. Er ontspint zich een bijzondere discussie, waarbij Henry zichzelf moet gaan afvragen wat vrijheid is en welke keuzes een mens wel of niet kan maken.
Tammye Huf schreef een boek dat de moeite van het lezen waard is, waarbij het feit dat het op historische gebeurtenissen gebaseerd is, wat mij betreft bonuspunten oplevert.