Lezersrecensie

Kafka en diversiteit


Clara4 Clara4
2 mrt 2021

Gisteravond heb ik de Projectleider voor het slapengaan uitgelezen. Het was voor mij als gepensioneerd docent de ideale bedlectuur doordat het – goddank -- ontzettend weinig aanknopingspunten meer heeft met mijn (huidige) leven, zodat ik daar afstand van kon nemen en gruwend en lachend in slaap kon vallen. Het enige heel concrete punt dat ik in variatie herkende, was de afkortingencultuur, die ik heb leren kennen als een machtsmiddel: “if you can’t convince them, confuse them”, om de auteur te citeren. Er staan niet alleen (gender-)afkortingen maar ook termen als customer journey, brown papersessie, informatiemanager, insta etc etc.

Werkelijk, lachen en gruwen moest ik bijna op elke bladzijde, ook dankzij het mooie en goede taalgebruik. (Ik ben nergens over gestruikeld; heerlijk en niet meer vanzelfsprekend.) Pansexualiteit, bestaat dat woord werkelijk? Gendersoep is gewoon een kostelijk woord. Die houd ik er in. Evenzo die beeldbel-bila, hoewel ik niet weet of ik die onthoud, want hij bekt niet erg lekker.

Een van de mooiste momenten vond ik dat mijnheer Abdelhak niemand meer de hand mag schudden omdat hij geen onderscheid mag maken tussen man en vrouw! Ik genoot van die interculturaliteit, die naadloze samensmelting van tegenstellingen. Beter kun je de absurditeit niet samenvatten.

Huiveringwekkend vind ik dat de inhoud waar het bij een hogeschool om zou moeten draaien, het onderwerp of de onderwerpen van het onderwijs, nauwelijks ter sprake komt. Heeft de auteur dat bewust gedaan, om de leegte en waanzin te tonen? In elk geval toonde het werkelijk de leegte en de alleenheerschappij van een bepaald soort tirannie, technocratie, bureaucratie. Het herinnerde me in de verte aan mijn vergelijkenderwijs onschuldige ervaring aan de UvA tijdens de digitale becijfering. De brave Ali’s, Henken en Joesoefs en hadden bedacht dat docenten geen 0 of 0.5 meer konden geven. 1 was het minimum. (Misschien hadden ze voor bepaalde vakken zelf te vaak een 0 of 0,5 gekregen).

Mijn enige twijfel is er een in de marge. Het verhaal wordt gepresenteerd als een soort dagboek, compleet met vermelding van data. Maar de stijl is noch die van een dagboek, noch die van aantekeningen voor een collega, die objectiever zijn en niet hoeven te worden voorzien van data. De verteller heeft een vloeiend geformuleerd maar gedistantieerd (want geestig) en huiveringwekkend verslag geschreven. Het lijkt afkomstig van een onberoerde maar terzake heel kundige buitenstaander, die dank zij de afstand met wat hij/zij beschrijft (je ziet, ik durf geen geslacht meer te noemen!) enorm geestig kan vertellen en formuleren. Het verhaal draait om ‘transitie’. Ze zijn de hele dag met van alles in transitie. Maar als je het verhaal uit hebt, blijkt alles wat in verandering en in beweging was gezet, is mislukt, teruggedraaid of stilgevallen. Behalve met de portier in de eerste en laatste zin is aan het eind van het verhaal iets ‘gebeurd.’

Samengevat: een oergeestige schets van het kafkaëske "ziekmakende" kantoorleven.

Reacties

Meer recensies van Clara4

Boeken van dezelfde auteur