Lezersrecensie
Net niet origineel en zeker niet spannend genoeg…
Het boek ‘Ik zal de sleutel vinden’, geschreven door het schrijversechtpaar Alex Ahndoril (beter bekend als Lars Kepler), is een ouderwetse whodunnit over een moord op een afgelegen landgoed. De privédetective Julia Stark is ingehuurd door de gastheer, Per Günter Mott, nadat die na een familievergadering een merkwaardige foto van een bebloed lichaam op zijn telefoon heeft aangetroffen. Samen met haar ex-man Sidney reist Julia vervolgens af naar de plaats delict waar iedereen die betrokken zou kunnen zijn van de familie, plus het dienstmeisje, samen is gekomen om het mysterie op te lossen. Kortom, een veelbelovend concept waar, ondanks de ouderwetse setting, veel potentie in zat. Het boek viel echter een beetje tegen, en dit is waarom.
Ten eerste bevat het boek een eigenaardige schrijfstijl; erg terughoudend en feitelijk. Vanwege het observerende standpunt komt alles heel afstandelijk over. Ook biedt dit weinig ruimte voor de emoties van de hoofdpersonen. Dat is jammer, want nu is het moeilijk om je als lezer echt in te leven in de personages. Gelukkig bestaat het boek uit korte hoofdstukken die heel abrupt eindigen, wat er op de één of andere manier wel voor zorgt dat je blijft doorlezen. Tevens leest de schrijfstijl best aangenaam.
Ten tweede, het gebrek aan spanning. Dat is gelijk een heel groot minpunt, want spanning is simpelweg nergens te bekennen in die eenenveertig hoofdstukken! Waarschijnlijk is de grootste oorzaak de schrijfstijl, omdat je hiermee niet in het hoofd van de detective wordt gezogen. Zo krijg je dus niet alle belangrijke vorderingen van het onderzoek mee. Dit zorgde ervoor dat ik het hele boek niet door had hoe groot de zaak eigenlijk was. Voor mij ging het niet verder dan op willekeurige wijze personen ondervragen die er voor mijn gevoel niks mee te maken hadden… Als je als lezer ook maar een klein beetje meer mee zou krijgen van Julia’s gedachtegang, zou misschien eerder duidelijk worden hoe ingewikkeld het boek in elkaar zit. Spanning komt dan vanzelf.
Bovendien vond ik het plot hierdoor ook minder sterk. Het voelde bijna onrealistisch, omdat er in dat laatste hoofdstuk extreem veel informatie (bij)kwam. Dit komt dus doordat Julia niets van haar vorderingen deelde. Erg jammer, want de oplossing was wel briljant; uiteindelijk heeft het me toch met opengevallen mond achtergelaten.
Pluspuntje: De personages zijn mooi uitgewerkt. Ze praten allemaal op hun eigen manier waardoor het makkelijker wordt om ze uit elkaar te houden en ze hebben ieder een boeiend verleden dat invloed heeft op de verhaallijn. Goed gedaan, dus. Ook voel je als lezer de diepgang die de hoofdpersonen Julia en Sidney hebben met betrekking tot hun huwelijk/scheiding. Die roept vragen op die hopelijk beantwoord worden in deel 2.
De personages zijn dus goed neergezet, het plot is fijn onverwacht en al met al is het boek aangenaam om te lezen. Maar, omdat spanning duidelijk het belangrijkste element is van een goede mystery thriller en dat nergens te bekennen lijkt in dit boek, moet ik ‘Ik zal de sleutel vinden’ helaas drie sterren geven. Het boek is gewoon net niet origineel en zeker niet spannend genoeg. Jammer!
Deze recensie is geschreven als onderdeel van de 'Een boek voor een recensie' winactie tijdens de thrillerweken. Dank aan Hebban en Bruna!