Lezersrecensie

Een persoonlijk relaas van een Schotse militair in het Staatse leger


Hanrobe Hanrobe
28 mrt 2020

Dit met de Libris Geschiedenisprijs bekroonde boek is een biografie over John Gabriel Stedman, een Schot die diende één van de drie Schotse regimenten van het Staatse leger. Naast tal van andere bronnen is het grotendeels gebaseerd op Stedmans eigen memoires, dagboeken en zijn weergave van een vijfjarige expeditie naar Suriname, ‘Narrative of a Five Years’ Expedition against the Revolted Negroes of Surinam’.
John Gabriel was de zoon van de Schotse Robert Stedman en Antonetta Van Ceulen. Vader Stedman diende ook al in Nederland als militair in de Schotse Brigade die al sinds de Tachtigjarige Oorlog onderdeel van het Oranje Leger uitmaakte.
De memoires dienen overigens met een korreltje zout genomen te worden omdat Stedman zich sterk heeft laten beïnvloeden door een aantal avonturenromans uit zijn tijd.
Stedman diende vanaf 1760 in de Brigade. Een groot deel van zijn militaire loopbaan waren er geen oorlogshandelingen. Het dagelijks leven van de militair in vredestijd werd gekenmerkt door ‘vechtpartijen, drinkgelagen, kaart- en goksessies, ruzies over vrouwen en prostitutie’ en Stedman deed daar vol overgave aan mee. Interessant aan het eerste deel van het boek vond ik de beschrijving van de garnizoenssteden waar Stedman achtereenvolgens gelegerd was, zijn contacten met familie, vrienden en meer zakelijke contacten tot en met die met de stadhouder, de Prins van Oranje.
Eind 1772 werd Stedman bevorderd tot kapitein en vertrok hij met een expeditieleger van 500 man met drie schepen naar Suriname met als opdracht een eind te maken aan de marronage, weggelopen slaven die aanvallen uitvoerden op de plantages waarvan er in die tijd ongeveer 600 bestonden.
Suriname werd in die tijd bevolkt door 2600 vrije mensen, vooral Europeanen, 1200 militairen en ± 60.000 slaven en was eigendom van de handelscompagnie, de Geoctroyeerde Sociëteit van Suriname.
Het boek bevat een fraaie beschrijving van het dagelijkse leven in Paramaribo en op de plantages waarbij vanaf het begin Stedmans afkeer opvalt van de wrede lijfstraffen en mutilaties waarmee de slaven werden beboet bij overtreding van de leefregels.
In 1773 sloot Stedman een zogenaamd Surinaams huwelijk met de 15 jarige mulattin Joanna, een contract tussen Stedman, Joanna, haar familie en haar eigenaar. Uit dit ‘huwelijk’ werd een zoon, Johnny geboren die hij later kocht en vrijmaakte. In 1784 liet hij Johnny, toen negen jaar, overkomen naar Maastricht. In 1792 zou Johnny als zeeman bij een zwempartij verdrinken.
De expedities naar de binnenlanden verliepen dramatisch. Door ziekte, ongedierte, weersomstandigheden, ongeschikte uitrusting, te kleine rantsoenen en onwennigheid in het terrein keerden volgens Stedman van de in totaal 1200 man uiteindelijk maar 100 terug naar Nederland waarvan slechts drie nooit ziek geweest waren. Enkelen bleven levend achter in Suriname.
Stedman keerde in 1777 terug. Joanna bleef als huisslavin achter bij een weduwe en overleed daar in 1782. Stedman nam zijn vele aantekeningen, gedichten, schilderijen en tekeningen mee terug die later de basis zouden vormen voor zijn boek over Suriname.
Met zijn Schotse regiment trok Stedman de volgende jaren weer langs diverse garnizoenssteden tot in 1780 de Vierde Engelse Oorlog uitbrak. De Schotten hadden trouw gezworen aan zowel de Engelse koning als aan de Prins van Oranje en dat leverde in 1782 een loyaliteitsprobleem op. Stedman koos voor de Engelse koning. In 1783 huwde hij de 17-jarige Adriana Wierts om vervolgens in 1784 met haar en Johnny naar Engeland te verhuizen. Het gezin, inmiddels uitgebreid met een zoon, George William, belandde na omzwervingen in Tiverton, Devon. Stedman kreeg wachtgeld van het Engelse leger en zou mede om gezondheidsredenen nooit meer in actieve dienst komen.
Het gezin werd later nog uitgebreid met dochters Sophia Charlotta, Maria Joanna en zoon John Cambridge.
Vanaf mei 1786 werkte Stedman aan zijn Surinameboek, in 1790 was de oorspronkelijke versie klaar die overigens pas in 1988 (!) gepubliceerd zou worden. Het is een mix van informatie op allerlei gebied over Suriname en een autobiografisch verhaal met ook veel aandacht en begrip voor de slaven, ook voor de marrons. Voor afschaffing van de slavernij en slavenhandel was hij overigens niet hoewel de roep daarom in het Engeland van die dagen steeds sterker werd, wel voor een humane behandeling van de slaven.
In 1796 verscheen van het boek een zeer sterk door de uitgever geredigeerde gedrukte versie waarbij standpunten van Stedman soms radicaal omgedraaid werden. Met name de gravures van de lijfstraffen zouden diepe indruk maken.
Al met al is ‘Dichter in de Jungle’ een boek dat vanuit het individu een mooie blik gunt op het leven in de 18e eeuw en de historische gebeurtenissen die toen plaatsvonden. Met name ook het gedeelte over Suriname en het plantageleven aldaar zijn indringend en verhelderend.
Hoewel in sommige gedeelten de eigen aantekeningen van Stedman naar mijn idee wat al te letterlijk gevolgd worden en veel feiten meerdere keren achtereen vermeld worden, is het een alleszins lezenswaardig boek.

Reacties

Meer recensies van Hanrobe

Boeken van dezelfde auteur